Waarom de korte test?
Opel heeft de Insignia een facelift gegeven. Sinds de update moet de GSi topuitvoering het doen met 230 pk in plaats van 260 pk. Of dat voldoende is voor ene sportief vlaggenschip lees jij in dit testverslag.

Wat voor auto is het?
Het adaptieve FlexRide chassis met elektronische, actieve demper regeling is standaard op de Insignia GSi (optioneel voor andere uitrusting niveaus). Daarnaast is er een snelheid afhankelijke stuurbekrachtiging en Torque Vectorting dat er voor zorgt dat het achterwiel aan de buitenkant in bochten meer koppel krijgt. De speciale vierwielaandrijving regelt dit via 2 koppelingen, met meer vermogen naar rechts of naar links.

De 2,0 liter turbobenzinemotor van de Insignia GSi beschikt over cilinderuitschakeling. Bij weinig belasting schakelt de variabele nokkenasregeling 2 pitten uit, wat goed is voor de efficiëntie. In combinatie met de 9-trapsautomaat zou het benzineverbruik moeten uitkomen op 7 liter per 100 km (gemeten volgens de oude NEDC norm), maar wie de Opel op zijn staart trapt zal op dubbele cijfers getrakteerd worden.

Kopers van een Insignia GSi kunnen verder rekenen op zogeheten e-Boost remmen. Die hebben door Brembo geleverde 4-zuigerklauwen die via een elektro hydraulisch servo systeem worden aangestuurd. Concreet betekent dit dat de remmen harder en sneller bijten terwijl daar juist minder pedaalkracht voor nodig is. Bovendien is de werking stiller geworden. De zuigerklauwen hebben een specifiek rood jasje aangemeten gekregen. Een andere aanpassing ten opzichte van de reguliere Insignia versies is een directer werkende stuurinrichting. Naast de rode zuigerklauwen kan de GSi uitvoering verder worden herkend aan zijn verticale kieuwen in de bumper en aan het sportmeubilair in het interieur.

Is het wat?
Okay, met een sprinttijd van 7,4 seconden (om vanuit stilstand 100 km/u te bereiken) is op zich niks mis. Het is in ieder geval voldoende om je tussen de rest van het verkeer niet verloren te voelen. Maar van het visitekaartje van een modelreeks én van een merk überhaupt mag je iets meer dynamiek verwachten. En omdat het in autoland de norm is dat elk nieuw / vernieuwd model sterker is dan zijn voorganger, is het enigszins wonderlijk dat Opel het vermogen van het top uitvoering van de Insignia lijn met 30 pk heeft gereduceerd. De dubbel geblazen dieselversie met 210 pk is zelfs helemaal van het menu verdwenen. Het maximum ligt bij de oliegestookte Insignia voortaan op 174 pk.

Oorzaak voor deze ‘omgekeerde vermogen ontwikkeling’ is het feit dat Opel momenteel zijn handen vol heeft aan het voldoen aan de nieuwe emissienormen. Vanuit het hoofdkantoor in Rüsselsheim wordt gemeld dat de 2,0 liter turbobenzinemotor in 230 pk configuratie een stuk efficiënter is dan het oude blok met 260 pk. Een deel van de verbruikswinst is overigens ook te danken aan het nieuwe vierwielaandrijving systeem. Daarbij gaat standaard het vermogen en koppel (maximaal 350 Nm) naar de voorwielen.

Indien dit onvoldoende tractie oplevert, kunnen via een druk op de knop ook de collega’s achter aan het werk worden gezet. Tijdens de test verbruikte de Insignia GSi een acceptabele 9,5 liter benzine per 100 km. De Opel is vooral in zijn element tijdens lange ritten (de topsnelheid bedraagt 237 km/u). Vanuit deze optiek is het jammer dat de brandstoftank slechts 60 liter groot is. En dat de dieselversie van de Insignia GSi gesaneerd is. Die hield het tussen tankstops veel langer vol.

De speciale GSi zetels met geïntegreerde hoofdsteunen en ‘Aktion Gesunder Rücken’ stempel bieden een zeer goed compromis tussen sportiviteit en comfort. Vink jij ook de massage en ventilatie functie op de optielijst aan, dan beschik jij over meubilair dat zich qua zitcomfort kan meten met de stoelen van de premium merken uit een hogere klasse.

Dat geldt ook voor de excellente Matrix LED koplampen en het kinderlijk eenvoudig via fysieke knoppen (ja, die bestaan anno 2020 nog) te activeren head-up display. De optionele Performance stoelen houden jou beter vast op het circuit, maar beperken het comfort tijdens lange ritten. De Insignia heeft niet de modernste cockpit, maar alles kan je tijdens het rijden gemakkelijk bedienen.

Terwijl de Insignia GSi, die voorzien is van 20 inch velgen (met 245 banden), ondanks adaptieve dempers bij lagere snelheden weinig geraffineerd veert, biedt hij bij een hoger tempo wel degelijk een zeer goed veercomfort. Dan is er veel rust aan boord en carrosserie bewegingen (zowel verticaal als horizontaal) worden in de kiem gesmoord. Ook op bochtige wegen maakt de afgerond 1,65 ton zware Insignia GSi dankzij Torque Vectoring een capabele indruk. Alsof er aan een touwtje wordt getrokken, rijdt de Opel door de bochten.

Dankzij de optionele geluidwerende beglazing is het in het interieur zelfs bij hoge snelheden niet luidruchtig. Motor en onderstel geluiden zijn goed geïsoleerd en alleen op de achtergrond hoorbaar. De veel grip biedende Michelin Sport banden gaan een intieme verbinding met het asfalt aan, stuurcommando’s worden nauwkeurig uitgevoerd en met de AWD modus ingeschakeld kan men zonder tractieverlies bochten hard uit accelereren. Top zijn ook de van Brembo afkomstige remmen. Die houden de remweg bij een tempo van 100 km/u lekker kort (32,9 meter).

Hoeveel sterren?
In GSi uitvoering biedt de Opel Insignia een aangenaam hoog comfortniveau en genoeg ruimte voor het hele gezin. Tegelijkertijd is het een auto die zeer gretig bochten afwerkt en die over krachtige remmen beschikt. Maar voor 61.999 euro mag je een auto met meer bijtkracht verwachten. De sprinttijd is geen voorpaginanieuws en ook qua benzineverbruik en CO2-uitstoot steekt deze Opel niet boven de middelmaat uit. Anders gezegd: de Insignia GSi verdient een betere motor. Aangezien het twijfelachtig is of die er nog gaat komen (in 2023 moet de opvolger klaar zijn), is er veel voor te zeggen om de GS Line uitvoering aan een nadere inspectie te onderwerpen. Die kost in 200 pk sterke voorwiel aangedreven vorm (maar met dezelfde 9-traps automaat) ruim 11 mille minder en verwerkt oneffenheden in het wegdek ook bij lage snelheden goed.
- 5
