Het zal even wennen zijn: komende persconferenties van Mercedes zullen niet meer geleid worden door Dieter Zetsche. Hij vertrekt namelijk als bestuursvoorzitter van het Daimler concern. Er zal dus geen opvallende snor meer zijn die aankondigt hoeveel winst er in het afgelopen kwartaal / jaar gemaakt is. De markante Duitser verlaat Mercedes oktober volgend jaar voor touroperator TUI.
De beslissing van Zetsche betekent een einde aan een hoofdstuk van 12 jaar op de hoogste verdieping bij Mercedes. Zetsche nam zijn huidige functie in 2006 op, maar is eigenlijk al sinds 1976 in dienst bij Daimler. Onder zijn leiding is BMW van de troon gestoten als grootste premium automerk ter wereld. De verkoopvoorsprong van Mercedes lijkt met de dag groter te worden. Het contract van Zetsche werd begin 2016 tot eind 2019 verlengd, maar die termijn zal de in Istanboel geboren Duitser niet meer volmaken.
Ook bij reisorganisator TUI krijgt Zetsche een bestuursfunctie als voorzitter. Daar volgt hij Klaus Mangold op. Wie het stuur van de man met de imposante snor overneemt bij Daimler is officieel nog niet bekend. In de wandelgangen valt te vernemen dat dit Ola Källenius gaat worden. Zetsche volgt bij TUI Klaus Mangold op.
Doordat Zetsche stopt als topman van een Europese autofabrikant, kan/mag hij ook geen voorzitter meer zijn van de overkoepelende Europese auto-organisatie ACEA. Daar maakt Duitsland maakt plaats voor Portugal, want de CEO van de PSA Groep (waartoe sinds dit jaar, naast Citroën / DS / Peugeot, ook Opel / Vauxhall behoren), Carlos Tavares, volgt de Daimler baas op. De wisseling van de wacht bij de Europese autolobby vindt plaats op 1 januari 2018. Zetsche is gedurende 2 termijnen (2016 en 2017) voorzitter geweest van de ACEA.

Voor Tavares wachten veel uitdagingen. Onder druk van de buitenwacht (politiek, publieke opinie) zal er een plan opgesteld moeten worden om de CO2-uitstoot van auto’s verder terug te dringen. De PSA topman zal zich daarbij moeten bewijzen als koorddanser, want het plan moet enerzijds ambitieus genoeg zijn om critici de mond te snoeren, maar anderzijds realistisch genoeg om de eigen achterban niet te laten klagen over onuitvoerbaarheid. Daarnaast zullen er ook op het gebied van verkeersveiligheid de nodige bakens verzet moeten worden en zal de Europese auto-industrie een vuist moeten vormen richting China, dat onze automarkt de komende jaren zal overspoelen met (deels)elektrische auto’s waarvoor de benodigde batterijen in eigen land tegen messcherpe prijzen geproduceerd kunnen worden.
Het in Brussel gevestigde ACEA vertegenwoordigt de 14 grootste Europese autofabrikanten. Tavares heeft veel ervaring met de branche. Het grootste deel van zijn carrière was hij werkzaam voor Renault en later ook Nissan, maar in 2014 werd hem gevraagd om PSA van de ondergang te redden. Daar lijkt hij uitstekend in te slagen, al is het de vraag of Tavares zich niet vertilt aan de overname van Opel / Vauxhall. De ogen van Franse autobouwers zijn, zo leert de geschiedenis, vaak groter dan hun maag: Citroën verslikte zich eind jaren zestig in Maserati en kon daarna zijn zelfstandigheid inleveren, Peugeot ging bijna ten onder aan de acquisitie van de Europese Chrysler divisie (Simca, Sunbeam) en voor Renault bleek inlijving van het Amerikaanse AMC concern een brug te ver te zijn.
