Ford heeft zijn lesje geleerd. De autofabrikant dacht letterlijk en figuurlijk groots uit te pakken met een gigantische elektrische pick-up, maar Amerikanen zijn niet onder de indruk. Ook de Mustang Mach-E verkoopt in eigen land moeizaam. Het lukt Ford alleen om deze elektrische cross-over met een fors verlies te verkopen.
CEO Jim Farley gaat het daarom over een andere boeg gooien: hij zet namens Ford de kaarten in op kleinere elektrische voertuigen. De autofabrikant met de blauwe ovaal denkt op die manier (wél) een dominantere speler te worden in het betreffende marktsegment en zo Tesla en Chinese spelers als BYD in te halen.

Farley vertelde beleggers in een gesprek over de toekomstplannen van Ford dat als het om elektrische voertuigen gaat, groter niet altijd beter is. Sterker nog: de topman ging zelfs zo ver door te stellen dat de toekomst van het bedrijf afhangt van het vermogen om kleinere, goedkopere elektrische voertuigen te bouwen. “Wij geloven dat compacte, meer betaalbare elektrische auto’s de manier zijn om hoge verkoopaantallen te realiseren”.
Farley had eerder al gezegd dat Amerikanen hun verslaving aan “monstervoertuigen” moeten zien kwijt te raken. Hij legde uit dat er voor elektrische auto’s compleet andere regels gelden dan voor de traditionele modellen (de ‘benzine slurpers’) die Ford in grote aantallen op haar thuismarkt verkoopt. “Voor voertuigen met een verbrandingsmotor, een type auto die wij al 120 jaar maken, geldt: hoe groter het model, hoe hoger de marge”. “Maar voor elektrische voertuigen is het precies andersom. Hoe groter het voertuig, hoe groter de batterij moet zijn, hoe hoger de productiekosten zijn en hoe sterker de druk op de marge wordt, omdat klanten niet extra willen betalen voor die grotere batterijen”, zo voegde hij toe.
Dit wordt geïllustreerd door de verkoopaantallen van de Ford F-150. In 2023 ging de benzinevariant van de pick-up liefst 750.000 keer over de toonbank in de Verenigde Staten, terwijl de elektrische versie (“Lightning” genaamd; zie tweede foto) slechts 24.000 keer werd verkocht. Dit is volgens Ford voornamelijk te wijten aan de meerprijs van 20.000 dollar.
Farley sprak nadat de autofabrikant uit Detroit teleurstellende resultaten over het tweede kwartaal had gepubliceerd, waardoor de aandelen van Ford op de beurs liefst 12 procent daalden. Het bedrijf blijft geld verliezen op zijn elektrische voertuigen te midden van een sector brede vertraging in de vraag naar dit type personenwagens. De Ford divisie die zich bezighoudt met e-mobiliteit verloor in het tweede kwartaal 1,14 miljard dollar. Farley vindt die situatie onhoudbaar.
De topman gokt erop dat een nieuw platform dat speciaal is ontwikkelde voor kleinere, meer betaalbare voertuigen, dit zal veranderen en het bedrijf een voorsprong zal geven op Tesla en zijn Chinese rivalen. Ford heeft in stilte een geheimzinnig “skunkworks” team opgericht, naar verluidt gevestigd in Californië, om dit nieuwe platform te bouwen. De eerste voertuigen zullen naar verwachting uiterlijk 2026 in productie gaan.
Farley vertelde de beleggers dat grote elektrische voertuigen “deel van het plaatje” blijven voor het bedrijf, maar dat Ford “heel voorzichtig” zou moeten zijn met wanneer en hoe het dergelijke auto’s in de toekomst uitbrengt. Toch is het standpunt van de CEO glashelder: Amerikaanse autofabrikanten moeten zich niet langer focussen op enorme elektrische pick-ups als zij succesvol willen zijn. Volgens Farley is bijvoorbeeld de emissievrije variant van de F-series pick-up te zwaar om ooit echt betaalbaar te worden. “We moeten weer verliefd worden op kleinere voertuigen. Het is superbelangrijk voor onze samenleving en voor de acceptatie van elektrische auto’s”, aldus de CEO. “Wij zijn nu nog blindverliefd op deze monstervoertuigen, en ik hou er ook van, maar er is een structureel probleem met het gewicht van dergelijke auto’s”, zo voegde hij er aan toe.
In Europa speelt het ‘verkoop- en margeprobleem van de Ford F-150 Lightning niet. Sinds kort zet Ford zijn elektrische kaarten in onze marktregio in op de Explorer en de Capri. Maar de hiervoor benodigde techniek moet bij Volkswagen worden ingekocht. Dat leidt tot hogere kosten die Ford niet kan doorberekenen aan de consument vanwege de messcherpe concurrentie in het prijssegment waarin de Explorer (44.950 euro) en Capri (47.850 euro) opereren. Met als resultaat dat er op deze modellen niet of nauwelijks winst wordt gemaakt.
Ook met de elektrische variant van de Puma, die voor eind dit jaar in de agenda staat, zal er door Ford niet veel geld verdiend worden. Dat komt omdat dit model is afgeleid van de bestaande benzineversie. Dat zet een autofabrikant kostentechnisch per definitie vop achterstand. Bovendien is het de vraag of er bij een tarief van minimaal 37.000 euro (prijs indicatie van Autointernationaal.nl) gesproken kan worden van een elektrische auto. Het is daarom goed dat Ford nu met een schone lei begint en er momenteel hard gewerkt wordt aan een specifiek platform voor een betaalbaar model.

Die zou overigens best wel eens Fiesta (zie computerfoto)kunnen gaan heten. Zoals inmiddels bekend is Ford een fan van recycling van modelnamen. Fiesta is bovendien een auto die Amerikanen nog uit de jaren-70 van de vorige eeuw kennen. Zoals gezegd zal de elektrische editie van dit model uiterlijk eind 2026 worden gepresenteerd. Het platform van de elektrische Fiesta moet het efficiëntste in zijn soort worden.
Dat klinkt veelbelovend. In Europa kan het model een schot in de roos worden. Maar zullen Amerikanen bereid zijn om af te kicken van hun verslaving aan grote auto’s? Dat lukt alleen als de elektrische Fiesta onweerstaanbaar laag geprijsd wordt …
