Tussen de Captur en de Austral is er volgens Renault plaats voor een extra SUV model. Dat is de Symbioz geworden. Deze SUV, in zekere zin de opvolger van de Mégane Estate, oogt als het iets kleinere broertje van de volledig elektrische Scénic E-tech, maar zijn motor is van het hybride soort. Hoe de vanaf volgende maand leverbare Symbioz rijdt en over welke troeven hij beschikt, kan je lezen in dit testverslag.
Het gamma van Renault kent nogal wat SUV modellen. In de vorm van de 4,41 meter lange Symbioz komt daar een 7de exemplaar bij. Hij wringt zich zoals gezegd tussen de Captur (4,24 meter) en de Austral (4,51 meter). Daar bevindt zich ook de Arkana, maar die heeft een coupéachtige daklijn en is daarmee minder conventioneel gelijnd. Of tussen de Captur en de Austral voldoende ruimte is voor een apart model zullen de verkoopcijfers moeten gaan uitwijzen. Feit is dat Volkswagen in dezelfde prijsklasse (36,5 tot 40,5 mille) ook diverse SUV in de aanbieding heeft: de T-Cross, de Taigo en de T-Roc. Dus Renault is niet de enige autofabrikant die denkt dat de SUV honger bij de autoconsument nog lang niet bevredigd. In Europa wordt 40 procent van de autoverkopen gerealiseerd met een C-segment model. Dit betekent dat het formaat van de Symbioz precies goed is.

De Symbioz lijkt zoals gezegd sterk op de 4,47 meter lange Scénic E-Tech (beide modellen zijn ontworpen door ex-Peugeot-designer Gilles Vidal), maar hij staat op het onderstel van de Captur. Van dit model leent hij ook de hybride aandrijflijn. Daarmee kan de Symbioz, indien er sprake is van een rustige rijstijl, in en om de stad een beperkte afstand elektrisch afleggen. De techniek is sowieso goed om benzine te besparen. De hybride aandrijflijn, Full Hybrid 145 genaamd, is reeds bekend van de Clio, de Captur, de Arkana en de Nissan Juke. Een atmosferische 1,6 liter benzinemotor van 94 pk fungeert als basisunit. Een 2-tal elektromotoren (een ‘grote’ van 36 kW en een ‘kleine’ van 18 kW) zorgen voor assistentie. De bijbehorende versnellingsbak doet het zonder traditionele koppeling en telt 4 versnellingen voor de verbrandingsmotor en 2 voor de grote elektromotor. In totaal zijn er daarmee 14 verschillende aandrijf combinaties om uit te kiezen. Daarbij wordt zoveel mogelijk de nadruk gelegd op elektrische aandrijving waarbij gebruik kan worden gemaakt van een batterij van 1,2 kWh.

Voor een hybride auto die niet van het plug-in soort is, is dat een relatief groot formaat. Dat merk je duidelijk in de praktijk. Bij een rustige rijstijl in een (rand)stedelijke omgeving werkt het systeem perfect en kan er regelmatig en soms zelfs lange stukken volledig elektrisch worden gereden. Dat levert een aangenaam zacht rijgedrag en een laag benzineverbruik op. In die omstandigheden wist ik tijdens de test op de boordcomputer een gemiddelde van 4 liter per 100 km te halen. Dat is minder dan het officiële WLTP-cijfer (4,5 liter; CO2-uitstoot 105 gram/km). Bij een sportievere rijstijl is de aandrijflijn echter minder in zijn element. De verbrandingsmotor laat dan erg nadrukkelijk van zich horen en de transmissie verslikt zich soms in zijn versnellingskeuze. Maar deze (kleine) irritaties zijn wel al zeldzamer dan bij de lancering van deze hybride aandrijflijn door Renault, nu 5 jaar geleden. Gemiddeld genomen kwam het testverbruik volgens de boordcomputer uit op 6 liter per 100 km. Voor een auto die in 10,6 seconden naar 100 km/u kan sprinten is dat niet slecht, zonder er echt uit te springen.

Bij een rustige rijstijl is de Symbioz dankzij een goede geluidsisolatie prettig stil en is er sprake van een aangenaam veercomfort. Op die manier kunnen lange afstanden in alle rust worden afgelegd. Het aangename veercomfort gaat niet ten koste van de wegligging, waardoor de Symbioz ook op bochtige binnenwegen een plezierige auto is om mee te rijden. Er zijn tal van rijhulpsystemen (zelfs 29 stuks op de duurste uitvoering, Iconic genaamd).

Gelukkig is er ook een zeer handige ‘Safety Switch’ oftewel een fysieke schakelaar aan de linkerkant van het stuur waarmee men in één keer alle favoriete instellingen inschakelt zonder daarvoor in het menu van het aanraakscherm te moeten duiken. Het is een bijzonder handige functie om de door de Europese Unie verplichte waarschuwingen (zoals de actieve snelheid assistent), die bij elke start moeten worden uitgeschakeld als men daar geen prijs op stelt, het zwijgen op te leggen.

Het design van de Symbioz kenmerkt zich door het gebruik van scherpe randen en een opvallende grille die extra in de verf wordt gezet door zowel tal van kleine ruitjes als een zwarte streep. Ook de 18- of 19-inch velgen hebben een origineel design.

