De Europese invoerheffingen op in China geproduceerde elektrische auto’s treffen vooral Europese autoproducenten. Dat blijkt uit cijfers van de Europese transportvereniging Transport en Environment (T&E).
Elektrische auto’s van Europese merken als BMW, Dacia en Volvo die in China worden geproduceerd, vinden steeds minder vaak hun weg naar de Europese markt. Terwijl diverse Chinese autofabrikanten juist hun export naar Europa konden opvoeren.
Europese merken zagen de Europese import van in China geproduceerde elektrische modellen de afgelopen 2 jaar afnemen. In 2024 hadden dergelijke auto’s nog een exportaandeel van 38 procent, maar in het eerste kwartaal van dit jaar is dat gezakt naar 23 procent. De forse daling wordt door T&E toegeschreven aan de invoering van importheffingen op in China geproduceerde elektrische auto’s. Met die maatregel wil de Europese Commissie de opnars van Chinese autofabrikanten op de Europese markt afremmen.
Nu blijkt volgens T&E eerder dat de Europese Commissie zichzelf in de voet schiet. Want juist Europese merken lijken meer getroffen te worden door de heffingen dan Chinese producenten van elektrische auto’s. Merken als BYD en Leapmotor zagen hun import naar Europa zelfs aanzienlijk toenemen, ondanks de invoering van de extra importheffingen in 2024. De Chinese merken zagen hun aandeel in de export naar Europa juist toenemen van 35 procent in 2024 naar 54 procent in het eerste kwartaal van 2026.
Eén Chinees autoconcern lijkt juist wel hard getroffen te worden door de Europese heffingen: SAIC, de producent van MG. Elektrische auto’s van dat merk hebben namelijk te maken met hogere invoerrechten, omdat Brussel heeft onderzocht dat dat merk meer profiteert van staatssubsidies. Autointernationaal.nl merkt hierbij op dat Britten, waar MG al langer actief is, opvallend ontevreden zijn over de in China geproduceerde elektrische auto’s van het merk. Dat kan de verkoop ook onder druk gezet hebben.
En voor wat betreft Europese automerken moet opgemerkt worden dat BMW in 2024 haar oude model iX3 nog wel uit China haalde, maar de nieuwe generatie niet meer. Volvo laat de voor de Europese markt bestemde exemplaren nu deels in België van de band rollen. Verder is de DS 9 wegens gebrek aan succes gesaneerd. De Citroën C5 X, die ook in China wordt gebouwd, wacht hetzelfde lot. Dacia laat de volgende generatie Spring in Slovenië bouwen. Het huidige model loopt in China van de band. Het zijn dus niet alleen de heffingen van de EU die het exportaandeel onder druk zetten. Over het eerste halfjaar van 2026 kwam al met al slechts 17 procent van alle in Europa verkochte elektrische auto’s uit China. Dat was in dezelfde periode van 2024 nog 22 procent.
Ondanks dat de meeste Chinese merken weinig lijken te voelen van de Europese maatregelen, ondernemen ze wel stappen om productiefaciliteiten in Europa op te zetten. Sinds het EU-onderzoek naar gesubsidieerde autoproductie in China hebben Chinese merken de bouw van 10 productiefaciliteiten aangekondigd in Europa. Bovendien richten steeds meer Chinese merken zich op de export en verkoop van (plug-in) hybride auto’s, aangezien die niet te maken hebben met strafheffingen.
