De nog tamelijk kraak-verse Renault Symbioz komt qua afmetingen, kofferbakvolume en, sinds kort ook, motorvermogen dichter in de buurt van de Austral dan de Captur waarvan hij is afgeleid. Toch is er sprake van een prijsverschil van 8,5 mille. Betekent dit dat de Symbioz de betere koop is?
Kort door de bocht is de 4,41 meter lange Symbioz, de zevende (!) SUV in het gamma van Renault, een met 17 centimeter uitgerekte Captur. Vooral het kofferbakvolume profiteert van de langere wielbasis. Afhankelijk van de positie van de verschuifbare achterbank, is die namelijk tussen de 434 en 548 liter groot. Daar kan de 4,24 meter lange Captur Full Hybrid (305 tot 419 liter) niet aan tippen. De Symbioz heeft een kofferbakformaat dat vrijwel identiek is aan dat van de 4,52 meter lange Austral: 430 tot 555 liter.


Minder dan een jaar na de commerciële lancering heeft de Renault de Full Hybrid aandrijflijn van de Symbioz vervangen. Vaarwel voor de 1.6 E-Tech techniek met een gecombineerd vermogen van 145 pk, en een welkom voor de 160 pk sterke 1.8 unit. Dit verkleint het verschil in vermogen met de Austral. Die beschikt over een hybride aandrijflijn op basis van de 3-pits 1,2 liter 3 cilinder turbomotor en is goed voor een gecombineerd vermogen van 200 pk. Ter herinnering: de atmosferische benzinekrachtbron levert in de Symbioz 109 pk. De Austral is goed voor 130 pk, terwijl hun elektromotoren daar 68 pk respectievelijk 49 pk aan toe voegen. De 2 hybride SUV modellen van Renault delen echter dezelfde versnellingsbak.


Na testervaring met de Symbioz Full Hybrid 145, zijn de kleine verschillen met deze nieuwe Full Hybrid 160 aandrijflijn al snel merkbaar. De versnellingsbak, die als ‘sneller en soepeler schakelend’ wordt aangekondigd, werkt echter nog steeds niet helemaal schokvrij, met name bij het remmen rond de 60 km/u en vlak voor stilstand. Het acceleratievermogen van de Symbioz profiteert echter duidelijk van de grotere motorkracht. De standaardsprint (0 naar 100 km/u) duurt 9,1 seconden in plaats van voorheen 10,6 seconden. Het brandstofverbruik is tegelijkertijd gedaald: slechts 4,6 liter per 100 km in en om de stad en 6,3 liter op de snelweg bij 130 km/u. Dat is 0,2 respectievelijk 0,3 liter per 100 km minder dan de vorige, minder krachtige, versie!

De Symbioz Full Hybrid blijft helaas zijn gebreken houden wanneer hij op zijn staart getrapt wordt. De nieuwe eindoverbrenging (“beter geschikt voor snelweggebruik” volgens Renault) lijkt het geluidsniveau te verhogen vanaf 110 km/u, terwijl de transmissie nog steeds weinig trek toont in een sportieve rijstijl. Bij het beklimmen van heuvels worden de onverminderde traagheid van de versnellingsbak en de grote gaten tussen de versnellingen duidelijk, waardoor de atmosferische viercilindermotor piept wanneer er vermogen nodig is. In deze aarzelende fases is het moeilijk voor te stellen dat er 160 pk onder de motorkap sluimert. Ondanks zijn superieure vermogen geeft de Symbioz zodoende nog steeds de voorkeur aan een ontspannen rijstijl. Hij presteert het beste in de stad, waar langer op elektriciteit kan worden gereden dan in een Hybrid model van Toyota. De overgang naar de modus met ingeschakelde verbrandingsmotor verloopt soepel, maar er zijn iets meer uitgesproken schokken dan voorheen bij het herstarten of loslaten van het gaspedaal. Tot slot start de benzinemotor, net als voorheen, soms onverwachts opnieuw op (bij een rood stoplicht of bij lage snelheid), vooral bij kou of in de winter om een goede bedrijfstemperatuur te behouden.

Wanneer er vervolgens in de Austral wordt gestapt, dan valt direct op dat de versnellingspook zich achter het stuur bevindt in plaats van tussen de stoelen. Op de hoge middenconsole kan men de rechterarm horizontaal op laten rusten; bij de Symbioz, die een veel smallere cabine heeft, is dit niet mogelijk. Het gaat om een verschil van 8 centimeter; feitelijk het onderscheid tussen een B-segment en een C-segment auto. De draaicirkel van de Austral is met 11,1 meter identiek aan die van de Symbioz, maar kan worden verkleind door te kiezen voor achterwiel besturing (kost 1.500 euro en levert een 10,20 meter grote draaicirkel op). Ook bij de Austral is sprake van onverwachte starts van de benzinemotor om de accu op te laden blijven, maar dat komt tot een andere manier tot uiting. Het herstarten resulteert in lichte trillingen in de stoel en pedalen, en niet in hoge tonen zoals bij de Symbioz.

