De VDL Nedcar autofabriek in Born wacht een onzekere toekomst. Het contract met BMW, die de fabriek gebruikte om haar X1 en diverse Mini modellen te laten bouwen (waaronder de Countryman), loopt begin 2024 af en het is tot nu toe niet gelukt om een nieuwe opdrachtgever te vinden. Daardoor zullen nu 1.800 van de bijna 4.000 werknemers hun baan verliezen. Het gaat om 1.000 werknemers met een vast contract en 800 uitzendkrachten.
De 1.800 banen zullen geschrapt worden in november, als de productie voor Mini wordt teruggeschroefd van 2 naar 1 shift. De fabriek heeft een capaciteit om 200.000 auto’s per jaar te bouwen, maar de kans in reëel dat in 2024 de assemblage lijn helemaal stil komt te staan. BMW had in 2020 bekendgemaakt haar contract met VDL Nedcar, dat oorspronkelijk tot 2030 zou lopen, voortijdig te willen beëindigen. Reden was dat het Duitse concern voorzag dat er in de eigen fabriek in Leipzig capaciteit zou vrijkomen om aldaar zowel de jongste X1 als de nieuwe Countryman te gaan bouwen. Beide modellen delen hun platform dus dat maakt interne productie van beide SUV modellen op één locatie logisch.
Sinds de mededeling van BMW zoekt de directie van VDL Nedcar intensief naar een nieuwe opdrachtgever, maar tot nu toe zonder succes. Indien er tegen maart 2024, wanneer de deal met BMW helemaal afloopt, geen vervangende klussen zijn gevonden, dan dreigt ook voor de overige 2.100 medewerkers ontslag. Dat het VDL tot nu toe niet gelukt is om een nieuwe vis aan de haak te slaan, komt niet door twijfel over de bouwkwaliteit van de auto’s die in Born van de band rollen, maar doordat autofabrikanten genoodzaakt zijn om de broekriem aan te halen. De elektrificatie van het gamma kost handenvol geld en er moet rekening mee gehouden worden dat er nog forse investeringen gedaan moeten worden om modellen ‘Euro 7 proof’ te maken. Gecombineerd met een aarzelend koopgedrag van de autoconsument zoekt dit er voor, dat autofabrikanten momenteel helemaal geen behoefte hebben aan een externe producent als VDL Nedcar.
