Een kooppremie voor autokopers: dat is misschien wel de belangrijkste maatregel waar de Duitse auto-industrie op hoopte tijdens het overleg met bondskanselier Angela Merkel. Zij had een teleconferentie met de bazen van grote personenwagenfabrikanten in haar land, zoals Volkswagen, Mercedes en BMW.
De Duitse autoproducenten zijn niet de enige: ook collega’s / concurrenten in andere Europese landen hopen op hulp. In een nieuw 25-punten plan pleiten 4 overkoepelende Europese auto-organisaties voor subsidies aan hun industrietak. Want de autoverkopen zijn door de corona crisis ingestort. In Nederland is de vraag naar nieuwe personenwagens sterk afgenomen, maar met een daling van 53 procent valt de schade tot nu toe mee. Uit cijfers van de Duitse dienst voor gemotoriseerd verkeer blijkt dat de verkoop van auto’s in april bij onze oosterburen met 61 procent is gedaald ten opzichte van april 2019. Vandaar dat de druk op de Duitse regering wordt opgevoerd. En niet alleen in ons buurland, want elders in Europa daalden de verkopen nog harder: in Frankrijk met 89 procent, in Groot-Brittannië met 97 procent en in Italië zelfs met 98 procent.

“Het herstarten van de auto-industrie zal als een motor van algeheel economisch herstel functioneren”, zegt Sigrid de Vries (foto), de Nederlandse secretaris-generaal van Europese toeleveranciers CLEPA over het puntenplan. De autolobby wijst erop dat bijna 14 miljoen mensen, ofwel 6 procent van alle banen in de EU, verbonden zijn met de auto-industrie. In Nederland gaat het dan vooral om toeleveranciers. De Vries sluit niet uit dat veel bedrijven failliet zullen gaan. Toeleveranciers hebben tot nu toe al 60 miljard euro verlies geleden.
Maar er is ook kritiek op het plan. Kort samengevat worden er vraagtekens geplaatst bij de besteding van belastinggeld voor een aankoopsubsidie. “De horeca en het toerisme zijn minstens net zo grote sectoren en zijn ook hard getroffen door de corona crisis”, zegt oud Europarlementariër Gerben-Jan Gerbrandy (D66). Maar hij is lid van een partij die electoraal denkt te kunnen scoren door bedrijven als Volkswagen, Renault en Fiat Chrysler Automobiles geen voorkeursbehandeling te geven. Gerbrandy kent de autobranche in negatieve zin goed uit zijn tijd als Europees rapporteur rond het grote emissieschandaal uit september 2015. De D66 politicus heeft daarom nog een appeltje te schillen met Volkswagen en consorten: “Voor dit soort maatregelen is het nog te vroeg. Wie weet hebben klanten hun aanschaf straks alleen maar een paar maanden uitgesteld en kopen ze dan alsnog een nieuwe auto. terwijl bijvoorbeeld de horeca verliezen heeft geleden die niet meer in te halen zijn”.

De Franse auto-industrie is voorzichtig begonnen met een herstart, na dramatische verkoopcijfers in april. Deze week gingen de eerste toeleveranciers open en komende week gaan een aantal grote fabrieken weer draaien. Dat is niet zonder risico: want wie gaat de auto’s die straks weer van de band rollen afnemen? De Nederlandse vraag naar personenwagens komt voor 60 procent voor rekening van lease en verhuur bedrijven. Die bestellen sinds het uitbreken van de corona pandemie nauwelijks nog voertuigen. Daardoor zijn in april de verkopen van nieuwe auto’s in Nederland meer dan gehalveerd ten opzichte van dezelfde maand vorig jaar. Extra zorgen zijn er bij de Britten. In april werden daar slechts 4.000 nieuwe personenwagens geregistreerd, oftewel 97 procent minder dan een jaar geleden in dezelfde periode. In absolute cijfers is het de slechtste verkoopmaand sinds 1946. Behalve het corona virus, speelt ook de naderende Brexit de omzet in de autobranche parten. De consument houdt niet van onzekerheid en houdt zijn hand op de knip. Tegelijkertijd vrezen autoproducenten als Jaguar Land Rover en Nissan onderdelen en grondstoffen straks moeilijker de Britse grens kunnen passeren.
Ook buiten Europa voelt de auto-industrie de klappen van het wegvallen van de vraag. SsangYong is klinisch dood en ligt aan het financiële infuus van een Zuid Koreaanse bank. Ook veel andere autofabrikanten zijn aangewezen op noodkredieten. De introductie van nieuwe modellen is door diverse producenten uitgesteld. BMW en Volvo zeggen te gaan bezuinigen door te gaan besparen op facelifts. De grootste schokgolf werd veroorzaakt door Nissan dat besloten heeft om het gas onder de pit met haar Europese activiteiten grotendeels uit te draaien en zich te concentreren op Azië en Noord Amerika.

In Duitsland is nu besloten om met een werkgroep naar maatregelen te gaan kijken waarmee de auto-industrie kan worden geholpen. In juni zal er verslag worden gedaan. Als in hun rapport staat dat er belastinggeld ingezet moet worden om de autobranche te ondersteunen, vindt Gerbrandy dat daar milieueisen aan gekoppeld moeten worden. Blijkbaar dus nog meer regels dan de industrie nu al op zijn bordje krijgt. Gerbrandy houdt bedrijven als Audi, Peugeot en Volvo er verantwoordelijk voor dat zij veel te veel SUV modellen verkopen. “Als wij daar geen eisen aan stellen, wordt de subsidie een beloning van verkeerd gedrag”.
Maar de oud Europarlementariër gaat er gemakshalve aan voorbij dat wij een vrije markteconomie kennen waarbij het de consument is die zelf bepaalt wat voor auto hij koopt: een A4 of een Q5, een 308 of een 3008, en een S90 of een XC90. Maar burgers op de vingers tikken is natuurlijk politieke zelfmoord. Daarom vergroot Gerbrandy de auto-industrie uit als zondebok. Dat is makkelijk scoren.
