Test Dacia Spring: is goedkoop elektrische duurkoop?

0

Hier lees jij de eerste test van de Dacia Spring. Daarin wordt jij bijgepraat over zijn prijs, actieradius, de oplaad eigenschappen, het comfort en het rijplezier. Kortom, alles wat jij wilt weten over de goedkoopste elektrische auto op de markt.

16 jaar na een revolutie op de markt voor nieuwe auto’s in Europa te hebben veroorzaakt, komt Dacia nu met een elektrische vervolg. Het betreft een stadsauto die, na aftrek van de overheidssubsidie voor elektrische auto’s, niet duurder is dan de simpelste versies van de Citroën C1 / Peugeot 108 / Toyota Aygo en de Mitsubishi Space Star: 12.990 euro (indicatie). Maar wat dien je daarvoor op de koop toe te nemen? Deze eerste test van de Dacia Spring geeft antwoord op die vraag.

Zonder subsidieaftrek gaat de Dacia Spring in Essential uitvoering waarschijnlijk 17.890 euro kosten en als Comfort 18.890 euro. Daarmee is hij weliswaar duurder dan de grotere Sandero, maar goedkoper dan de Renault Twingo Electric. Voor de Seat Mii Electric ben je, voor zover überhaupt leverbaar, zelfs bijna de helft meer kwijt. Dat de Spring voor zo’n lage prijs kan worden aangeboden, is niet zozeer aan de Roemenen te danken, maar aan Chinezen. Zij zijn het die de Dacia voor ons gaan bouwen.

Daar waar zijn grote zus Sandero platformtechnisch verwant is aan de laatste Clio, doet de Spring voor zijn techniek een beroep op de Renault K-ZE. Dat is een elektrische stadsauto die sinds 2019 in het Middenrijk wordt verkocht. Op zijn beurt is die K-ZE afgeleid van de Kwid met benzinemotor die primair bedacht is voor de Indiase en Braziliaanse markten. Naast dit goedkope basismateriaal en productie in een land waar de lonen laag zijn, heeft Renault ook bespaard op de elektromotor. Die is slechts 44 pk sterk. Meer dan 125 km/u als topsnelheid zit er dan ook niet in. Maar wees gerust: de Spring lijkt in niets op die andere elektrische vierwielers die voor een habbekrats worden aangeboden (Renault Twizy en Citroën Ami). Op sommige punten maakt zij zelfs haar neef Twingo Electric jaloers. Met zijn lithium/ion batterij van 27,4 kWh biedt de Dacia namelijk 230 km aan rij bereik volgens de WLTP certificeringscyclus. De Twingo Electric doet het minder goed (22 kWh en 190 km) en de Seat Mii Electric amper beter (36,8 kWh en 260 km).

De door de Spring geboden actieradius is voldoende voor dagelijkse ritten die doorgaans met een stadswagen gemaakt worden, door Dacia geschat op 31 km per dag in Europa. Wekelijks opladen vindt echter plaats met een verschillend tempo, afhankelijk van het gebruikte stopcontact: 0 tot 100 procent in 13,5 uur via een standaard stopcontact van 2,3 kW, of 8,5 uur met een 3,7 kW Wallbox, Bij een 7,4 kW exemplaar kan deze tijd worden verkort tot 4,5 uur. Wordt er gebruik gemaakt van een snel terminal (DC 30 kW), dan laadt de Dacia in 56 minuten tijd zijn accu van 0 tot 80 procent bij. Bij de prijs inbegrepen is echter alleen een kabel voor een huishoudelijk stopcontact. Wil men een Wallbox of openbare terminal kunnen gebruiken, dan wordt er 250 euro extra gefactureerd, terwijl voor het opladen aan een snelle terminal 600 euro vereist. Voor deze laatste optie dient men overigens de Comfort uitvoering te bestellen.

De Dacia Spring kan vanaf 20 maart worden besteld voor levering in de herfst en er zijn zoals gezegd 2 uitrustingsniveaus voor particulieren. De Essential versie wordt standaard geleverd met handmatige airconditioning, een snelheidsbegrenzer, radio met Bluetooth plus USB-aansluitingen, automatische verlichting, elektrische bediening van alle 4 de ramen plus de buitenspiegels en stoffen bekleding.

De Spring Comfort voegt daar een 7 inch touchscreen met gps-navigatie, Android Auto plus Apple CarPlay compatibiliteit een achteruitrijcamera en metallic lak aan toe. Met zijn kleurrijke elementen van binnen en van buiten maakt het Orange pack het ensemble compleet.

Voor deze eerste test was echter een andere versie beschikbaar: de Spring Business, die verkocht gaat worden voor circa 16.890 euro. Met dit model wil Dacia de markt voor autodelen en verhuur bedienen. Hiervoor heeft hij enkele verschillen met de Spring Comfort om de behandeling door huurders beter te kunnen overleven: zo is er deur- en kofferbak bescherming aanwezig, evenals plakfolie op de geverfde bumpers en volledig kunstlederen bekleding. Om de huurders in staat te stellen zo schadevrij mogelijk te rijden, maken parkeersensoren ook onderdeel uit van de uitrusting van de Business versie.

