Stellantis heeft al enige tijd een joint venture met Leapmotor. Dat bedrijf is verantwoordelijk voor de verkoop en service van de modellen van de Chinese autofabrikant in Europa. Leapmotor weet op deze manier aardig wat auto’s te verkopen in onze marktregio dus het is logisch dat de samenwerking naar meer smaakt. De volgende stap is nu de montage van Chinese techniek in de modellen van een van Stellantis’ dochtermerken. Wie komt daarvoor het meest in aanmerking?
Om die vraag te beantwoorden, kan je diverse criteria hanteren. Enkele staan hieronder:
- Het (volume)merk van Stellantis dat momenteel (het meeste) marktaandeel verliest en dus het beste hulp kan gebruiken. Dat is Peugeot. Anders dan Citroën, Fiat en Opel zag dit merk haar verkopen in de eerste 2 maanden van dit jaar in Europa met 6,5 procent dalen, met als gevolg verlies aan marktaandeel. In dezelfde periode namen de verkopen van Citroën met 11,7 procent toe, die van Opel met 21,1 procent en die van Fiat met 36,9 procent.
- Het (volume)merk van Stellantis dat qua prijspositionering (onderkant van de markt) het beste bij de modellen van Leapmotor past. Dat is Fiat. Dit merk heeft als prijsrange 22.990 – 35.999 euro. Bij Leapmotor is de bandbreedte 19.950 – 45.050 euro. De prijsrange van Citroën is 20.990 – 52.890 euro. Bij Opel variëren de prijzen van 24.999 – 56.999 euro. En bij Peugeot van 28.990 – 58.290 euro.
- Het (volume)merk van Stellantis wiens thuismarkt het meest ontvankelijk is voor Chinese auto’s en hun techniek. Dat is het Italiaanse Fiat. Het Duitse Opel het minst. Het Franse Citroën en Peugeot zitten er tussenin.
Alles overziend (het merk dat op een bepaald criterium het beste scoorde, krijgt 4 punten, het merk dat het slechtst scoorde krijgt 1 punt), komt Fiat met 9 punten het meest in aanmerking voor omarming van techniek van Leapmotor. Op de voet gevolgd door Citroën met 8,5 punten. Opel eindigt als laatste met 5 punten. Peugeot zit tussenin met 7,5 punten.

En toch is het Opel waar Leapmotor liefdesbaby’s mag gaan verwekken. Deze keuze is gespeend van elke logica. Maar eigenlijk niet verrassend, want bij Stellantis zitten 2 kampen aan de knoppen: het Franse kamp onder leiding van de familie Peugeot dat tot het ontslag van CEO Carlos Tavares de regie in handen had, en het Italiaanse kamp onder leiding van Exor, het investeringsvehikel van John Elkann, een nazaat van de oprichter van Fiat. De Italianen hebben sinds het ontslag van Tavares de macht gegrepen door als CEO iemand van het voormalige Fiat Chrysler Automobiles, Antonio Filosa, te benoemen. De belangen van Opel worden op geen enkele manier behartigt, hoewel dit merk in Europa voor meer omzet (en vermoedelijk ook winst) bij Stellantis zorgt dan Fiat.
In zo’n situatie is het makkelijk om Opel de vervelende klusjes bij Opel te laten opknappen. Dit merk moet in 2028 een model met de techniek van de Leapmotor B10 op de markt brengen. Terwijl dat rationeel beschouwd helemaal niet logisch is. Maar anders dan Citroen – Peugeot (Franse kamp) en Fiat (Italiaanse kamp) is Opel wegens het ontbreken van een Duits kamp niet in de Raad van Bestuur van Stellantis vertegenwoordigd. Anders dan Citroën, Fiat en Peugeot kan Opel dus niet zeggen: “aan mijn lijf geen polonaise”.
De Opel ‘with Leapmotor inside’ moet vanaf 2028 in het Spaanse Zaragoza, de hoofdfabriek van de Corsa, van de band rollen. Ook als het om de eigen fabrieken gaat, zeggen de Franse en Italiaanse kampen dus: “aan mijn lijf geen polonaise”. En: “laat Opel het vuile werk maar opknappen”.
Het is niet alleen droevig voor Opel dat het zo werkt bij Stellantis. Als ouders van vlees en bloed hun dochter achterstellen, verwaarlozen of mishandelen, dan worden zij uit de ouderlijke macht gezet. Hoewel Stellantis daar ook voor in aanmerking komt (wie begint een rechtszaak tegen Stellantis met als insteek dat zij de belangen van Opel niet goed behartigd?), hoeft er op dit punt geen actie ondernomen te worden: Stellantis is op deze manier (namelijk door onlogische, irrationele beslissingen te nemen) zijn eigen graf aan het graven. Er wordt voor de auto-industrie een consolidatieslag voorspeld waarbij diverse autofabrikanten kopje onder zullen gaan. Stellantis zal het zeker niet gaan redden. Wie denkt dat Stellantis ’too big to fail’ is, moet het autogeschiedenisboek er nog eens bij pakken en het hoofdstuk over British Leyland herlezen.
Stellantis neemt een onlogische, irrationele beslissing door Opel aan Leapmotor te koppelen. Deze bevruchting zal maar weinig succesvolle liefdesbaby’s opleveren. Terwijl een koppeling aan Citroën, Fiat of Peugeot veel meer geld opleveren. Citroën broedt op een moderne interpretatie van de 2CV, maar heeft niet de techniek in huis voor een model onder de C3/ë-C3. Fiat wil graag hogerop en terugkeren naar het C-segment. De Italianen willen dit gaan doen door het onderstel van de Grande Panda op te rekken. Zie jij dat voor je? Gebruik maken van de techniek van de Leapmotor C10 zou veel logischer zijn. Peugeot verliest momenteel marktaandeel omdat zij geen model onder de minimaal 28.990 euro kostende 208 in haar gamma heeft. Met de Leapmotor B03X (prijs indicatie: 18.995 – 24.495 euro) als basis zou daar snel verandering in aangebracht kunnen worden. Opel heeft minder hard een extra goedkoop model nodig dan Peugeot (of Citroën). Ook heeft dit merk minder hard een duurder model nodig dan Fiat. Dus nogmaals: waar is de logica om juist Opel te laten versmelten met Leapmotor.?
Alle bovengenoemde modelkansen laat Stellantis nu liggen omdat de families Peugeot en Elkann zich te goed voelen voor de techniek van Leapmotor. Hoogmoed komt voor de val …