De 1,2 liter turbomotor van de Austral moet echter minder frequent in actie komen dan de 1.8 unit van de Symbioz want met 68 pk in plaats van 49 pk en een grotere accucapaciteit (2 kWh in plaats van 1,4 kWh) maakt de eerste Renault frequentere elektrische fasen mogelijk: bijvoorbeeld als je wilt versnellen van 50 naar 60 km/u hoef je het rechterpedaal niet met fluwelen voet te bedienen. De verschillen buiten de stad worden groter omdat de vernieuwde Austral meer comfort biedt (andere schokdempers en aanslagrubbers, overgenomen van de Rafale), ondanks de standaard 20-inch wielen van de Esprit Alpine uitvoering (19 inch voor de gelijknamige Symbioz). De wendbaarheid van het onderstel in bochten is ook superieur, zelfs zonder achterwielbesturing, wat het gevoel van lichtheid vergroot. De vooras is scherper, de rolneiging wordt beter beperkt en het gripniveau is hoger. Maar hoewel de Austral krachtiger is dan de Symbioz, is zijn transmissie bij hoge snelheden net zo traag.

Het rempedaalgevoel blijft voor verbetering vatbaar, maar de Austral profiteert van flippers aan het stuur om de energierecuperatie in 3 standen in te stellen (bij de Symbioz is er alleen een B modus op de hendel). Net als bij zijn kleine broertje heeft de klauwschakeling echter een hekel aan al te dynamisch rijden, met traagheid en aanhoudende aarzeling ondanks de elektronische regeling, die tijdens de facelift eveneens werd herzien. De gelijkmatigere acceleratie verkort echter de volgasfases, waarin de motor minder piept dankzij de eerdere beschikbaarheid van koppel. Het hogere vermogen en gewicht hebben invloed op het brandstofverbruik, dat onvermijdelijk hoger is dan dat van de Symbioz, maar nog steeds zeer redelijk voor zijn formaat: minimaal 5 liter per 100 km in en om de stad en 6,9 liter op de snelweg. Dat is 0,4 respectievelijk 0,6 liter per 100 km meer. Windgeruis is sinds de facelift beter gedempt. Directe concurrenten doen het nog beter, maar het verschil met de Symbioz werkt hier in het voordeel van de Austral.

Net als de vernieuwde Captur beschikt de Symbioz over het inmiddels veelvuldig geprezen infotainmentsysteem met Android Automotive, direct vanaf de Techno-uitvoering. Het systeem is snel, intuïtief en integreert Google Maps voor gps-navigatie (uitstekende POI’s en verkeersinformatie). Het beschikt ook over een zeer leesbaar en aanpasbaar digitaal instrumentenpaneel. Dit is met name geschikt voor het weergeven van Waze-kaarten als een smartphone wordt gesynchroniseerd via Android Auto of Apple CarPlay (draadloos beschikbaar); een functie die nog maar al te zeldzaam is in moderne auto’s. De ergonomie profiteert van de fysieke bedieningselementen voor onder andere de temperatuur aan boord en het uitschakelen van vervelende meldingen, en je vraagt je af op welke manier de Austral zich in positieve zin kan onderscheiden, met zijn identieke besturingssysteem en bedieningselementen. Maar dan onderschat je dit Renault model …

De grote broer beschikt allereerst over royalere digitale displays (12 inch voor het instrumentenpaneel en het centrale scherm, vergeleken met respectievelijk 10 en 10,4 inch voor de Symbioz), aangevuld met een optioneel helder en ontspannend head-up display (800 euro). De opbergvakken lijken royaler, ondanks de merkwaardige verschuifbare handsteun, waarvan de functie nog onduidelijk is. Wat de presentatie betreft, die al aantrekkelijk was in de Symbioz, oogt deze luxueuzer in de Austral dankzij de talrijke Alcantara-afwerkingen (bekleding, dashboard, stuurwiel), de nieuwe, beter ondersteunende stoelen en de instelbare sfeerverlichting.

De kofferbak van de Symbioz is weliswaar net zo ruim als die van de Austral, maar biedt minder functies: er is geen standaard elektrische achterklep (maar onderdeel van een pakket van 2.000 euro), geen treklipjes om de rugleuningen vanuit de kofferbak neer te klappen, en een uit één stuk bestaande verschuifbare achterbank waarmee je minder gemakkelijk kan variëren met de verhouding tussen ruimte voor de passagiers achterin en het formaat van de kofferbak. De achterbank van de Austral heeft bovendien drie kantelstanden, een 5 cm ruimere kniecirkel en 8 cm meer elleboogruimte. De Symbioz betaalt hier voor zijn platform, geleend van de Captur (en de Clio!), dat noodzakelijkerwijs smaller is dan dat van de Austral.