 

Het rijden

Smal als een Twingo aan boord, verrast de Spring vanaf het begin met zijn bijzondere zitpositie, die gekenmerkt wordt door een hoge zit en een laag stuur. Om de kosten te drukken, zijn de stoel en stuurkolom inderdaad verstoken van hoogteverstelling, maar de Essential en Comfort versies zullen naar verwachting comfortabeler zijn, dankzij een beloofde zachtere bekleding dan het vrij stevige kunstleder van de geteste Business uitvoering. Draai de sleutel om (die een discreet “OK” lampje in het instrumentarium doet branden), draai aan de knop die de versnellingspook tussen de stoelen vervangt, en klaar is de Spring voor vertrek.

Net als andere modellen met batterijvoeding, accelereert de eerste elektrische Dacia soepel en zonder schokken. Het koppel van 125 Nm, hoger dan dat van een Twingo SCe 65 en direct beschikbaar, wekt geen gevoel van luiheid op en maakt zelfs krachtig sprinten tot 50 km/u mogelijk. Stedelijke omgevingen laten ook de zeer lichte besturing, de kleine draaicirkel en de duidelijk zichtbare motorkap schitteren. Die vergemakkelijken het manoeuvreren en maken bijna de achteruitrijcamera van de Spring Comfort overbodig.

De banden met hoge zijwanden en de afwezigheid van stabilisatorstangen zorgen voor een behoorlijk comfort, maar laten ook dwars bewegingen toe die vaak al bij lage snelheden optreden na in aanraking geweest te zijn met een putdeksel of kuil. De Spring past qua geluidscomfort niet bij andere elektrische modellen die gerenommeerd zijn om hun stilte aan boord. De beperkte geluidsisolatie zorgt er voor dat in de cabine niet alleen de claxon voor voetgangers (actief onder de 30 km/u) duidelijk hoorbaar is, maar ook het geluid van de rollende banden en grind in de wielkasten.

De elektromotor van de Spring is zoals gezegd slechts 44 pk sterk, maar daar staat tegenover dat de Dacia niet meer dan 970 kg in de weegschaal legt. Voor een elektrische auto is dat erg weinig. De Spring is dan ook niet onder gemotoriseerd. Desondanks geeft hij de voorkeur aan de stad boven snelwegritten. Verlaat je de stad, dat wordt deze constatering logischerwijs versterkt en is er aanleiding om meer te mekkeren, vooral als er gereden wordt op bochtige wegen. De combinatie van de zeer lichte besturing met gebrek aan centrerend effect, de slechte grip van de Chinese Linglong banden (die vaak het ESP antislip systeem doen ontwaken: rijden in deze Dacia wordt niet aanbevolen voor bestuurders die vaak te laat zijn. Die zullen ook foeteren over de beperkte kracht van zijn elektromotor. Boven de 80 km/u maakt souplesse plaats voor luiheid, zoals blijkt uit de acceleratiewaarden (0 tot 100 km/u in 19 seconden). Wil jij van 80 naar 120 km/u versnellen? Pak dan de nagelvijl en trek daar 24 seconden voor uit. En toch had ik de Eco modus niet ingeschakeld, die het vermogen terugbrengt tot 30 pk en de topsnelheid tot 100 km/u. Waarom zou je dat überhaupt doen? Nou, omdat volgens Dacia de actieradius daardoor 9 procent groter wordt …

Snelweg ritten verbeteren dit gevoel natuurlijk niet, vooral niet bij harde wind zoals de dag van mijn test. Die zorgde voor een opdringerige geruis, een wazige koers en een hoger stroomverbruik. Bij 125 km/u gaf de boordcomputer 23 kWh per 100 km aan zonder verwarming of airconditioning: dat is amper 120 km actieradius in dit tempo. Bij een meer gematigde, ‘verstandige’ snelheid op de snelweg stabiliseert het gemiddelde zich iets onder de 13 kWh (meer dan 200 km rij bereik), geholpen door een relatief geringe belasting van de motor en energieterugwinning tijdens het vertragen. De laatste voorziening is overigens niet instelbaar en lijkt vrij zwak. Boven de 80 km/u functioneerde de energie recuperatie op mijn preproductie model überhaupt niet. Bij een lager tempo viel op dat de regeneratie bij het loslaten van het gaspedaal weinig subtiel plaatsvindt. Wat dit betreft heeft Dacia dus nog wat huiswerk te doen.

 

Interieur

Aan boord van de Spring Business bevestigen de basismaterialen en de vaste stuurkolom het goedkope ontwerp. Maar daar valt voor deze prijs wel doorheen te kijken en er is een overvloed aan opbergvakken. Als het dashboard van de recentste Sandero grote vooruitgang had laten zien in termen van waargenomen kwaliteit, doet de boordplank van de Spring meer denken aan de eerste geïmporteerde Dacia: stevige materialen, ronde ventilatoren, elektrisch bedienbare raamknoppen op de middenconsole, geen spiegel in de zonneklep van de bestuurder, slechts 1 ruitenwisser: de goedkope geest domineert, zonder echter het dagelijkse comfort al te veel geweld aan te doen.

