De in München gevestigde autofabrikant BMW is relatief goed door de coronacrisis gekomen. Het bedrijf wist een winst van 3,85 miljard dollar te realiseren. Maar er is verlangen naar meer.
BMW gaat het jaar 2021 “versterkt en met de wind in de rug” in , aldus topman Oliver Zipse in het persbericht. Na een moeilijk eerste halfjaar trok de omzet in de loop van het tweede semester van 2020 duidelijk aan. In totaal daalde de verkoop van de merken BMW, Mini en Rolls-Royce vorig jaar met 8,4 procent tot 2,325 miljoen stuks. De omzet kwam met 99 miljoen euro 5,4 procent lager uit. Het in München gevestigde bedrijf deed het daarmee beter dan Mercedes-Benz. Bij die concurrent is de omzet vorig jaar met 10,3 procent gedaald.

Afgelopen voorjaar verlaagde BMW zijn prognose omdat fabrieken en autodealers werden gesloten. Maar dankzij het onverwacht sterke vraagherstel in China was de groep snel weer op weg naar succes. Net als andere bedrijven profiteerde de autofabrikant uit Beieren vorig jaar ook van de royale overheidssubsidies voor elektrische auto’s en hybride modellen.
In het lopende jaar wil de BMW Groep het tempo bij de transitie naar elektrische mobiliteit verder opvoeren. Met de i4 wil de autofabrikant uit München de jacht op Tesla openen. In de loop van dit jaar lanceert het bedrijf ook de iX (foto), een elektrische SUV van het formaat van de X5. In 2022 wil BMW ook punten scoren in het luxe segment van volledig elektrische modellen. Dan start namelijk de levering van de i7; de emissievrije variant van de nieuwe 7-serie (foto).

Voor het voorbije boekjaar heeft de groep de intentie om een dividend van 1,90 euro per gewoon aandeel uit te keren, tegenover 2,50 euro een jaar geleden. Dit betekent dat de uitbetaling niet zo veel zal dalen als door experts was verwacht. Analisten zijn daarom tevreden. Met het oog op de pandemie kon BMW nog steeds “zeer sterke cijfers” presenteren, zei Frank Schwope, auto-expert bij NordLB, in een eerste beoordeling. De verkoopcijfers laten ook zien dat het premium segment het tijdens de pandemie beter doet dan fabrikanten in het volumegedeelte van de markt.
BMW rekent voor 2021 dus op groei nadat vorig jaar de verkopen daalden. Met de uitrol van vaccins neemt de somberheid over de economische omstandigheden af, waarvan de Duitse automaker kan profiteren. In de laatste maanden van 2020 merkte BMW al dat er sprake was van herstel. De stijgende vraag naar auto’s in de tweede helft van 2020 zorgde er toen onder meer voor dat de winstgevendheid van BMW een boost kreeg. Maar dat neemt niet weg dat 2020 (natuurlijk) een veel minder goed jaar was dan BMW had kunnen voorspellen. In 2019 bedroeg rond de winst voor belastingen namelijk nog 4,8 miljard euro; een verschil van 27 procent.

Financieel directeur Nicolas Peter (foto) zegt 2021 met vertrouwen tegemoet te zien. Hij geeft geen precieze details over de vooruitzichten voor dit jaar. Dat gebeurt vermoedelijk later deze maand tijdens een vergadering met de aandeelhouders. BMW rapporteerde in januari voorlopige jaarcijfers en meldde toen dat een herstel op veel markten had geholpen om de winstmarges voor de autodivisie op te krikken. Die vielen uit aan de bovenkant van de eerder afgegeven bandbreedte van 0 tot 3 procent.
De BMW Groep zet dit jaar dus sterk in op (deels) elektrische auto’s. In 2020 werden daarvan 192.662 exemplaren afgeleverd, bijna een derde meer dan in het voorafgaande jaar. In Europa nemen die volledig elektrische of stekker hybride modellen al 15 procent van de totale afzet voor hun rekening. De transformatie vergt echter wel grote investeringen in onderzoek en ontwikkeling. Afgelopen jaar werd daar bijna 5,7 miljard dollar aan besteed. Dat was ruim 4 procent minder dan in 2019. De kapitaalinvesteringen daalden met bijna 31 procent naar 3,9 miljard. Van dit budget worden vooral de fabrieken aangepast om nieuwe modellen te kunnen produceren. Ook de verkoopkosten kwamen lager uit door een combinatie van meer efficiënte promotieprogramma’s en geoptimaliseerde verkoop- en marketingprocessen. Het aantal werknemers daalde in 2020 met 5.300 naar 120.726 mensen.
Verkoop parkeerbedrijf Park Now
BMW en Daimler hebben hun joint venture Park Now Group verkocht aan EasyPark Group. Dit is een Europees mobiliteitsbedrijf dat automobilisten diensten biedt bij het vinden en betalen van zowel parkeerplekken als laadplekken. Hoeveel geld met de transactie is gemoeid, hebben de bedrijven niet bekend gemaakt. De verkoop moet nog wel worden goedgekeurd door de autoriteiten.
Park Now, dat in 2000 als parkeer app werd opgericht in Amsterdam, opereert onder diverse merken in ruim 1.100 steden in 11 landen. Onder leiding van BMW en Daimler is het bedrijf uitgegroeid tot wereldwijde leverancier van digitale parkeerdiensten. De overname stelt Park Now in staat om de volgende strategische stap te zetten. Topman Johan Birgersson van het al 20 jaar bestaande Easy Park Group zegt daar over: “Wij zijn blij dat wij Park Now kunnen verwelkomen. Dit stelt ons in staat om de mobiliteit in het dagelijkse leven makkelijker te maken voor meer steden, parkeerbeheerders en gebruikers”.

Het afstoten van de parkeerdiensten betekent een verdere krimp van de activiteiten rond nieuwe mobiliteit van BMW en Daimler. Daartoe behoren ook Share Now voor autodelen, Charge Now voor betaaldiensten en het met Uber vergelijkbare Free Now/Reach Now voor autoritten. Eerder al werden ook de activiteiten op het gebied van autodeeldiensten sterk teruggebracht. “De markt voor mobiliteitsdiensten is zeer kapitaal- en arbeidsintensief en levert weinig winst op”, zo stelde de vroegere bestuursvoorzitter Manfred Bischoff van Daimler afgelopen najaar al.
BMW in Nederland populairste automerk
Op basis van berichten op social media concludeert Comparethemarket.com dat in heel 2020 het vaakst over BMW geschreven werd als iemands eerste auto ter sprake kwam. In liefst 28,8 procent van de gevallen had de besproken personenwagen een blauw/wit propeller logo. Het is natuurlijk mogelijk dat mensen die een BMW kopen als eerste auto daar bovengemiddeld graag mee te koop lopen, maar toch is het verschil met de andere merken opvallend groot.
Het automerk dat op plaats 2 eindigde, Ford, werd echter in slechts 6,6 procent van de berichten genoemd. En meer directe concurrent, want premium, Audi, vinden we pas op de 5de plek terug met 5,6 procent. BMW staat dus echt op eenzame hoogte. Tussen Ford en Audi eindigden Renault (6,1 procent) en Toyota (5,7 procent). De rest van de top 10 bestaat uit Volkswagen (5,4 procent), Peugeot (5,2 procent), Fiat (4,5 procent), Mazda (3,8 procent), Mini (3,5 procent) en Volvo (3,1 procent). Comparethemarket.com meldt dat Honda (2,6 procent), Seat (2,5 procent) en Hyundai (2,4 procent) nipt buiten de top 10 eindigden.
