De toekomst van Alfa Romeo na Marchionne

0

De afgelopen tijd is er veel gezegd en geschreven over het nalatenschap van Sergio Marchionne, de onverwacht snel overleden topman van Fiat Chrysler Automobiles. Sommigen omschrijven hem als een visionair, anderen als een merkendokter.

In de ogen van Autointernationaal.nl is Marchionne geen van beiden. Hij is vooral een uitstekende dealmaker. In 2005 wist hij General Motors voor 2 miljard dollar een poot uit te draaien door deze voormalige samenwerkingspartner van Fiat te ontslaan van zijn overnameverplichting (een eerder bedongen putoptie). En in 2009 lukte het Marchionne om Fiat voor een appel en een ei een controlerend belang te laten verwerven in het afgeschreven Chrysler. Vervolgens kon een volledige fusie met de Amerikaanse autofabrikant worden afgedwongen, zonder dat de Italianen daarvoor grote offers hoefden te brengen. Hoewel andere bedrijven ook een oogje hadden op Chrysler, en dan vooral op het tafelzilver met de naam Jeep, ging Marchionne er met de buit vandoor.

Marchionne wist Fiat Chrysler Automobiles daarmee weer een plaats te geven in de mondiale verkoop top10. Het bedrijf is dus een speler van formaat, en inmiddels ook schuldenvrij. Theoretisch maakt dit van Fiat Chrysler Automobiles een aantrekkelijke samenwerkingspartner of huwelijkskandidaat zou je denken, maar de realiteit is anders. Ondanks een respectabele 7de plek op het wereldtoneel, lopen andere autofabrikanten met een grote boog om de Italiaans/Amerikaanse collega heen. Eerst General Motors, daarna Volkswagen en recentelijk nog Hyundai. Waarom wordt Fiat Chrysler Automobiles, ondanks het feit dat het bedrijf winstgevend en schuldenvrij is, niet serieus genomen door haar collega’s? Omdat Marchionne een visionair noch merkendokter is.

Dat Marchionne geen visionair is, blijkt uit het feit dat Fiat Chrysler Automobiles op het gebied van elektrificatie op zijn best een volger is. Er worden nu eindelijk serieuze stappen gezet richting emissieloze modellen, waarbij een voortrekkersrol is weggelegd voor Maserati (geen logische keuze, maar daarover later meer). Maar Fiat Chrysler Automobiles is nog lang niet klaar om dit jaar of in 2019 te starten met een offensief aan elektrische modellen, zoals Audi, Jaguar, Mercedes, Polestar (Volvo) en Porsche in het premiumsegment en Honda, Hyundai / Kia, Nissan, PSA en Renault in het volumegedeelte van de markt. Laat staan dat Fiat Chrysler Automobiles in één adem genoemd kan worden met Tesla. De topman van dit bedrijf is een visionair, maar Marchionne niet.

Fiat Chrysler Automobiles loopt evenmin voorop bij de ontwikkeling van techniek waarmee auto’s zelfstandig kunnen rijden. Dat is een bewuste keuze van het bedrijf. Men kijkt liever de kat uit de boom om te voorkomen dat er op een verkeerd paard wordt gewed. Pas als andere autofabrikanten met bepaalde systemen of concepten aantoonbaar succes hebben, zal Fiat Chrysler Automobiles reageren. Marchionne koos er dus voor om in zekere zin mee te liften op andermans succes. Dat kan je doen, maar dan ben je natuurlijk geen aantrekkelijke samenwerkingspartner of huwelijkskandidaat. Fiat Chrysler Automobiles heeft te weinig knowhow in huis en dus geen toegevoegde waarde voor andere spelers op de thuismarkt.

Als Marchionne een visionair was geweest, dan had hij kunnen weten dat sedans geen toekomst meer hebben. Toch investeerde hij veel geld in modellen als de Chrysler 200, de Dodge Dart en de Alfa Romeo Giulia. De eerste 2 auto’s zijn alweer uit productie en de Italiaanse berlina haalt zijn verkoopdoelstelling is. Marchionne heeft dus op het verkeerde paard gewed. Iets wat een visionair nooit zou overkomen.

