Comfortabel maar complex: test Mercedes-Benz EQ C 400 4Matic

0

In korte tijd, eigenlijk binnen een tijdsbestek van 12 maanden, is het aanbod verviervoudigd. Had Tesla tot een jaar geleden het rijk nog alleen, vandaag de dag kan je ook bij Audi, Jaguar en Mercedes-Benz terecht voor een duurdere, volledige elektrische auto met premium status. Binnenkort volgt ook Porsche. Is dat toeval?

Ja en nee. Voor de gevestigde orde werd medio 2014, toen het hitpotentieel van de Tesla Model S zich aandiende, duidelijk dat men deze nieuwkomer op de automarkt er niet alleen met de elektrische buit vandoor kon laten gaan. Dat besef joeg Audi, Jaguar, Mercedes-Benz en Porsche onafhankelijk van elkaar naar de tekentafel (BMW zat in 2014 nog met een zware kater vanwege de toen slecht verkopende i3 en kwam pas later bij zinnen, met als gevolg dat de eerstvolgende elektrische auto van dit merk, de iX3, niet voor eind 2020 in de showrooms arriveert) om een alternatief te ontwerpen. Audi, Jaguar en Mercedes-Benz kozen alledrie voor een cross-over omdat dit carrosserietype eigenlijk net zo trendy is als elektrisch rijden (Porsche is het aan zijn stand verplicht om met wat meer sportiefs te komen en BMW heeft, om tijd te besparen, besloten om de X3 als uitgangspunt te nemen dus haar verlate antwoord wordt een SUV).

Jaguar heeft vorig jaar op de valreep bewezen dat haar I-Pace zoals beoogd daadwerkelijk een volwaardig alternatief is voor de duurdere Tesla modellen S en X. Audi is momenteel druk bezig met het schrijven van orders voor de e-Tron. Eigenlijk had dit merk daar vorig jaar al mee willen beginnen, maar toen waren er aanloopproblemen bij de productie van de cross-over (Tesla heeft dus geen patent op leveringvertraging van elektrische auto’s). Ook bij Mercedes-Benz kwam de bouw van de hier geteste EQ C minder snel op gang dan haar lief is. En voor een fabrikant die een reputatie hoog te houden heeft op het gebied van technische innovaties, kan je niet anders dan concluderen dat het Daimler concern teleurstellend laat is (al had de haar naam eer aan doende dochter Smart wel het elektrische huiswerk tijdig af).

Het verkoopfeest is inmiddels in volle gang. De introductie van de EQ C komt dus geen moment te vroeg, want in 2021 treden de strengere emissieregels van de Europese Commissie in werking dus dan dienen alle productieproblemen en kinderziektes opgelost te zijn. Het jaar 2021 klinkt misschien ver weg, maar het begint al over 19 maanden, hetgeen betekent dat Mercedes-Benz niet meer dan één vol productiejaar de tijd heeft om de EQ C goed op de rails te zetten. Gelukkig komt de Duitse elektrische cross-over goed beslagen ten ijs, zo zal je verderop in dit in Oslo (waar inmiddels de helft van het wagenpark elektrisch is) geschreven testverslag kunnen lezen.

Met een carrosserielengte van 4,76 meter is de EQ C iets groter dan de I-Pace (4,68 meter), maar veel korter dan de 5,05 meter lange Tesla Model X (de Audi e-Tron bewandelt met 4,90 meter de gulden middenweg). Als je door je oogharen naar de elektrische cross-over van Mercedes-Benz kijkt, doet hij enigszins aan de GLC denken. Dat is geen toeval, want de EQ C maakt gebruik van hetzelfde platform en wordt op dezelfde productielijn gebouwd. Zijn actieradius bedraagt volgens WLTP norm 417 kilometer. Dat is iets meer dan de Audi e-Tron (385 km) en Jaguar I-Pace bieden. Tesla maakte lange tijd indruk met een voor elektrische auto’s zeer forse actieradius, maar recent is het gamma van de Model X aangevuld met een nieuwe Standard Range instapuitvoering. Die komt ‘slechts’ 375 km ver op een volle acculading.

Is de Long Range uitvoering van de Model X, die een rij bereik heeft van 450 à 523 kilometer (afhankelijk van de meetmethode) dan geen beter vergelijkingsmateriaal voor de EQ C? Nee, want die kost minimaal 95.820 euro. Het tarief van de Standard Range versie (87.100 euro) ligt dichter bij het basistarief van de EQ C (80.995 euro). Om deze vergelijking compleet te maken: de Audi e-Tron kost minimaal 84.100 euro en Jaguar vraagt 80.580 euro voor de eenvoudigste versie van de I-Pace. Eenmaal leuk aangekleed, gaat de EQ C overigens vlot richting de 90 mille, want het Premium Plus pakket (Parkeerpakket met 360 graden camera, Head-up display en elektrisch verstelbare voorstoelen met geheugenfunctie) kost 2.541 euro, AMG Line aankleding voor het interieur & exterieur 2.735 euro en het Launch Edition pakket (naast de Premium Plus extra’s tevens 20 inch velgen met witte accenten, 6 jaar gratis onderhoud (tot 160.000 km), speciale lak, sierdelen van bruin of zwart essenhout en zijdebeige / zwarte lederen bekleding) 6.413 euro. En dan zijn er nog tal van losse opties. Persoonlijk vind ik de AMG Line aankleding een aanrader, want in standaard tenue oogt de EQ C niet bepaald elegant. Maar smaken verschillen natuurlijk.

