Ook in februari was het voor de Belgische automarkt huilen met de pet op. Na 2 maanden loopt het aantal registraties van nieuwe personenwagens 24,7 procent achter op dat van 2020. Maar de verklaring is snel gevonden: februari 2020 was de laatste maand zonder corona.
Bij onze zuiderburen zijn vorige maand 36.536 nieuwe auto’s op kenteken gezet. Dat is 21,9 procent minder dan in februari vorig jaar, toen er 46.775 registraties waren. Na 2 maanden loopt de verkoopteller zoals gezegd 24,7 procent achter op die van 2020. Toen waren er 74.271 registraties. De afzetdaling is natuurlijk veroorzaakt door de coronasituatie, maar heeft ook te maken met de productieproblemen wereldwijd bij autofabrikant wegens een gebrek aan computerchips. Daardoor kunnen veel bestelde auto’s niet worden geleverd.

Opmerkelijk is dat BMW in februari tegen de verdrukking in juist meer auto’s op kenteken wist te zetten: in totaal 3.488 stuks. Daardoor kon dit merk haar marktaandeel opvoeren tot 9,55 procent. In februari vorig jaar moest BMW genoegen nemen met 3.085 kentekenregistraties en 6,60 procent marktaandeel. De groei van de verkopen zorgde er voor dat BMW over de eerste 2 maanden van 2021 gemeten op de eerste plaats van de statistieken staat met 7.954 registraties en een marktaandeel van 10,71 procent. Dat wil dus zeggen dat bijna 1 op de 9 nieuwe auto’s in België dit jaar een BMW is.
Op de tweede plaats prijkt Peugeot, zowel in februari (3.373 stuks en 9,23 procent marktaandeel) als over de eerste 2 maanden van 2021 (6.531 en 8,79 procent). Derde werd Volkswagen. Het merk bekleedt die positie zowel in februari als over de eerste 2 maanden van dit jaar (2.845 registraties in februari, hetgeen 7,79 procent marktaandeel betekende, en 6.316 stuks over de eerste twee maanden oftewel 8,50 procent marktaandeel). Volkswagen verloor met de 2.845 auto’s die vorige maand op kenteken werden gezet opmerkelijk veel terrein ten opzichte van vorig jaar, toen het er nog 4.370 exemplaren wist in te schrijven. Ook Renault levert veel in ten opzichte van 2020 (2.054 registraties dit jaar in februari, vorig jaar 3.303).

Mercedes en Citroën maken, samen met BMW, Peugeot en Volkswagen, de top 5 compleet. Zij zetten in de eerste 2 maanden respectievelijk 5.299 en 3.930 auto’s op kenteken. Peugeot wist overigens in februari net als BMW tegen de verdrukking in meer auto’s aan de man te brengen (+6,27 procent). Dat gold ook voor Mazda (19de plek, +6,67 procent), Tesla, Porsche en SsangYong. Zij maken allemaal onderdeel uit van de top 30. MG klom naar de 33ste plek, voor Subaru, en met een afzetgroei van liefst 192 procent (73 verkochte personenwagens). Polestar deed het relatief nog beter met een verkoopstijging van 343 procent en 53 ingeschreven auto’s. In februari 2020 had dit merk namelijk alleen nog maar de 1′ in de aanbieding. Tenslotte is er maar één merk dat in beide maanden wist te plussen in vergelijking met 2020: Volvo.
Is er sprake van een rode draad? Jawel! Automerken die het van nature goed doen op de leasingmarkt domineerden in januari en februari de lijst. Waardoor jij tussen de regels door hier kan lezen dat de particuliere autoverkoop een serieuze knauw heeft gekregen. Neem Hyundai bijvoorbeeld, een merk dat van nature sterk is op de particuliere markt. Dat zag haar verkoop in de eerste 2 maanden van 2021 in vergelijking met vorig jaar dalen met 46 procent. Bij Dacia gaat het om een terugval van 43 procent.
Belgische autoproductie in 10 jaar tijd gehalveerd
Met de fabrieken van Audi in Vorst en Volvo in Gent hebben onze zuiderburen 2 autogiganten in huis. Vorig jaar rolden in beide fabrieken samen bijna 270.000 auto’s van de band. Daarvan had 40 procent een stekker. Het aantal van 270.000 stuks is overigens slechts 6,4 procent minder dan de hoeveelheid auto’s die in 2019 de Belgische fabriekspoorten verlieten. Gelet op de corona pandemie en de daarbij horende lockdown is dat een knappe prestatie. Al is het relatief goede resultaat natuurlijk vooral te danken aan het type auto’s dat onze zuiderburen bouwen: Audi laat in Vorst de gewilde van toekomstgerichte e-Tron en e-Tron Sportback het levenslicht zien en Volvo zat vorig jaar voor wat betreft stekker hybride modellen (XC40 Recharge T5/T5 en V60 Recharge T6/T8) zeer goed in het zadel.
Kijken wij verder terug dan 2019 versus 2020, dan is het verhaal iets minder rooskleurig. In 2010 werden er in België namelijk nog jaarlijks 600.000 auto’s gebouwd. De sluiting van de Opel fabriek in Antwerpen (december 2010) en die van Ford in Genk (december 2014) zijn daarvoor de verklaring. Desalniettemin levert de productie van auto’s in België nog steeds bijna 15.000 banen op. Deze werkgelegenheid wordt op de korte termijn bovendien niet bedreigd. Volvo gaat in Gent namelijk de nieuwe C40 bouwen en is eind 2020 gestart met de productie van de volledig elektrische Recharge P8 uitvoering van de XC40. De Audi fabriek in Vorst heeft de productie order voor een nieuw model toegewezen gekregen.
Voor de e-Tron hield men zich in Vorst (bij Brussel) bezig met de productie van de Audi A1. De huidige editie daarvan loopt in Spanje van de band, maar krijgt waarschijnlijk geen opvolger. Dat zal waarschijnlijk werkgelegenheidsconsequenties hebben, maar in Vorst hoeft men zich geen zorgen te maken. Audi topman Markus Duesmann verklaarde onlangs dat: “De e-Tron heeft ongeveer een derde van zijn levensduur bereikt en in de volgende planningscyclus zullen we bepalen welke auto het model zal opvolgen”.
Toen hem werd gevraagd of de fabriek in Vorst een toekomst had, bevestigde Duesmann dat de Brusselse site auto’s voor Audi zal blijven produceren, zonder evenwel te vermelden over welk model het zal gaan. De CEO voorziet dat tegen 2030 minimaal 60 procent van de verkopen van het merk met de 4 ringen in Europa elektrisch zal zijn. Het is dan ook logisch dat ook het volgende in Vorst te produceren model een emissievrije personenwagen wordt, ook omdat er dan relatief weinig aanpassingen nodig zullen zijn, met dus lagere kosten om over te schakelen naar een nieuwe productielijn.