Dankzij de eenvoudige bediening, de zeer ruime opbergmogelijkheden (waaronder een enorm handschoenenkastje en grote bekerhouders die zich tussen de stoelen en in de deuren bevinden), maar ook de goed afleesbare tellers, uitgerust met een boordcomputer plus een 3-kleuren monochroom scherm van 5 inch, is rijden in de Spring kinderspel.

Standaard of optioneel, afhankelijk van de gekozen uitvoering, verbindt het 7 inch centrale aanraakscherm de Spring (eindelijk) met het moderne tijdperk in de vorm van MediaNav GPS, Android Auto en Apple CarPlay verbindingen en een spraakopdrachtknop op het stuur die Siri oproept op de iPhone of de Google Assistent op Android. Meer luxe is er in de vorm van een gratis MyDacia applicatie waarmee jij op afstand de verwarming en het opladen kunt beheren. Ook opzoeken waar dat kreng eigenlijk geparkeerd staat, is daarmee mogelijk. Dergelijke voorzieningen zijn lang niet altijd standaard bij veel duurdere auto’s!

Met een lengte van 3,73 m (en een wielbasis van 2,42 meter), zijn de verwachtingen over de gastvrijheid op de achterbank van de Spring niet hooggespannen. De mogelijkheid om je voeten onder de voorstoelen te schuiven is prettig voor grote passagiers, die ook aangenaam verrast zullen zijn vanwege andere punten: een royale hoofdruimte, een niet al te verticale rugleuning, vakken aan de achterkant van de voorstoelen en zelfs standaard elektrisch bedienbare ramen. Maar zoals vaak het geval is in dit segment, is de achterbank van e Spring slechts goedgekeurd voor 2 personen.

De kofferbak maakt de aantrekkingskracht compleet, met een aangekondigd volume van 270 liter, nog afgezien van de ruimte voor een echt reservewiel (optioneel voor 180 euro). Dat een uitneembare vloer met 2 standen geen onderdeel uitmaakt van de standaarduitrusting is gezien de prijsstelling begrijpelijk, maar Dacia had wel een paar yuan mogen uitgeven aan een deelbare achterbank leuning. Als die nu wordt omgeklapt, kunnen er nooit achterpassagiers mee rijden en dat is een gemiste kans.

 

80%
80%
Awesome

De Dacia Spring is zoals vermeld in de inleiding simpelweg de goedkoopste van alle volledig elektrische modellen. Maar om op de kop van dit artikel terug te komen: van duurkoop is niet echt sprake want de simpelste Renault Twingo Electric moet het zonder airconditioning en radio doen en heeft een kleinere actieradius. Of de Seat Mii Electric zijn meerprijs waard is, is voer voor discussie. Ruimer is hij in ieder geval niet (en dat geldt ook voor ijn neef Volkswagen e-Up). Dit duo biedt echter wel een betere actieradius, superieure prestaties en een meer verfijnd comfort, waardoor hij beter geschikt is voor ritten bij de bebouwde kom.

Het beperkte motorvermogen, de gebrekkige geluidsisolatie en de voor verbetering vatbare grip in de regen geven de Spring niet de veelzijdigheid van een Renault Zoé, of zelfs die van een Twingo Electric. Maar als koningin in steden en tijdens korte ritten blijft de eerste elektrische Dacia op één punt onverslaanbaar: zijn bodemprijs. Dat maakt het gemakkelijker om hem te omarmen als tweede auto van jouw huishouding en relativeert de kleine tekortkomingen, zoals de kleine actieradius of het beperkte oplaadgemak. Daar staan pluspunten als een goede wendbaarheid, het gastvrije en goed uitgeruste interieur, de ruime kofferbak tegenover.

De toekomst zal uitwijzen of het publiek de Spring zal kopen. Dacia start met de levering in het najaar. Ben jij nu al verkocht, dan kan jij vanaf 20 maart een exemplaar reserveren. Dat kost 100 euro, maar dan krijg je bij aflevering van de Spring voor hetzelfde bedrag een laadtegoed. Het zou mooi zijn als Dacia de komende 6 maanden weet te gebruiken voor verbetering van de geluidsisolatie, het vergroten van het centrerend effect van de besturing en de montage van zowel andere banden als een gedeelde achterbank leuning. Die verbeterpunten mogen ook gerust worden gebundeld in een extra uitrusting niveau (Prestige, 19.990 euro). Gebeurt dat, dan verdient deze revolutionaire nieuwkomer 4,5 ster. Nu is het een halve ster minder. Nog steeds een mooi totaalresultaat.

  • 8
  • Beoordelingen door bezoekers (40)
    6.3

Reageren is niet mogelijk.