Volgens branchevereniging Techniek Nederland moet er op korte termijn fors worden geïnvesteerd in onze weginfrastructuur. Als er te lang gewacht wordt met het renoveren van bruggen en wegen, zal het verkeer in ons land vast lopen. Om die reden wil de vereniging voldoende budget en concrete opdrachten zien van de overheid. “We moeten met zijn allen wakker worden”, zegt de voorzitter van Techniek Nederland, Doekle Terpstra.
Volgens Terpstra hebben gemeenten en provincies niet in de gaten hoe afhankelijk Nederland is van een goede infrastructuur. “Wij behoren qua infrastructuur nu zo’n beetje tot de top van de wereld als het gaat om kwaliteit”, zegt hij. Daarbij wijst hij er op dat een groot deel van de Nederlandse infrastructuur is gebouwd na de Tweede Wereldoorlog en nu toe is aan onderhoud. De provincie Noord-Holland en Rijkswaterstaat lijken volgens Terpstra het voortouw te nemen door de noodklok te luiden. “Wij zijn hier aan het vastlopen”.
Terpstra geeft aan dat er voorbeelden zijn waaraan te zien is dat de urgentie op het onderhoud aan het toenemen is. Als voorbeeld gebruikt hij zelf de Van Brienenoordbrug in Rotterdam: “Als ik over die brug rij, zie ik de roest toenemen”, zegt hij. Niet alleen bruggen, maar ook viaducten en tunnels behoeven volgens hem aandacht. De rol van techniek wordt steeds belangrijker bij de renovatieopgaven. “Laten we daarom nu met zijn allen aan de slag gaan”, aldus de voorzitter van Techniek Nederland.
Volgens Terpstra is het van belang dat de kwestie ook binnen het beleid van de overheid gaat vallen. Ook roept hij gemeenten en provincies op om samen naar “deze enorme opgave” te gaan kijken. De kosten voor de renovatie van onze infrastructuur worden voor de periode tot 2040 begroot op 2,7 miljard euro per jaar. “Dat zijn geen luxe-uitgaven, maar nodig om ons land bereikbaar en concurrerend te houden”, aldus Terpstra.
