Het is misschien wel het meest spraakmakende onderdeel van het nieuwe hoofdlijnenakkoord van de regering-Schoof: lekker weer 130 km/u rijden op de snelweg. Maar de automobilist wordt blij gemaakt met een dode mus want het kan bijna nergens. Er is slechts één plek waar we straks overdag weer wat harder mogen.
Tijdens de verkiezingscampagne zei PVV-voorman Geert Wilders dat de maximumsnelheid weer naar 130 km/u zou gaan “waar het kan”. En precies in die kanttekening schuilt het probleem: 130 km/u rijden binnen een straal van 25 kilometer rondom een Natura 2000 gebied blijft verboden. Alleen een stuk Houtribdijk valt daar buiten en dat is dan ook de enige plek waar straks harder gereden kan worden.
Aan het ‘Natura 2000 criterium’ valt niet te tornen omdat de rechter in 2019 heeft bepaald dat de stikstofuitstoot gereduceerd moet worden. Dat lukt alleen als er maximaal 100 km/u gereden wordt. In de afgelopen 5 jaar kwam hiermee een beetje stikstofruimte vrij, maar dat is inmiddels gereserveerd voor bouwprojecten. Er zijn dus niet of nauwelijks mogelijkheden voor een hogere maximum snelheid.
Nieuwe stikstofruimte zou wel gecreëerd kunnen worden door boeren uit te kopen, maar dat gaat niet op grote schaal gebeuren nu de BBB de landbouwminister levert. Zelfs het plan om 1.200 piekbelasters uit te kopen, is niet voldoende. Bovendien: de regeringscoalitie zal moeten kiezen: óf meer huizen bouwen óf 130 km/u rijden mogelijk maken. Beide kan niet. Sowieso zitten er veel nadelen aan een hoger snelheidslimiet: het is onveiliger, de CO2-uitstoot gaat omhoog en er is meer geluidshinder. Dat laatste vereist investeringen in extra geluidswallen. Daarbij is hardrijden in Nederland op veel plekken niet eenvoudig. Het is vaak te druk en er zijn (te) veel op- en afritten.
De PVV wilde aanvankelijk de maximumsnelheid verhogen naar 140 km/h. Dat stond in het partijprogramma. Maar die partij heeft wel meer verkiezingsitems in de ijskast gezet.