Door het gebrek aan visie van Marchionne, kwam de voormalige topman van Fiat Chrysler Automobiles ook niet uit de verf als merkendokter. Eerder was hij een brokkenpiloot. Lancia werd door hem naar het sterfhuis gebracht, terwijl ‘premium’ in hoge mate het toverwoord van het afgelopen decennium is. De rol van Fiat is gemarginaliseerd, ook omdat de Amerikaanse comeback van dit merk op een fiasco is uitgelopen. Hierdoor is de kans klein dat de sympathieke 124 Spider een vervolg krijgt. Het perspectief voor deze open sportwagen was met Alfa Romeo label veel beter geweest. Zeker op de Noord Amerikaanse markt. Een vreemde eend in de bijt is het sowieso. Maar dat was de 924 in 1975 binnen het Porsche gamma ook. En toch heeft dit merk van haar bastaardjong jarenlang verkoopplezier gehad.

Maserati verkoopt weliswaar meer auto’s dan toen Marchionne het stuur overnam bij Fiat Chrysler Automobiles, maar daar is dan ook alles mee gezegd. Momenteel zit het merk in een zware, en misschien wel fatale, verkoopdip. Dat komt doordat de modellen van Maserati maar kort weten te pieken. Blijkbaar zijn klanten er onvoldoende tevreden over om via herhalingsaankopen continuïteit te garanderen. In de vorm van de Ghibli en Levante heeft Maserati haar gamma aan de onderkant uitgebreid, hetgeen een snelle manier is om te scoren, maar de imagoprijs die zij hiervoor betaald heeft, is hoog: de huidige generatie Quattroporte is qua magische aantrekkingskracht een schim van zijn illustere voorganger. Maserati heeft geschiedenis geschreven met prachtig klinkende atmosferische V8 motoren. En nu moet dit merk een voortrekkersrol gaan vervullen bij de elektrificatie van de modellen van Fiat Chrysler Automobiles? Dat lijkt Autointernationaal.nl een gedurfde cultuurverandering, om het zachtjes uit te drukken.

Chrysler hikt qua modellen feitelijk op één been, de Pacifica: een MPV waar niemand nog een cent voor geeft. Dit merk staat dus op omvallen. Dodge is ook weinig meer dan een pony dat maar één kunstje kan, in dit geval zeer masculiene, krachtige sedans bouwen. Die zijn niet zonder charme, maar de V6 versies zijn een deceptie. En sowieso is Dodge verworden tot een lokaal merk, à la Vauxhall (dat alleen nog kan bestaan dankzij Opel) en Holden (dat met enkel Australië als afzetmarkt) reddeloos verloren lijkt te zijn. Met name op de Noord Amerikaanse markt heeft Fiat Chrysler Automobiles zich weten te handhaven dankzij Jeep. Dit merk is een successtory, maar dat is niet aan ‘merkendokter’ Marchionne te danken. Jeep is als een patiënt tegen wie een arts zegt: “u bent topfit dus u hoeft voorlopig niet terug te komen voor een controle in mijn behandelkamer”. Dit merk had het dus sowieso wel gered. Alleen zeer hoge benzineprijzen (op de Amerikaanse thuismarkt) hadden Jeep kunnen opbreken, maar daarvan was de afgelopen jaren geen sprake. Marchionne erkent dat hij hiermee geluk heeft gehad. Maar aan geluk aan jouw zijde is, dan hoef je natuurlijk helemaal geen visionair of merkendokter te zijn.

