Auto’s worden duurder door Oekraïne oorlog

0

‘Alles’ wordt duurder. Oorzaak is de oorlog in Oekraïne. De prijzen van batterijen en microchips zitten zodoende ook in de lift. Vroeg of laat gaan autoproducenten die hogere inkoopkosten doorberekenen in de eindprijzen.

Oekraïne en Rusland zijn ‘hofleveranciers’ van grondstoffen als staal, nikkel, palladium en neon gas. Het laatste materiaal is nodig voor de productie van microchips. Oekraïne is verantwoordelijk voor 70 procent van de levering van neon gas. Door de oorlog zijn de leveringen op zijn zachtst gezegd op de tocht komen te staan. En dat terwijl de wereldwijde productiecapaciteit van microchips al voor de oorlog piepte en kraakte.

Daarnaast dreigt nikkel schaars te worden. Dit metaal wordt onder meer gebruikt voor herlaadbare batterijen. De Europese Unie haalt 90 procent van de nikkel halffabricaten uit Rusland. De markt voor deze grondstof is bovendien heel krap. Die situatie wordt verergerd door de energietransitie. Die leidt namelijk tot een grotere vraag naar batterijen. Door de corona pandemie was er al achterstand opgetreden bij de levering van voldoende nikkel. Door de situatie in Oekraïne is het nu vrijwel onmogelijk geworden om die achterstand weg te werken.

Er zijn nog veel meer grondstoffen die Europa voor een groot deel uit Oekraïne en Rusland haalt, waaronder ruwijzer en rubber. Daarvan zitten de prijzen nu ook in de lift. Hoe langer de oorlog in Oekraïne duurt, des te groter de kans dat die doorberekend gaan worden aan de klant. Rusland staat niet op de kaart dat een belangrijke rol speelt bij de levering van componenten voor elektrische auto’s. De betreffende onderdelen betrekken Europese autobouwers vooral uit China en Japan. Maar de fabrieken aldaar zijn afhankelijk van grondstoffen uit Oekraïne en Rusland. Indirect raakt dat de Europese autofabrikanten.

Duitse autofabrikanten lijken het meest kwetsbaar voor de verstoring van de grondstoffenleveringen als gevolg van de oorlog in Oekraïne. Maar omdat Nederland belangrijke toeleveranciers kent voor onze oosterburen, wordt ook onze industrie geraakt. Met daar bovenop dus hogere prijzen voor de consument.

Reageren is niet mogelijk.