Om de hoge brandstofprijzen te compenseren, wil een meerderheid in de Tweede Kamer de kilometervergoeding sneller verhogen. Het zou gaan om een verhoging naar in eerste instantie 21 cent, en een jaar later naar 23 cent per kilometer. Dat is nu 19 cent.
Een VVD voorstel om de eerste verhoging al in 2023 door te voeren in plaats van in 2024, zoals het kabinet van plan was, krijgt steun van een Kamermeerderheid. Dat werd duidelijk in het debat met het kabinet over het koopkrachtverlies en de stijgende energieprijzen. De onbelaste vergoeding staat al sinds 2006 op 19 cent per kilometer.
De gemiddelde koopkracht in Nederland is de afgelopen maanden flink afgenomen door onder meer de gestegen prijs van gas, diesel en benzine. Een van de belangrijke redenen daarvoor is de oorlog in Oekraïne. Het kabinet had in het coalitieakkoord al besloten de kilometervergoeding te verhogen. Het zou gaan om een stijging in 2024 naar 21 cent en vanaf 2025 naar 23 cent.
In elk geval VVD, CDA, PVV, JA21 en de PvdA willen die eerste verhoging nu al vanaf volgend jaar. Dat moet worden betaald door het eerder afschaffen van het belastingvoordeel voor schenkingen van tot 100.000 euro voor de koop van een huis, de zogeheten jubel ton. VVD Tweede Kamerlid Eelco Heinen ziet dit als een goede manier om de koopkracht van werkende Nederlanders te repareren. “Er is eerder ook gezegd dat de afschaffing van de jubel ton niet sneller kon. Dat bleek toch te kunnen. Met dezelfde blik kijk ik naar de verhoging van de onbelaste reiskostenvergoeding”.
Hij hoopt dat het kabinet de kilometervergoeding naar voren kan halen. “Van goedkoper schenken naar goedkoper tanken. En omdat die kilometervergoeding ook voor het Openbaar Vervoer geldt, kun je zeggen: van jubel ton naar jubel wagon”. Maar voor een deel van de Tweede Kamer gaat deze verhoging niet ver genoeg. PvdA Tweede Kamerlid Henk Nijboer noemt de hogere vergoeding wel een goed begin. “Maar ik vind die paar cent nog wel veel te mager”.