Ongeacht de aankleding heeft de EQC als typeaanduiding ‘400 4Matic’. Hiermee wil Mercedes-Benz niet alleen communiceren dat vierwielaandrijving standaard is, maar ook dat het gecombineerde vermogen van de 2 elektromotoren (elke as beschikt over een eigen exemplaar) circa 400 pk bedraagt. Als jij het precies wilt weten: 408 pk. Daarmee accelereert de EQ C in 5,1 seconden naar 100 km/u. Ter vergelijking: de Audi e-Tron is 360 pk sterk en heeft 5,7 tellen voor deze sprintklus nodig. De Jaguar I-Pace biedt exact 400 pk, maar is dankzij een aanzienlijk lager gewicht (2.208 kilo versus 2.450 kilo voor de EQ C en 2.565 kilo voor de e-Tron) duidelijk sneller: 4,8 seconden. Maar het rapst is de 2.351 kilo wegende Tesla Model X in Standard Range uitvoering: die heeft 4,6 tellen nodig.

Optisch is de EQ C een echte Mercedes-Benz om te zien. Dat komt niet alleen door de prominente ster op de enorme grille, maar ook omdat de gladde carrosserie met zijn ronde vormen goed bij de merkidentiteit past. Vandaar ook de eerder genoemde verwantschap met de GLC. Toch heeft de EQ C ook iets inwisselbaars. Denk de grote ster weg, en deze cross-over had ook uit de koker van Hyundai of Renault kunnen komen. Of had een creatie van Saab kunnen zijn als dit merk nu nog zou bestaan. De Jaguar I-Pace heeft een duidelijk markantere styling, en de Tesla Model X met zijn unieke vleugeldeuren achter al helemaal. Als design een steeds belangrijker verkoopaspect wordt, dan zou Mercedes-Benz een probleem kunnen hebben. Maar misschien is de vormgeving wel typisch Duits: ook de Audi e-Tron is niet echt een nekkendraaier. Veel autoconsumenten stellen een discrete styling waarmee zij ‘onder de radar’ deel kunnen nemen aan het verkeer nou eenmaal wel op prijs. Zij zullen wellicht ook niet de ietwat kitscherige (en gelukkig optionele) blauwe carrosserie accenten op hun EQ C bestellen.

Dat is EQ C gebruik maakt van hetzelfde platform als de GLC (en C klasse) geeft voordelen bij de productie en zal Mercedes-Benz daarnaast zowel geld als ontwikkelingstijd bespaard hebben. Maar er zijn ook nadelen. Doordat in de bestaande wagenbodem plek moest worden gecreëerd voor het accupakket, houdt het ruimteaanbod achterin niet over. “Krap” kan je de EQ C niet noemen, maar passagiers hebben in de e-Tron, I-Pace en Model X duidelijk meer bewegingsvrijheid.

Verder draagt de Mercedes-Benz ook de rode lantaarn als het om kofferbakvolume gaat: er past voor 500 liter bagage in, versus 660 liter voor de Audi en 577 liter voor de Jaguar. De capaciteit van de kofferbak van de Tesla Model X is in 5-zits configuratie zelfs meer dan 1.000 liter.

Het exterieur van de EQ C mag dan enigszins anoniem zijn, zodra je instapt word je verwelkomt door een dashboard dat alleen maar van Mercedes-Benz afkomstig kan zijn. De dubbele brede schermen kennen wij reeds van de jongste A klasse en het MBUX infomedia systeem maakt ook onderdeel uit van de boordplank.

In de EQ C is het formaat van de displays evenwel niet zo indrukwekkend en het instrumentarium wordt soms geblokkeerd door het stuurwiel. Dat komt ook doordat je, net als in de GLC, laag in deze cross-over zit. In combinatie met de smalle raampartij betekent dit dat het uitzicht niet imponerend is. Dat geldt met name voor de achterruit, die aan ‘gluren door de brievenbus’ doet denken.

Op de afwerking van de EQ C is evenwel niks aan te merken. Die bevindt zich op hetzelfde foutloze niveau als die van de Audi e-Tron en is duidelijk beter dan bij Jaguar en Tesla. Mercedes-Benz heeft er evenwel een bonte boel van gemaakt en de drukke interieur aankleding plus de overvloed aan knoppen op het stuur zal niet ieders kopje thee zijn. Verder zijn de ontwerpers ook een beetje doorgeslagen bij de personalisatiemogelijkheden van de schermen. Het is fijn om te merken dat de klant koning is bij Mercedes-Benz, maar je moet op deze manier wel erg veel informatie verwerken. Mijn persoonlijke voorkeur gaat uit naar een simpelere opzet. Het MBUX assistentiesysteem dat met de woorden “Hey Mercedes” geactiveerd kan worden, is nog steeds niet foutloos. Als het wel goed werkt, is het geweldig, maar toen ik vroeg om de blower een standje hoger te zetten, ging de EQ C spontaan rapmuziek afspelen.

