Door de fors gestegen brandstofprijzen tankten mensen de afgelopen tijd anders dan normaal. Dat constateert ING, dat de pintransacties analyseerde.
We gaan nog steeds ongeveer even vaak naar het tankstation als een half jaar geleden. Maar in die periode zijn de prijzen met zo’n 30 procent gestegen, terwijl de totale waarde van pinbetalingen bij tankstations slechts steeg met zo’n 15 procent. ING heeft daar 2 verklaringen voor. “Consumenten reageren op de hogere prijzen door vaker weg van de snelweg en bij goedkopere pompen te tanken”, aldus econoom Marten van Garderen. De andere verklaring is volgens hem dat mensen de tank met minder brandstof dan normaal vullen en vervolgens ook minder kilometers maken.
De hoge benzineprijzen zijn volgens ING nog eens extra slecht voor de economie omdat we olie hoofdzakelijk importeren. “Het bedrag dat huishoudens extra kwijt zijn aan brandstof vloeit grotendeels weg naar het buitenland”, aldus de bank. “Dit geld kan dus niet binnenlands worden besteed aan iets anders, bijvoorbeeld aan een restaurantbezoek of een uitje in het weekend”. In dat opzicht is het voor de Nederlandse economie dus goed als mensen proberen minder uit te geven aan brandstof door goedkoper te tanken en minder te verbruiken. Want dan houden we toch iets meer over dat we kunnen uitgeven aan binnenlandse bestedingen.
De regering probeert ook iets te doen aan de ‘pijn aan de pomp’. Vanaf 1 april gaat de accijns op benzine (-17 cent), diesel (-11 cent) en LPG (-4 cent) omlaag. Dat betekent dus dat van de ene op de andere dag tanken een stuk goedkoper wordt. België ging afgelopen weekend Nederland al voor met zo’n maatregel. Dat leidde tot lange rijen met Nederlandse automobilisten bij tankstations net over de grens in België. Want daardoor werd het prijsverschil tussen hier en daar tanken nog groter, zo rond de 50 à 60 cent per liter benzine. Vanaf 1 april is dat verschil dus weer kleiner.
