De adviesprijs voor 1 liter benzine heeft het hoogste punt sinds half oktober bereikt. Er moet nu 2,20 euro voor betaald worden. De extra pijn aan de pomp wordt vooral veroorzaakt door de gestegen olieprijs. Handelaren betalen inmiddels ruim 86 euro voor een vat Noordzeeolie. Dat was begin vorige maand nog 77 euro.
Volgens Paul van Selms van consumentencollectief UnitedConsumers is olie vooral duurder geworden door de aanhoudende onrust in de wereld, met name veroorzaakt door Rusland en Israël. De onzekerheid die dat met zich meebrengt, heeft veel invloed op de prijzen van olie. “De oorlogen die er momenteel zijn in de wereld escaleren nog steeds. Zo zie je bijvoorbeeld dat de Houthi’s in Jemen blijven doorgaan met het bestoken van schepen. Ze hebben op dit moment nog geen tanker geraakt, maar dat is een kwestie van tijd. Ook is het zo dat Rusland momenteel veel olie zelf verstookt en dat enkele raffinaderijen in de Verenigde Staten zijn stilgelegd. Onder de streep zorgt dat ervoor dat er minder aanbod is en dat de prijs stijgt”, legt Van Selms uit.
Begin dit jaar was de landelijke adviesprijs voor 1 liter benzine nog 2,05 euro. Inmiddels is daar dus 15 cent per liter bij gekomen. De huidige prijs van 2,20 euro per liter betaal je overigens maar op een paar plekken. Veel tankstations geven korting. Die kan oplopen tot zo’n 15 cent per liter, soms zelfs iets meer.
Prijzen van boven de 2 euro kwamen tot 2,5 jaar geleden nooit voor. Maar inmiddels kost benzine al geruime tijd meer dan die 2 euro. Van Selms verwacht niet dat brandstof in de toekomst veel goedkoper wordt. Volgens hem moeten we wennen aan de huidige prijzen. Ook diesel is namelijk aanmerkelijk duurder dan begin dit jaar. In de voorbije maanden liep de adviesprijs met zo’n 10 cent per liter op tot 1,97 euro.
