Britse autoconsument ziet Brexit bui hangen

0

De autoverkopen in het Verenigd Koninkrijk zijn voor het tweede achtereenvolgende jaar gedaald. In 2018 werden er op de Britse markt 2,37 miljoen nieuwe personenwagens verkocht. Dat is bijna 7 procent minder dan in 2017 en de grootste daling sinds de financiële crisis van 2008.

Terwijl Groot-Brittannië in 2016 nog een absoluut recordjaar kende met 2,7 miljoen verkopen, is de teller in 2018 blijven steken op 330.000 auto’s minder. Toch was 2018 zeker niet het slechtste jaar in de recente geschiedenis: in 2011 zakten de autoverkopen in het Verenigd Koninkrijk onder de grens van 2 miljoen exemplaren (1.941.253 inschrijvingen), maar na de financiële crisis van 2008 daalde de afzet niet zo snel.

Marktanalisten spreken van “een perfecte storm” van de onzekerheid rondom de Brexit, het in het verdomhoekje plaatsen van dieselmodellen (die tot 26,3 procent lagere verkopen voor dit type auto’s hebben geleid), het afschaffen van het fiscale voordeel op stekkerhybride modellen en een tekort aan nieuwe auto’s door het WLTP testregime. Dat leidde tot het steeds verder wegzakken van het vertrouwen in de economie bij zowel het bedrijfsleven als de consument. Vooral particuliere rijders twijfelen als gevolg van de onzekerheid steeds meer of zij nog wel veel geld moeten uitgeven aan een nieuwe auto.

Ook voor dit jaar wordt een krimp van de autoverkopen verwacht. Deskundigen gaan vooralsnog uit van een afzetdaling van 2 procent, maar die prognose is gebaseerd op de cijfers die momenteel beschikbaar zijn. Verloopt de Brexit niet ordentelijk en leidt die tot chaos, dan kan de krimp van de Britse automarkt veel groter uitvallen. Dan kunnen wij gerust spreken van een rampjaar en is Londen echt in last.

De onzekerheid rondom de Brexit is dus dodelijk voor het vertrouwen van de Britse consument. Die houdt de hand op de knip en zijn hart vast. De graadmeter voor de Britse economie, de auto-industrie, kreeg afgelopen jaar dus al een forse klap. In 2019 kan de afzetdaling nog veel groter uitpakken als er een zogeheten ‘harde Brexit’ zonder handelsafspraken met Brussel plaatsvindt. Dan treden automatisch wederzijdse importtarieven in werking op alle producten. Daarmee worden alle modellen van marktleider Ford in één klap 1.700 euro duurder, om maar één voorbeeld te noemen. Andersom zullen auto’s als de Honda Civic, diverse Mini varianten, de Nissan Qashqai, de Opel Astra en de Toyota Corolla op het vaste land van Europa in prijs stijgen. Die worden namelijk in Groot-Brittannië gebouwd. En hogere prijzen zal de vraag doen dalen, met verlies aan banen in de Britse auto-industrie tot gevolg.

De jaarcijfers van de Britse Society of Motor Manufacturers and Traders (SMMT), een sector met 850.000 banen, werpen hun schaduw vooruit voor de economische gevolgen van een harde brexit of zelfs een ‘no deal’. De voorzitter van deze branchevereniging, Mike Hawes, stelt dat er “geen positieve kant aan de Brexit te ontdekken is”. Als de scheiding ordentelijk verloopt, zal de automarkt in het Verenigd Koninkrijk dit jaar zoals gezegd met 2 procent krimpen. Een harde Brexit of een ‘no deal’ noemt Hawes “een regelrechte catastrofe voor de Britse auto-industrie”. Er komen dan veel banen op het spel te staan.

De verkoopcijfers over 2018 zijn feitelijk een ‘code rood’. Het signaal is duidelijk: zie af van de afscheidingsovereenkomst tussen de Europese Unie en Groot-Brittannië. Maar de kans dat voldoende Britse parlementariërs dit ter harte zullen nemen, is nihil. Een tweede referendum wordt als ‘ondemocratisch’ beschouwd. Bovendien zal de onderhandelingspositie er niet sterker op worden als premier Theresa May en haar gevolg met hangende pootjes terugkeert in Brussel.