De Symbioz kost als Full Hybrid 160 in Esprit Alpine tenue 39.090 euro. Een fors bedrag, maar toch aanzienlijk minder dan de 47.490 euro die de Austral Full 200 Iconic Esprit Alpine moet opbrengen. De laatste beschikt echter over een superieure standaarduitrusting: semi-autonoom rijsysteem, dodehoekbewaking, verwarmde en elektrisch verstelbare voorstoelen (zelfs met massagefunctie aan de bestuurderszijde!), bekleding van gemengd Alcantara in plaats van kunstleer, automatische aanpassing aan de voorkeuren van degene die achter het stuur stat dankzij een camera die tot 5 personen herkent. Alles is optioneel in de Symbioz. Of zelfs helemaal niet beschikbaar. Daarnaast gaan leasebedrijven er van uit dat de Austral na 3 jaar bij inruil meer waard zal zijn dan de Symbioz. Deze prognose zal ook zichtbaar zijn bij de private leasetarieven, waardoor het kostenverschil van 8.400 euro verkleind wordt tot ‘slechts’ circa 2.500 euro.

Renault Symbioz vs. Austral: mijn mening
De Symbioz, die evenveel bagage kan vervoeren voor een aanzienlijk lagere prijs, leek de favoriet te zijn ten opzichte van de Austral. Maar hoewel hij zich staande houdt in stedelijke en voorstedelijke gebieden, ondervindt de kleinere SUV vervolgens nadelen van zijn oorsprong oftewel het gedeelde platform met de Captur en de Clio. De breedte van de cabine, de moduleerbaarheid, het comfort en de geluidsisolatie schieten allemaal tekort ten opzichte van de Austral, die zijn belangrijkste tekortkomingen met de facelift heeft overwonnen (behalve het gebrek aan talent voor een dynamisch rijstijl, maar de Symbioz scoort wat dit betreft niet beter).
Voor de rol van ‘belangrijkste auto in een huishouden’ is de Austral zijn meerprijs meer waard, die bovendien lager uitvalt dan hij lijkt als je de restwaarde in ogenschouw neemt. Investeer je in de Austral, dan krijg je een gastvrije en goed afgewerkt interieur, een superieure standaarduitrusting en een hoger comfortniveau. Nadelen van deze Renault dat veel zaken op de optielijst staan, ondanks de royale standaarduitrusting en zijn versnellingsbak die te traag zijn werk doet voor een dynamische rijstijl. De Symbioz is zuiniger en goedkoper, maar heeft een smaller en minder flexibel. Bovendien is zijn geluidsisolatie minder goed. Verder heeft de Symbioz dezelfde versnellingsbak die te traag is voor een dynamische rijstijl.

Gegeven de royalere standaarduitrusting van de Austral is er wat voor te zeggen om diens Techno uitvoering te vergelijken met de Symbioz Esprit Alpine. Dan is het prijsverschil nog maar 5.500 euro. Het daadwerkelijke verschil in autokosten zal kleiner uitvallen als je ook de hogere inruilwaarde van de Austral meeneemt. Zit er financieel echt niet meer in dan de 39.090 euro die de Symbioz moet opbrengen? Kijk dan ook eens naar de Captur. Die is in dezelfde uitvoering 1.600 euro goedkoper. Heb jij die extra bagageruimte wel nodig? Voor veel ‘empty nest’ huishoudens zal dit niet het geval zijn. En ik voel aan mijn water dat de Captur met zijn duidelijkere SUV karakter straks beter inruilt dan de fletse Symbioz.
Al met al doet de Symbioz mij denken aan de Renault 6. Hoewel dit model ruim 10 jaar in productie is geweest en dus moeilijk gesproken kan worden van een flop, was hij lang niet zo succesvol als de 4 en 5. Hoewel Renault daar wel een beetje op gerekend had. Bij het debuut van de eerste generatie Captur vergeleek ik dat model met de originele 4. Qua populariteit bleek dat hout te snijden (het is nog maar afwachten of de 4 E-Tech een groot verkoopsucces wordt; ik heb er een hard hoofd in). Welnu, als de Captur de échte nieuwe Renault 4 is, dan is de Symbioz de Renault 6. Die moest zijn meerwaarde ook deels hebben van zijn grotere bagageruimte. Breekpunt was evenwel de smalle carrosserie van de Renault 6. Een probleem waar ook de Symbioz mee kampt. Ik eet daarom mijn hoed op als de Symbioz een groot succes gaat worden …

