Polestar en Volvo onderzoeken beursgang

0

Polestar en Volvo onderzoeken de mogelijkheden voor een beursgang. Het Zweedse personenwagen merk zou circa 17 miljard euro waard zijn, terwijl het prille Zweeds-Chinese zusterbedrijf ongeveer 8,5 miljard euro op zou kunnen brengen. De beursgang zou dit jaar plaats moeten vinden, zo laten betrokkenen bij zowel Polestar en Volvo weten.

Geely, het moederbedrijf van Volvo, probeerde haar dochter in 2018 naar de beurs te brengen, maar zag daar later van af. Volgens de CEO van het Zweedse automerk, Håkan Samuelsson, waren de omstandigheden toen niet optimaal om investeerders zekerheid te geven over de meerwaarde van een beursgang. Zij vonden de voorgestelde waardering van 25,5 miljard euro te hoog. Nu zou het Chinese bedrijf een nieuwe poging willen wagen, waarbij er gestreefd wordt naar een notering in Stockholm of Amsterdam.

Polestar houdt zijn opties vooralsnog open. Naast een beursgang in de Verenigde Staten of Hongkong bekijkt het jonge automerk (Autointernationaal vindt de waarde wel erg optimistisch ingeschat) ook de mogelijk tot een fusie met een zogeheten SPAC (Special Purpose Acquisition Company). Dat is een onderneming zonder operationele activiteiten (‘een lege huls’), die uitsluitend wordt opgericht om via een beursintroductie kapitaal bijeen te brengen voor de overname van een bestaand bedrijf.

Er is dus nog geen definitieve beslissing genomen. Moederbedrijf Geely uit China zou daarover praten met adviseurs. Los van de plannen voor een mogelijke beursgang overweegt Polestar ook om een nieuwe investeringsronde te organiseren nadat het bedrijf vorig jaar al omgerekend 425 miljoen euro had opgehaald bij investeerders. Het jonge automerk splitste zich in 2017 officieel af van Volvo. Daarvoor was Polestar de huis tuner van Volvo. Inmiddels staat het merk internationaal goed op de kaart, maar er zijn signalen dat moeder Geely niet tevreden is over de tot nu toe geleverde verkoopprestaties.

 

Polestar stopt met productie van de 1

De Polestar 1, het debuutmodel van de voormalige huis tuner van Volvo, wordt na iets meer dan 3 jaar alweer uit productie genomen. Eind dit jaar zal het laatste exemplaar van de band rollen. “It’s the end of an era”, zo laat Polestar enigszins misplaatst weten. Het debuutmodel, die kort door de bocht kan worden omschreven als een 4-persoons coupéversie van de Volvo S90, heeft namelijk niet of nauwelijks een rimpeling veroorzaakt in de internationale autovijver.

Polestar wil niet zeggen hoeveel exemplaren er uiteindelijk van de 1 gebouwd zijn, maar spreekt alleen van “een laag volume”. Van het debuutmodel, dat werd gelanceerd in oktober 2017, zijn in Nederland vorig jaar 10 exemplaren verkocht. In 2019 werd het gamma uitgebreid met de Polestar 2. Deze volledig elektrische middenklasser zal vanaf eind dit jaar dus het enige model van het Zweeds/Chinese automerk zijn. Van de Polestar 2 eindigde de verkoopteller vorig jaar op 2.951 exemplaren.

Dat de Polestar 1 relatief snel alweer uit productie wordt genomen, past overigens wel bij de strategie van het merk. De fabrikant wil zich namelijk à la Tesla profileren als specialist in elektrische auto’s. De 1 had oorspronkelijk om die reden volledig emissieloos moeten zijn, maar om praktische en kostentechnische redenen werd er uiteindelijk gekozen voor een stekker hybride aandrijflijn van Volvo. Weliswaar goed voor een systeemvermogen van 609 pk, maar vanwege zijn verbrandingsmotor dus niet passend bij de merkstrategie. De volgende Polestar die wij mogen verwachten, is de productieversie van de Precept Concept.

 

Flopt Polestar?

In China loopt het momenteel niet bepaald storm voor de Polestar 2. Het management van moederbedrijf Geely vindt de verkoop op de thuismarkt zelfs ronduit teleurstellend. Opmerkelijk is dat niet, want de Polestar 2 is achterin nogal krap en daar houden Chinezen absoluut niet van. Wat ook niet helpt is de aanwezigheid van een grote achterklep. In China geeft men de voorkeur aan een sedan zodat de achterpassagiers niet in de tocht zitten zodra er bagage wordt in/uit geladen.

Vanuit dit perspectief kan de recente lancering van Zeekr worden verklaard. Met dit nieuwe premium merk wil Geely bekijken of er dan een (elektrische) auto kan worden aangeboden die wel in de smaak valt bij de Chinezen. Optisch lijkt de eerste Zeekr nauw verwant de zijn aan het repertoire van Lynk & Co. De modellen van dit Geely merk slaan wel goed aan in China. Dus het is niet verrassend dat er nu voortgeborduurd gaat worden op het designthema van Lynk & Co. Zeekr moet doen wat Polestar tot nu toe niet gelukt is: op de Chinese markt vooral Tesla de wind uit de zeilen halen.

De belangrijkste details van de eerste generatie Zeekr modellen zijn al bekend. Er wordt gesproken van een accupakket dat tot 110 kWh groot is, een rijbereik van maximaal 700 km en een systeemvermogen van 635 pk. Opvallend: de van Lynk & Co geleende structuur houdt ook rekening met een kleine verbrandingsmotor die kan gebruikt worden om stroom op te wekken om zo het rijbereik te vergroten.

 

Reageren is niet mogelijk.