Eerder waarschuwden autofabrikanten als Aston Martin, BMW, Honda, Jaguar Land Rover en Toyota (die allemaal fabrieken in het Verenigd Koninkrijk hebben) voor een Brexit. En al helemaal voor een ‘harde versie’ waarbij niets is geregeld. Honda gaat uit voorzorg haar Britse fabriek, waar de Civic wordt gebouwd, in april 6 dagen sluiten. Toyota is bang dat de marktlancering van de Corolla, een volumemodel dat de Auris opvolgt, in het honderd loopt. Dit model wordt op het vaste land van Europa, dus ook in Nederland, circa 3.000 euro duurder, zo hebben deskundigen berekend.

Intussen nadert de scheidingsdatum van 29 maart 2019. De gereguleerde overeenkomst geeft ruimte om zaken waarover momenteel nog geen overeenstemming is, zoals de Noord Ierse grens, later uit te onderhandelen en om te voorkomen dat in het noorden van het Ierse eiland een harde grens komt te liggen. Pas als het Britse Lagerhuis een besluit heeft genomen, weten bedrijven aan beide zijden wat de handelsconsequenties zijn. En 29 maart begint heel kort dag te worden. Indien premier May het onderspit delft in het parlement lijkt een harde Brexit zonder afspraken vrijwel onvermijdelijk.

De slechte autoverkoopcijfers in het Verenigd Koninkrijk in 2018 worden niet alleen veroorzaakt doordat bedrijven en consumenten de hand op de knip houden vanwege de grote onzekerheid over de Brexit, maar ook omdat de afzet van dieselmodellen vorig jaar met 30 procent is ingeklapt. Dit is nog steeds een effect van het sjoemelschandaal bij Volkswagen, waardoor autoconsumenten het vertrouwen in oliegestookte personenwagens zijn kwijtgeraakt. Een stimulans om in plaats hiervan een stekkerhybride model aan te schaffen, is er sinds oktober niet meer omdat de Britse regering het belastingvoordeel op dergelijke auto’s heeft afgeschaft. Tegelijkertijd zorgen allerlei strengere milieumaatregelen er voor dat de consument kopschuw is geworden voor wat betreft de aanschaf van een nieuwe vierwieler. Qua laadinfrastructuur loopt het Verenigd Koninkrijk ver achter bij Nederland, hetgeen een rem zet op de verkoop van volledig elektrische modellen.

De Britse auto-industrie zit sowieso al in het verdomhoekje. Uit een onderzoek van het Britse accountant & adviesbureau BDO in december vorig jaar bleek dat de export al krimpt. Dat is niet verwonderlijk. Nissan heeft te lang gewacht met het aflossen van de in het Verenigd Koninkrijk gebouwde Juke. Bentley zit diep in de rode cijfers en heeft van moederbedrijf Volkswagen nog maar 2 jaar de tijd gekregen om orde op zaken te stellen. De modellen van Land Rover hebben een dermate slecht betrouwbaarheidsimago dat de merknaam inmiddels verbasterd is tot ‘Trammelant Rover’. En vriend en vijand is het er over eens dat de investering van Jaguar in de XE weggegooid geld is geweest omdat er nog maar amper vraag is naar sedans.

Een Brexit zal de situatie er niet beter op maken en in het geval van een ‘no deal’ zijn de economische gevolgen nauwelijks te overzien. Ernst & Young, één van de grote vier accountant & advieskantoren in Europa, meldt dat uit haar onderzoek blijkt dat de Britse financiële sector voor een bedrag van bijna 900 miljard euro aan activiteiten overhevelt naar de Europese Unie als gevolg van de Brexit. Dat is circa 10 procent van de Britse financiële sector. Van de 222 financiële bedrijven die Ernst & Young onderzocht, verplaatsen er zeker 80 een deel van werkzaamheden en staf naar de Europese Unie. Dat betekent minder werkgelegenheid in het Verenigd Koninkrijk en minder mensen met een betaalde baan zal leiden tot lagere consumentenbestedingen. De conclusie is dan ook duidelijk: de Britse auto-industrie is de klos. Aan die kille vaststelling valt niet meer te ontkomen.

Reageren is niet mogelijk.