Druk de startknop in, verplaats de rechter stuurhendel (bekend van andere modellen van Mercedes-Benz) van ‘Park’ naar ‘Drive’ en je kan gaan rijden. Er zijn 4 modi waar je tijdens de rit uit kan kiezen: de eerste 3 spreken voor zichzelf: Eco, Comfort en Sport. Daarnaast is de setting Maximum Range. Je kan ook voor Individual opteren waarbij jij je eigen mix van eigenschappen kan samenstellen. Hoewel er bij de diverse modi wel een merkbaar verschil qua gaspedaalrespons, verandert er voor wat betreft de besturing niet veel: die is in alle standen nogal gevoelloos. Via de flippers achter het stuur kan je de mate van remenergie recuperatie veranderen, maar om volledig tot stilstand te komen dien je altijd het rempedaal te gebruiken. De Maximum Range modus is het interessantst van de 4 beschikbare standen. De EQ C zal dan gebruik maken van het navigatiesysteem, de camera’s aan boord en de verkeersborden herkenningfunctie om de snelheid te limiteren en de mate van remenergie recuperatie te bepalen. Al met al is het nogal wennen, want soms (als de ‘techniek’ denkt dat er niks spannends staat te gebeuren) zal de vertraging bij gas loslaten minder groot zijn dan je gewend bent. En andersom is de acceleratie begrensd als je het gaspedaal intrapt. Dat doet de Mercedes-Benz bewust om geen onnodig stroom te verbruiken als de ‘techniek’ signaleert dat er verderop toch weer afgeremd moet worden, maar het geeft jou niet het gevoel dat jij volledig de controle hebt over de EQ C. Gelukkig zal hij in noodsituaties, als jij het gaspedaal wel tot de bodem intrapt, wel de gewenste maximale acceleratie leveren, maar rijden in deze Mercedes-Benz met geactiveerde Maximum Range modus is net zo vreemd als het voor de eerste keer drinken van Rivella. Apart, maar per saldo onschuldig.

Tot nu toe zijn er in dit testverslag nogal wat ‘mitsen en maren’ aan de orde gekomen, terwijl in de vierde alinea wordt gesteld dat de Mercedes-Benz goed beslagen ten ijs komt. Zit daar een tegenstrijdigheid in? Nee, want het werkingcomfort dat de EQ C is werkelijk verbluffend. Dit is echt één van de stilste auto’s die ik ooit heb gereden. Ook rolgeluiden en windgeruis zijn zeer goed weg gefilterd. Ook het veercomfort is prima; dat is mede te danken aan het stabiliteitverhogende, laag in de wagenbodem geplaatste zware 80 kWh batterijenpakket (650 kilo).

Maar een hoog veercomfort vormt zelden een goed huwelijk met spannende rijeigenschappen en dat is bij de EQ C niet anders. Hij helt weliswaar niet veel over, maar een atletisch weggedrag is hem vreemd en de besturing mist de communicatie om het rijden spannend te houden. Oorzaak van het saaie stuurkarakter is vermoedelijk het feit dat onder normale omstandigheden alleen de voorwielen worden aangedreven. De elektromotor achter wordt pas actief als je het gaspedaal diep intrapt. Het rij karakter verandert dan subiet in een achterwiel aangedreven auto, maar daar kan je lang niet altijd van genieten.

 

80%
80%
Awesome

Conclusie

In de plotseling druk beviste vijver, maakt de EQ C serieuze kansen om een aanzienlijk aantal bestellingen binnen te hengelen. Met name zijn soepele vering en werkingstilte is indrukwekkend. Ook de afwerking is boven elke kritiek verheven (of je de gebruikte materialen fraai vindt, is een kwestie van smaak, en vergt sowieso een zorgvuldige selectie van de opties). Qua hightech toepassingen is Mercedes-Benz evenwel een beetje doorgeschoten. De sciencefiction mogelijkheden zijn eenvoudigweg te groot voor aardse bewoners. Daar lijdt de bedieningsvriendelijkheid onder. 'Minder' zou hier 'meer' zijn geweest. Ook het uitzicht, en dus de overzichtelijkheid van de carrosserie, is niet optimaal.

Maar per saldo heeft Mercedes-Benz zijn huiswerk zoals gezegd goed gedaan. Merkfans kunnen dus opgelucht ademhalen. Tenslotte heeft Daimler, samen met Benz, de oudste autofabrikant van de wereld en leider in het premiumsegment, een reputatie hoog te houden. Qua verfijning staat de EQ C op een duidelijk hoger niveau dan de e-Tron, I-Pace en Model X en dus is zijn sterrenstatus gerechtvaardigd. Het advies is alleen om één keer de moeite te nemen om de modus te selecteren (inclusief de mate van remenergie recuperatie) die het best bij je past en dan de boel zo te laten. Dan geniet je het meest in deze uiterst relaxt rijdende Mercedes-Benz.

  • 8
  • User Ratings (9 Votes)
    6.8

Comments are closed.