Fiat terug bij af op Amerikaanse markt

0

Fiat is terug bij af op de Amerikaanse automarkt. Na een korte hype in de Verenigde Staten over de comeback van de 500 in 2010, is de liefde voor de Italiaan nu duidelijk bekoeld, al komt dat ook omdat de consument aldaar momenteel compacte en zuinige, schone modellen sowieso links laat liggen.

Het zijn andere tijden: Barack Obama, die het failliete Chrysler voor een appel en een ei verkocht aan Fiat, is verdwenen en de hoge olieprijzen ook. Amerikanen kunnen daardoor weer hun oerdrift botvieren: rondrijden in een grote auto met een dikke motor. De Fiat 500 heeft in een dergelijk klimaat niks te zoeken.

Het Italiaans/Amerikaanse concern heeft inmiddels modellen die op verzoek van Obama met Fiat techniek werden ontwikkeld (de Dodge Dart en de Chrysler 200) alweer uit productie genomen. Wil je in de Verenigde Staten dingen naar de kopersgunst, dan moet je maximaal inzetten op dikke pick-ups. Het merk Ram, dat hierin gespecialiseerd is, doet het dus goed. Jeep ontspringt eveneens de dans. Maar Fiat, Dodge en Chrysler hebben het moeilijk.

Het is niet alleen de 500 die in de Verenigde Staten de status van winkeldochter heeft. Ook de 500L laat zich amper op de Amerikaanse markt verkopen. Sterker nog: concerntopman Sergio Marchionne geeft ruiterlijk toe dat het een mistekening is geweest om dit model in de Verenigde Staten te lanceren. Het is leuk dat de Paus er in kan worden gesignaleerd, maar het geeft gelijk de wereldvreemde uitstraling van het model aan.

Voor de 500 was 2011 het eerste volle verkoopjaar. De Fiat maakte toen niet bepaald een vliegende start, iets wat door Marchionne achteraf wordt verklaard door de niet optimale timing van de marktintroductie. Maar in 2014 had de verkoop van de 500 een heel aardig niveau bereikt met uitschieters naar 4.000 registraties per maand. Helaas is de belangstelling voor de Fiat daarna gestaag gedaald. Vorige maand vonden slechts 1.201 exemplaren een koper.

De 500L is inmiddels door Fiat opgegeven: in april waren er slechts 115 klanten voor. Dit in juni 2013 op de Amerikaanse markt gelanceerde model heeft zijn verkoophoogtepunt al lang achter zich liggen. En meer dan 1.400 stuks per maand zijn er nooit van verkocht. De vorig jaar geïntroduceerde 500X lijkt het tij voor Fiat niet te kunnen keren: afgelopen maand werden slechts 758 exemplaren afgeleverd. De reïncarnatie van de 124 Spider (debuut: juni 2016) heeft evenmin tot een run op de showrooms geleid: in april bleef de verkoopteller steken op 465 eenheden.

In Europa zijn de 500, de 500L en de 500X allemaal min of meer volumemodellen. Maar een dergelijke status heeft het trio in de Verenigde Staten niet kunnen bereiken. Het zijn op hun best nicheproducten, met een relatief hoog verkoopaandeel van de Abarth versies. De elektrische variant van de 500 is ook een echte outsider.

Fiat heeft nu, om de verkoop van de 500 aan te zwengelen, op de Amerikaanse markt 3 nieuwe koetswerkpakketten geïntroduceerd. Voor de Abarth uitvoering gaat het daarbij om speciale strepen, andere spiegelkappen en een in een contrasterende kleur uitgevoerd dak (naar keuze zwart, rood, wit of grijs). Voor de gewone 500 is er een soortgelijk pakket met als belangrijkste kenmerk tweekleurige lak. Verder kan de Amerikaanse klant nu opteren voor het Sport Black. Die onderscheidt zich door een zwart dak, idem spiegelkappen, donkere 16-inch lichtmetalen velgen, speciale zijschorten en geheel in carrosseriekleur gespoten bumpers.

Of de pakketen het tij kunnen keren, is twijfelachtig. De 500 blijft voor Amerikaanse begrippen een minuscuul autootje; eerder een stuk speelgoed dan een volwassen personenwagen. Maar gedeelde smart is halve smart. Ook met de andere naamgever van het concern, Chrysler, gaat het zoals gezegd niet goed. Dit merk heeft nog slechts 2 modellen over: de 300 en de Pacifica. Het is bij wijze van spreken goed dat Lee Iacocca nog leeft, want anders zou hij zich omdraaien in zijn graf.

Gelukkig is er de dochter Alfa Romeo nog. Diens Giulia is door de Amerikaanse pers zeer goed ontvangen (dat de carrosserievorm ‘sedan’ is, vindt men geen enkel bezwaar) met als gevolg 634 klanten in april. Het grootste succes wordt echter behaald door een andere Fiat dochter: Jeep. Dat merk wist afgelopen maand liefst 8.619 exemplaren van de in Italië gebouwde Renegade te verkopen in de Verenigde Staten.

De Renegade trok dus in april bijna 12 keer zoveel kopers dan de technisch identieke 500X. Bij ons staat de teller na 4 maanden op 175 respectievelijk 231 exemplaren. Fiat heeft op de Amerikaanse markt dus nog een hele lange weg te gaan. Wellicht dat de volgende generatie 500 betere afzetperspectieven heeft, bijvoorbeeld als er een Giardiniera uitvoering aan het gamma wordt toegevoegd zodat je er ook mee naar de Wal Mart kan.

Of gewoon een 5-deurs versie. Dat zou de 500 een stuk minder onpraktisch maken. En een échte Cabrio zou in de zonovergoten delen van de Verenigde Staten natuurlijk ook helpen. Als Fiat Chrysler hier zelf de centen niet meer voor heeft, dan moet zij zich maar laten overnemen door Volkswagen.

Reageren is niet mogelijk.