De toekomst is elektrisch. Voor iedereen en dus ook voor een nichemerk als Alpine. Om aan die gedachte te wennen, hebben de ingenieurs in Dieppe een A110 omgebouwd tot een elektrische sportwagen met open dak. Die is tot E-ternité gedoopt. Het unieke prototype wordt aan het publiek voorgesteld tijdens de Grand Prix van Frankrijk die wordt verreden op het Circuit Paul Ricard, niet ver van Marseille.
De volledig elektrische A110 E-ternité is volgens Alpine het resultaat van een jaar intensief ontwikkelingswerk. Met dit model viert de Renault dochter het 60-jarige bestaan van de legendarische Berlinette. Als schakel tussen een geruchtmakend verleden en een volledig elektrische toekomst illustreert de A110 E-ternité de inspanningen die Alpine momenteel onderneemt om haar gamma toekomstbestendig te maken.

Als dochter merk van Renault Groep lag het voor de hand om eerst te kijken naar wat er in de orgaan- en technologiebank al beschikbaar was voor dit nieuwe project. De motor en de batterijen komen dan ook van de Mégane E-Tech Electric. Maar om de acceleratietijd te verkorten tot 4,5 seconden werd het vermogen van de krachtbron opgevoerd tot 242 pk.

Minstens even belangrijk voor een sportieve rijervaring was de optimale gewichtsverdeling. Daartoe werden de 12 batterijmodules met zorg in de A110 geplaatst. Alpine heeft hiervoor specifieke castings (behuizingen) moeten ontwikkelen. Daarnaast moest voor de batterijen van de A110 de interne architectuur worden aangepast.

Ondanks de toevoeging van de 12 batterijmodules bleef het meergewicht binnen de perken: de A110 E-ternité doet de weegschaalnaald in vergelijking met de benzineversie uitslaan naar een slechts 258 hoger kilo aantal. Een knappe prestatie, want de batterijen zelf is liefst 392 kilo zwaar. Elders is de A110 dus 134 kilo afgeslankt.

Intern was er geen versnellingsbak beschikbaar die de ingenieurs van Alpine geschikt vonden voor deze A110 E-ternité. De bedoeling was namelijk om een efficiënt en soepel schakelende transmissie te vinden die niet alleen de trekkracht niet onderbreekt, maar die daarnaast ook licht en plaatsbesparend is. Uiteindelijk viel de keuze op een elektronisch gestuurde DCT (oftewel een type transmissie waar de A110 met benzinemotor ook over beschikt), maar dan bestand tegen de veel hogere koppelwaarde van de elektrische variant.

Er is al lang vraag naar een open versie van de A110. Daarom besloot Alpine tegelijk een extra uitdaging aan te gaan. Het verbouwen van een coupécarrosserie tot een open koetswerk zonder noemenswaardig verlies aan stijfheid is makkelijker gezegd dan gedaan. De oplossing werd door de ingenieurs van Alpine gevonden in 2 dakpanelen die met gerecycleerde koolstof werden geïnjecteerd. Dat levert een eenvoudige, licht maar toch stijf geheel op.