En dan Alfa Romeo. Dit merk heeft eerst veel te lang, namelijk tot 2010, moeten wachten op de Giulietta (die eigenlijk niks toegevoegde in zijn segment) en daarna was het tot 2016 afzien. Pas in dit jaar was de langverwachte opvolger van de gewaardeerde en prijzenwinnende 156 klaar. Maar Autointernationaal.nl schreef toen al direct dat de Giulia te hoog gepositioneerd was om een het stokje als volumemodel over te kunnen nemen. De 156 was in zijn tijd prijstechnisch een volwaardig alternatief voor de Volkswagen Passat. Dat maakte deze Alfa Romeo zo populair bij leaserijders. Maar de Giulia speelt een klasse hoger en moet daarom op zoek naar een nieuwe kopersgroep, ook omdat de 156 klanten natuurlijk al lang verdwenen zijn. Dat lukt slechts zeer matig, ook omdat je met een sedan geen nieuwe klanten trekt: het is een traditionele, conservatieve carrosserievorm. En traditionele, conservatief ingestelde kopers zijn bovengemiddeld merkentrouw en honkvast.

Gelukkig is de timing van de Stelvio, een SUV, veel beter. In de eerste 6 was dit dan ook het enige Alfa Romeo model dat verkooptechnisch in de lift zat. Marchionne heeft het licht op groen gezet voor 2 andere SUV modellen, een kleiner én een groter exemplaar. Op korte termijn kunnen wij ook een coupé op basis van het Giorgio platform van de Giulia / Stelvio verwachten (zie hoofdfoto). Alfa Romeo zal hiervoor de modelnaam GTV van zolder halen. Het beloofde vermogen (mede dankzij hybride techniek 600 pk) doet je het water uit de mond lopen, maar aan de andere kant: de 510 pk sterke Giulia Quadrifoglio kost al 114.450 euro dus de nieuwe GTV gaat zeker niet minder kosten dan de Lexus RC F (139.995 euro). Dat betekent maandelijkse verkopen die op één hand en misschien zelfs wel één vinger te tellen zijn.

Nee, de door Marchionne opgelegde verkoopgroei richting 400.000 auto’s moet komen van de kleinere SUV (werktitel ‘Stelvietta’; zie tweede foto) en de opvolger van de Giulietta. Het toekomstperspectief voor het eerste nieuwe Alfa Romeo model is zonnig; het is immers een SUV en daar lust iedereen wel pap van. Maar voor de nieuwe Giulietta liggen de kaarten toch wat anders. Net als de Giulia heeft dit model een carrosserievorm waar de rek verkooptechnisch uit is en dit betekent dat hetzelfde probleem met de traditionele, conservatieve kopersgroep speelt. Los hiervan wordt de nieuwe Giulietta als gevolg het gebruik van het Giorgio platform (achterwielaandrijving) geen koopje. Reken op een instapprijs van 35 mille voor de 2,0 liter benzineversie (diesels komen er niet omdat Fiat Chrysler Automobiles hier uiterlijk 2022 afscheid van neemt). Dat is 10 mille meer dan de basisversie van de huidige Giulietta moet opbrengen. Veel merkklanten zullen dat niet kunnen opbrengen, met name niet in het superwelvarende Italië.

Er zijn dus nogal wat beren op de weg richting een verkoopgroei van 170.000 naar 400.000 auto’s per jaar bij Alfa Romeo. De GTV is slechts een druppel op de gloeiende plaat, en voor de eveneens aangekondigde 8C supersportwagen geldt dat natuurlijk nog meer. Introductie van de nieuwe Giulietta (derde foto) en de ‘Stelvietta’ zullen zeker hun verkoopeffect hebben, maar de opvolger van Marchionne mag in zijn handjes knijpen als in 2022 de teller 300.000 exemplaren aantikt. De MiTo gaat op korte termijn uit productie en met name de Giulia zal in de toekomst veel van zijn glans verliezen (al in oktober kunnen wij kennis kunnen maken met de nieuwe BMW 3-serie). Alfa Romeo zal in 2022 verkooptechnisch nog steeds niet gezond zijn. En dan is er voor een merkendokter opnieuw werk aan de winkel. Laten we hopen dat de intensive care patiënt Alfa Romeo dan een échte treft, en geen dealmaker die bij denkt te kunnen klussen als arts.

Comments are closed.