BMW heeft het licht op groen gezet voor de ontwikkeling van een nieuw platform. Dat is vooral bedoeld voor toepassing in elektrische auto’s. Het is echter ook compatibel met verbrandingsmotoren.
BMW bouwt nu, de i3 uitgezonderd, haar (deels) elektrische modellen op dezelfde platforms als haar voertuigen met een verbrandingsmotor. Dit vereist veel ontwikkelingsinspanning en nadelen zijn niet volledig te vermijden. Zo heeft de elektrische i4, die is gebaseerd op de 4-serie Gran Coupé, geen extra kofferbak onder zijn lange motorkap, wat juist handig is voor elektrische auto’s omdat aldaar de laadkabel kan worden opgeborgen. BMW topman Oliver Zipse is daar ook niet gelukkig mee en heeft nu een architectuur voor 2025 aangekondigd die primair bedoeld is voor elektrische auto’s.

Het nieuwe platform is niet het eerste platform voor elektrische auto’s van BMW. De i3, die sinds 2013 verkrijgbaar is, heeft een eigen basis. Dat is echter een vrij dure oplossing. Bovendien is het platform van de i3 niet geschikt voor verschillende batterijformaten. Omdat de verkopen van de i3 pas laat echt op gang zijn gekomen (enerzijds was de auto zijn tijd (te) ver vooruit, anderzijds trekt een uitzonderlijk hoge aankoopbonus voor elektrische auto’s pas nu klanten aan), voelde BMW er aanvankelijk weinig voor om opnieuw geld te investeren in een specifiek platform voor elektrische auto’s. In plaats hiervan is voor de iX3 gekozen om dit model dezelfde basisarchitectuur als de X3 te geven. Maar ook die heeft geen apart opbergvak onder de conventionele motorkap voor laadkabels (zie foto).

Volkswagen heeft reeds het modulaire elektrische MEB platform. Deze fabrikant van veel grotere voertuigvolumes wist de investering in een specifiek onderstel voor volledig emissievrije modellen al eerder rond te rekenen, ook omdat modellen van de dochter merken Audi, Skoda en Seat / Cupra hierop gebaseerd gaan worden. Verder kunnen andere autofabrikanten tegen betaling ook gebruik maken van de MEB architectuur. Ford heeft reeds van dit aanbod gebruik gemaakt en de onderhandelingen met Fisker lopen nog. Mercedes werkt ook aan een eigen platform voor elektrische auto’s dus BMW heeft nu het gevoel dat zij niet achter kan blijven bij haar landgenoten annex concurrenten.

BMW gaat haar elektrisch platform in Hongarije bouwen, zo laat Zipse weten. Hij gaat er van uit dat vanaf 2025 de vraag naar volledig elektrische voertuigen sterk zal toenemen. Auto’s op basis van het tegen die tijd ontwikkelde elektrische platform zullen dan van de lopende band rollen in de nieuwe BMW fabriek in Debrecen, Hongarije. De CEO heeft echter duidelijk gemaakt dat het nieuwe platform ook compatibel is met verbrandingsmotoren. Zipse (foto) benadrukt dat klanten hierdoor de aandrijfvorm kunnen blijven krijgen die zij willen. Hij gaat er echter vanuit dat er in 2025 meer mensen bij BMW een elektrische auto zullen kopen een exemplaar met een verbrandingsmotor.

Ook bij BMW heerst dus het besef dat elektrische auto’s een steeds grotere rol gaan spelen. Dit past bij de extrapolatie van futuroloog Lars Thomsen, die voorspelt dat vanaf de tweede helft van 2024, dus over ongeveer 200 weken, zeker de helft van alle nieuw geregistreerde voertuigen een stekkeraansluiting heeft. Een platform dat vooral geschikt is voor elektrische auto’s is daarom de juiste keuze. Vanuit kostenperspectief was het begrijpelijk dat fabrikanten in de overgangsperiode naar elektromobiliteit de voorkeur gaven aan gemengde platforms die zowel verbrandingsmotoren als elektrische aandrijvingen aankunnen. Alle voordelen van een elektrische auto kunnen echter alleen ten volle worden benut met een specifiek platform. En mochten personenwagens met een verbrandingsmotor in de nabije toekomst daadwerkelijk helemaal van de markt verdwijnen, dan heeft een mengplatform geen zin meer.
