De Verenigde Staten verbiedt per 2027 de verkoop van auto’s met technologie uit China en Rusland.
De maatregel werd vorig jaar al aangekondigd en omvat componenten zoals Bluetooth, Wi-Fi, sensoren en boordcomputers. De Verenigde Staten stellen het verkoopverbod naar eigen zeggen in vanwege risico’s voor de nationale veiligheid. Ook zijn er zorgen over de privacy.
De maatregel betekent ook dat zelfstandig rijdende auto’s van Chinese makelij vanaf 2027 niet meer getest mogen worden op Amerikaanse bodem. Die beslissing raakt vooral technologiebedrijf Waymo, dat van plan was om voertuigen van Zeekr in te zetten voor haar robottaxi’s. Dat uitbreidingsplan kan nu de prullenbak in.
Volgens Gina Raimondo, minister van Handel, kunnen technologieën zoals camera’s en GPS “serieuze risico’s” vormen als tegenstanders toegang krijgen tot verzamelde gegevens. Het Witte Huis noemt de toegang tot Chinese voertuigsoftware een “significante bedreiging”. De regelgeving is onderdeel van bredere handelsbeperkingen. Eerder dit jaar voerde de binnenkort afzwaaiende president Joe Biden een extra importheffing van 100 procent in voor Chinese auto’s. Polestar dacht die dans te kunnen ontspringen door haar nieuwe ‘3’ in de Volvo fabriek in South-Carolina te laten bouwen, Maar bij een verkoopverbod is dat zinloos. Diverse componenten voor de productie van de ‘3’ in de Amerikaanse fabriek worden namelijk vanuit China aangevoerd. In 2024 verkocht Polestar nog 3.555 auto’s in de Verenigde Staten.
In Nederland doet de overheid ook een onderzoek naar de cyberveiligheid van auto’s van Chinese makelij. De motie, die werd ingediend door de Kamerleden Derk Boswijk (CDA), Jan Paternotte (D66) en Thom van Campen (VVD) werd unaniem aangenomen door de Tweede Kamer.
