De feiten zijn vernietigend en het is bijna onmogelijk om weg te kijken: Volvo veranderde van een fabrikant van eenvoudige, maar degelijke auto’s naar een producent van complexe luxemodellen waarbij de focus op , technologie ligt. De bijbehorende software blijkt helaas niet probleemvrij te zijn, waardoor het imago van Volvo als fabrikant van betrouwbare auto’s kelderde.
Toegegeven, er zijn meer autofabrikanten die kampen met problematische software. Er is sprake van een brede trend die de opkomst van nieuwe technologie weerspiegelt. Maar Volvo heeft misschien wel het meest te verliezen. Het merk worstelt, net als vele andere, met het vinden van een balans tussen zijn historische betrouwbaarheid en een vooruitstrevende, technologisch geavanceerde identiteit.
In de jaren 70 en 80 bouwde Volvo zijn reputatie op iets wat niet in de mode was: eenvoud. Auto’s zoals de 240 waren robuust gebouwd, mechanisch eenvoudig en ontworpen om gerepareerd te worden in plaats van dat ze vervangen werden. De daaropvolgende 940 leunde op vertrouwde componenten, terwijl de concurrentie al steeds complexere elektronica en ongeteste systemen introduceerden. Dat conservatisme was een essentieel onderdeel van de identiteit van Volvo. En decennialang werkte het uitstekend.
Maar anno 2026 staat Volvo op de een-na-laatste plaats in het JD Power US Vehicle Dependability Study, met 296 problemen per 100 voertuigen, tegenover een gemiddelde van 204 voor de hele branche. Het verband tussen die terugval en de technologische revolutie waar Volvo al haar kaarten op had ingezet, is duidelijk.
Toen Geely in 2010 de controle over Volvo overnam van Ford, heerste er een optimistische stemming. Volvo’s nieuwe Scalable Product Architecture (SPA), een investering van 11 miljard dollar, vormde de basis voor de volledig nieuwe XC90 uit 2016 en was bedoeld om in het hele modellengamma te worden toegepast. Het platform bracht connected car-technologieën, baanbrekende veiligheidsvoorzieningen en een premium interieurontwerp met zich mee. Volvo had zich hiermee volledig gecommitteerd aan zijn nieuwe identiteit als een technologisch geavanceerd luxemerk, compleet met minimalistische Scandinavische interieurs zonder fysieke knoppen, met grote touchscreens als centraal element. De esthetiek was prachtig. De uitvoering bleek echter een heel ander verhaal.
De eerste SPA modellen kampten met problemen aan de motor en aan het hybridesysteem, maar het grootste hoofdpijndossier was de software. Infotainmentsystemen liepen vast, startten opnieuw op en vielen in sommige gevallen zelfs al uit vóór de levering. De overstap naar Android Automotive bood geen oplossing; integendeel, het introduceerde nieuwe zwakke punten. In 2019 was Volvo in het betrouwbaarheidsonderzoek van JD Power naar auto’s van modeljaar 2016 gezakt naar de derde laatste plaats, en de scores zijn sindsdien nauwelijks hersteld.
Volgens het meest recente betrouwbaarheidsonderzoek van JD Power gaat de betrouwbaarheid van voertuigen over de hele linie achteruit, waarbij infotainmentsystemen duidelijk de grootste bron van problemen vormen. Zelfs Toyota, jarenlang de maatstaf voor betrouwbare techniek, ontkomt er niet aan. Dit merk staat niet langer op de eerste plaats in de lijst van fabrikanten die de meest betrouwbare auto’s maken. Subaru daarentegen koos bewust voor een conservatieve aanpak met beproefde, door al haar modellen gedeelde onderdelen en klom naar de top van de ranglijst door precies te doen wat Toyota vroeger deed.
Het patroon is overal consistent. Merken die complexiteit nastreven, verliezen terrein. De eigen gegevens van JD Power bevestigen dat plug-in hybrides 237 problemen per 100 voertuigen hebben en volledig elektrische auto’s 212, vergeleken met 184 voor conventionele auto’s met een verbrandingsmotor.
Net als de Duitse premium merken is Volvo overgestapt van de nadruk op betrouwbaarheid naar een fixatie op technologie en design als rechtvaardiging voor de hogere prijzen. Volvo’s zijn niet langer “duurzame goederen”, zoals hun reclame vroeger beweerde. Het zijn luxe paarden geworden, met alle bijbehorende grilligheden en kenmerken van divagedrag. Die herpositionering heeft commercieel gewerkt, althans op papier. De verkoop steeg onder Geely, de interieurs werden werkelijk prachtig en de auto’s wonnen designprijzen. Maar betrouwbaarheidscijfers meten wat er gebeurt nadat die showroomglans is verdwenen.
Na een mislukte lancering van de EX30 en EX90 probeert het merk nu het tij te keren met zijn volgende generatie elektrische auto’s. Die koerswijziging zou kunnen slagen, tenzij de innovatieve EX60 ook allemaal gebreken blijkt te hebben. De diepere vraag is echter of het merk zijn identiteit kan behouden. De 240 werd nooit omschreven als een lifestyle-auto. Niemand kocht er een om indruk te maken op de buren. Ze kochten een Volvo omdat die elke ochtend startte en waarschijnlijk langer mee zou gaan dan zijzelf. Die reputatie is in meerdere decennia opgebouwd, namelijk in de hele naoorlogse periode tot 2016. De gegevens van JD Power suggereren dat het slechts 10 jaar van touchscreens heeft geduurd om die reputatie te vernietigen.
