Opel moet snel hervormen

0

Stilte voor de storm. Zo kan je de situatie bij Opel bestempelen. PSA, de nieuwe eigenaar van het automerk, heeft aangegeven de huidige afspraken met de Duitse vakbonden te zullen respecteren. Dit betekent concreet dat er tot eind 2018 geen ontslagen zullen vallen. En dat alle toezeggingen over investeringen in de periode tot 2020 in tact blijven.

Maar dan. Als Opel over 2 à 3 jaar niet winstgevend is, dan zal Carlos Tavares, de topman van PSA, genoodzaakt zijn om hard in te grijpen. En Opel moet sowieso wat doen aan de enorme overcapaciteit in haar Duitse fabrieken. Toch is het niet zozeer het productiepersoneel dat zich zorgen moet maken, maar de 7.700 ingenieurs en technici die Opel op haar hoofdkantoor in Rüsselsheim in dienst heeft. Zij vinden momenteel wielen uit waarvan Tavares vindt dat dit net zo goed kan gebeuren door zijn eigen 13.000 ingenieurs in Frankrijk. Scheelt een hoop geld.

Tavares heeft aangegeven dat er over 10 jaar geen technische verschillen meer zullen zijn tussen de modellen van Citroën, DS, Opel en Peugeot. Dit betekent dat alle R&D activiteiten gecentraliseerd gaan worden. En Tavares kan het in eigen land niet verkopen als het ontwikkelingscentrum in Parijs daarbij aan het kortste eind trekt. Oftewel: de ingenieurs en technici van Opel kunnen beter op zoek gaan naar een andere baan. Tavares heeft gezegd dat het merk zijn Duitse karakter niet zal verliezen, maar dat zal vooral tot uiting komen in de styling en met door de marketingafdeling verzonnen mediacampagnes.

Om Opel uit de rode cijfers te krijgen, wil Tavares jaarlijks 1,7 miljard euro besparen. Hij denkt dit te kunnen realiseren met schaalvoordelen bij de gezamenlijke inkoop, een efficiëntere productie en door de krachten op het gebied van platformontwikkeling te bundelen. Deze maatregelen moeten Opel in 2020 weer winstgevend maken. En in 2026 moet er een rendement van 6 procent gerealiseerd worden. Die winstdoelstelling gaat niet perse ten koste van de consument, want door gezamenlijk in te gaan kopen met PSA, kunnen componenten die nodig zijn voor onderhoud goedkoper worden.

In Rüsselsheim is men, mede vanwege de stilte voor de storm, tamelijk relaxt over de Franse machtsovername. De vorige moeder, General Motors, gold als onberekenbaar. In 2009 wilde die Opel nog verkopen aan toeleverancier Magna, maar om één minuut voor twaalf bedacht men zich en werd het aanbod ingetrokken. Op papier krijgt General Motors van PSA 2,2 miljard euro voor de Opel / Vauxhall divisie, maar de Amerikanen hebben toegezegd pensioenverplichtingen à 3 miljard euro voor hun rekening te nemen. Waardoor Tavares feitelijk geld toe krijgt bij de overnamedeal.

Opel zal de komende 12 maanden 3 modellen op basis van PSA techniek lanceren. Die zaten al in de pijplijn op het moment dat de overname begin maart beklonken werd. Het gaat om de Crossland X (een cross-over op basis van de Peugeot 2008 die de Meriva vervangt), de Grandland X (idem, maar dan met de Peugeot 3008 als basis en bedoeld als opvolger van de Zafira die in 2019 uit productie gaat) en een nieuwe Combo (het huidige model is een herlabelde Fiat).

Door de Franse overname ligt Opel niet meer aan een Europese ketting, in de zin dat het merk nu ook auto’s in andere marktregio’s mag gaan verkopen. General Motors wilde dat in het verleden niet hebben. Maar Opel zou een fout begaan als zij met oogkleppen op naar nieuwe afzetmarkten aan de horizon kijkt. Eerst moet er weer geld verdiend worden met de verkoop van auto’s op de thuismarkt. De klok tikt en over 2 à 3 jaar tijd zal Tavares de balans op maken …

Reageren is niet mogelijk.