BMW krijgt weer een eigen smoel

0

BMW stapt af van zijn ‘one face’ filosofie en geeft de verschillende modellen weer meer een eigen ‘smoel’. Dat zegt Adrian van Hooydonk, senior vice-president Design bij de BMW Groep, in een interview.

“We hebben onze filosofie veranderd: we zien elke nieuwe BMW als een kans om iets nieuws en moderns te doen”. De jongste facelift van de 7-serie is daar een goed voorbeeld van. Daarmee onderscheidt deze BMW zich van de andere modellen van het merk. Van Hooydonk heeft een designteam van in totaal 700 mensen tot zijn beschikking, in studio’s in Sjanghai, Los Angeles, München en het Engelse Goodwood. Juist de competitie tussen deze locaties komt de creativiteit ten goede, zegt Van Hooydonk, die zichzelf het liefst ziet als een artdirector tussen de ontwerpers. “Ik wil niet dat zij allemaal mijn idee uitwerken. Mijn baan is om het beste uit de creativiteit van 700 mensen te halen en dat nog beter te maken”.

Het straatbeeld zal er niet eentoniger op worden de komende jaren, zo verwacht Van Hooydonk. “Je ziet het een beetje in de racerij: als het reglement een paar jaar gelijk blijft, zien alle raceauto’s er hetzelfde uit: iedereen heeft op een gegeven moment het optimum gevonden. Maar als regelgeving en techniek weer veranderen, denk ik dat firma’s daar verschillende vorm en inhoud aan geven”. Op die manier zal er door autofabrikanten in eerste instantie verschillend geanticipeerd worden op nieuwe branchetrends, zoals elektrische aandrijving en autonoom rijden.

Ook binnen de BMW Groep is die verscheidenheid goed te merken. Naast BMW is Van Hooydonk eindverantwoordelijk voor het design van Mini en Rolls-Royce. Deze dochtermerken hebben een hele andere binding met hun rijders: Van Hooydonk zegt daar over: “Wij willen met ons design uitdrukken wat je ervaart en dat is voor alledrie de merken verschillend”.

In 2013 kwamen de BMW i3 en i8 op de markt. Een onverdeeld succes waren deze modellen niet. BMW lijdt er nog steeds verlies op. Enkel met de stekkerhybride volumemodellen wordt geld verdiend. Maar Van Hooydonk denkt dat de i3 en i8 retrospectief heel belangrijke auto’s zullen blijken te zijn. Zij hebben immers voor de doorbraak van de elektrische auto gezorgd en andere autofabrikanten terug naar de tekentafel gestuurd, zo denkt Van Hooydonk. “Lang niet iedereen was overtuigd van de toegevoegde waarde, maar inmiddels lijkt de acceptatie steeds groter te worden”.

BMW verkocht in 2017 meer dan 100.000 (deels)elektrische modellen en passeerde vorig jaar de grens van 140.000 eenheden. Eind 2019 denkt BMW wereldwijd 500.000 stekkerhybride en volledig emissieloze auto’s op de weg te hebben. Doel is om in 2015 minstens 25 geëlektrificeerde modellen in het gamma te hebben, waarvan de helft een verbrandingsmotor als basisunit zal hebben. Van Hooydonk denkt dat de ‘i’ modellen een permanent sublabel zullen blijven vormen binnen het gamma van BMW, net als dit al decennialang voor de M modellen het geval is. De snelle ontwikkeling van met name elektrische en stekkerhybride auto’s brengt ook veel nieuwe wetgeving met zich mee. Dat vormt voor Van Hooydonk een uitdaging: “We zijn nu bezig met modellen die in 2022 op de markt komen en ook in 2030 nog rondrijden, maar het is nog niet duidelijk welke wetgeving er dan geldt en welke elektronica er tegen die tijd beschikbaar is”.

Over 3 jaar moet het volgens hem mogelijk zijn om in de stad veilig en autonoom te rijden. BMW zal dit concreet vormgeven met de iNext, een volledig elektrische en zelfstandig rijdende SUV van het formaat X5. BMW wil hiermee met name de Tesla Model X gaan beconcurreren. Helaas is de wetgeving daar nog lang niet op toegerust. “Eigenlijk is het hele idee van autonoom rijden dat er geen ongelukken meer zijn. Maar het zal nog wel even duren voordat het zo ver is”. Dat dit belangrijk is, blijkt uit de grote regionale verschillen in adoptie van de elektrische auto in Duitsland. In sommige steden gaat de omarming van emissieloos vervoer veel sneller dan anders. Dat komt niet doordat de mensen daar anders zijn, maar doordat de laadinfrastructuur veel verder ontwikkeld is.

Van Hooydonk denk niet dat autonoom rijden het ‘zelf sturen’ gaat verdringen. Maar BMW wil wel de keuze bieden. Niet zozeer op modelniveau, maar voor elk type. Zodat elke klant kan kiezen of hij zelf rijdt als hij daar plezier in heeft, of dit uitbesteed aan zijn auto om te kunnen relaxen of wat anders te doen, bijvoorbeeld als het verkeersdrukte intensief en vermoeiend is.

Uiteindelijk wil ook BMW toe naar het ‘aanbieden van mobiliteitsdiensten’, in plaats van de verkoop van losse auto’s. Die zijn overigens niet specifiek voor de nieuwe generatie consumenten bestemd. Van Hooydonk: “Ik ben er niet van overtuigd dat jonge mensen niet meer geïnteresseerd zijn in auto’s. Dat is misschien het geval in sommige Europese steden en bijvoorbeeld in New York, maar elders is het bezit van een eigen auto nog steeds een must én een behoefte.

Connectiviteit is zo mogelijk nog belangrijker dan autonome rij techniek. Uit onderzoek is gebleken dat in China bijna 60 procent van de autoconsumenten bereid is om van merk te veranderen indien die concurrent significant betere internetmogelijkheden biedt. Van Hooydonk: “Het Europese cijfer blijft daarbij niet ver achter en neemt gestaag toe”.

Comments are closed.