Middels een plaagafbeelding maakte Ford ons al eerder duidelijk dat er een EcoSport Active aan zit te komen. Maar voortijdig aan de officiële onthulling (die voor 6 november gepland staat) is het model nu al gelekt op het internet.
De EcoSport loopt alweer een tijdje mee. Hij is 2012 te koop. Aanvankelijk was er weinig belangstelling, want de EcoSport oogt een tikkeltje te hoog en niet al te robuust. Het kenmerkende reservewiel (dat tot 2015 op de achterzijde gemonteerd werd) is eerder een last dan een lust voor het oog, want het maakte in/uitladen van bagage bijzonder onhandig. Anno 2020 zou je denken dat de EcoSport wel met pensioen mag, zeker nu de Puma als warme broodjes verkoopt, maar Ford wil daar niks van weten. En toegegeven: als de Puma van Venus komt, dan komt de EcoSport van Mars. Het is dus een heel ander type auto. Ford gaat daarom het verkoopvuurtje onder de EcoSport nog eens opstoken. Dat gebeurt met deze Active uitvoering.

Ford hanteert voor deze extra stoer ogende EcoSport het bekende Active recept van de Fiesta, Focus en wijlen Ka+: extra bodemvrijheid, grotere wielen, stoerdere bumpers, extra zwart kunststof en andere details die geassocieerd worden met een dynamisch en actief leven.

Ook in het interieur zijn er enkele wijzigingen. Zo zijn er ‘A’ (van ‘Active) logo’s in de nep lederen bekleding geprint, zodat men kan zien dat je in de hipste versie van de EcoSport reeks plaatsneemt. Qua uitrusting is het dik voor elkaar bij de Active uitvoering met zaken als navigatie, smartphone-integratie, USB poorten, automatische airco en een multifunctioneel stuurwiel. Of dat allemaal standaard of optioneel is, is vooralsnog niet bekend.

De Ford EcoSport Active wordt aangedreven door de 125 pk versie van de 1.0 EcoBoost motor. Deze 3 cilinder is gekoppeld aan een handgeschakelde 6-bak en drijft de voorwielen aan. Of de Ford EcoSport Active ook naar Nederland komt, is nog niet bekend. Maar wat stoer oogt en tegelijkertijd voorzien is van een kleine motor, schijnt bij ons goed te verkopen, dus waarom niet.