Renault heeft voor de Symbioz een nieuwe lakkleur ontwikkeld, genaamd Bleu Mercure (zie foto’s). Rouge Flamme wordt aangeboden zonder meerprijs. In totaal zijn er 7 verschillende kleuren verkrijgbaar voor de Symbioz.

De nieuwe Renault kan ook worden geleverd met een zogeheten Solarbay zonnedak. Dat kan in segmenten worden verduisterd via elektro chromatische kristallen. Een simpele druk op de knop volstaat om het glas van het panorama dak donker te maken. Er kan worden gekozen uit transparant, verduisterd, alleen het voorste gedeelte transparant maar achter verduisterd, of andersom.

Net zoals elke nieuwe Renault sinds de Mégane Electric beschikt de Symbioz over het Open R-Link multimediasysteem met diensten van Google. Het dashboard telt 2 schermen: een centraal touchscreen in portretstand dat 10,4 inch groot is en een 10,3 inch display dat dienst doet als digitaal instrumentarium. De diensten van Google omvatten niet alleen Google Maps, maar ook een stem assistent. Daarmee kunnen diverse voertuigfuncties worden bediend (zoals het verduisteren van het dakraam). Google geeft je ook toegang tot verschillende applicaties. Optioneel zijn extra apps te downloaden, waaronder Waze of Amazon Music. Het multimediasysteem is vanzelfsprekend compatibel met Android Auto en Apple CarPlay, zowel met als zonder kabel. Open R-Link pleziert met zijn intuïtieve ergonomie, heldere menu’s en hoge reactiesnelheid. Het multimediasysteem is altijd up-to-date dankzij de zogeheten FOTA functie (Firmware Over The Air). Daarmee worden updates automatisch op afstand geïnstalleerd, net als bij smartphones.

De kaarten van Google Maps kunnen ook op het display van het digitale instrumentarium worden geprojecteerd. Dat kan handig zijn als de bijrijder het centrale display wil bedienen. De bestuurder krijgt dan ongehinderd de navigatie-instructies voorgeschoteld.

De Symbioz is slechts 6 centimeter korter dan de Scénic E-Tech, maar kan niet tippen aan diens ruimteaanbod. Dat komt doordat de Scénic E-Tech een specifiek voor elektrische auto’s ontwikkeld platform heeft waarbij gebruik gemaakt wordt van een veel langere wielbasis. Toch is ook de Symbioz achterin voldoende ruim. Dankzij de standaard over een lengte van 16 centimeter verschuifbare achterbank (waar de Scénic E-Tech niet over beschikt) kan er variabel worden omgesprongen met de verhouding tussen interieur ruimte en kofferbak capaciteit. De bagageruimte kan zo worden vergroot van 492 tot 624 liter zonder de zetels achterin te moeten opofferen.

De rugleuning van de bank kan in 1/3:2/3 verhouding worden omgeklapt, waarna maximaal 1.582 liter aan laadruimte ontstaat. De lengte van de laadvloer is dan 1,68 meter. Dankzij de dubbele bodem kan men die verhogen om een vlak oppervlak te krijgen. Deze handige mogelijkheid ontbreekt in de Scénic E-Tech. De Symbioz is ook leverbaar is met een elektrische achterklep (inclusief handenvrije functie dankzij de bewegingssensor onder de bumper).

Renault gaat de Symbioz volgend jaar ook leveren in een goedkopere mild hybride uitvoering. Ook komt er een simpelere instapversie genaamd Evolution. Voorlopig is er alleen de Full Hybrid 145 aandrijflijn en 3 uitrustingsniveaus: Techno (36.490 euro, maar je mist dan het leuke Solarbay dak en de elektrische achterklep), Esprit Alpine (38.690 euro; onderscheidt zich met zijn sportieve look) en Iconic (40.390 euro; beschikt wel over het Solarbay dak en de elektrische achterklep). Daarmee is de Symbioz goedkoper dan zijn grote broer Austral (vanaf 39.190 euro met een ronduit onprettige mild hybride aandrijflijn), maar duurder dan de Captur Full Hybrid 145 (31.990 euro als Evolution en 33.690 euro als Techno).

Conclusie
De hamvraag is dus of de Symbioz, die in de Renault fabriek in het Spaanse Valladolid wordt geproduceerd, in Full Hybrid 145 Techno uitvoering zijn meerprijs van 2.800 euro ten opzichte van de vergelijkbare Captur waard is. Eerlijk gezegd weet ik daar geen helder antwoord op te geven. Heb je die 2.800 euro niet liggen, dan ben je met de Captur, een prettige allrounder, ook prima bediend. Zijn de extra kosten geen probleem, dan is het natuurlijk leuk om te kiezen voor de Symbioz. De Captur staat immers al op elke straathoek en is toch wat minder ruim.
Maar het succes van de Symbioz zal vooral bepaald worden door het feit of hij autoconsumenten bij de concurrentie weg kan lokken. Ook op die vraag is het antwoord niet zwart/wit. Feit is wel dat de Symbioz een handzaam formaat heeft, voldoende ruim is, niet te veel benzine verbruikt en beschikt over een aangenaam weggedrag, vooral als een sportieve rijstijl vermeden wordt. Anders gezegd: hij zakt dus op geen enkel vlak voor het ijs.
- 7
