Er is meer tussen hemel en aarde. Zo zou je de stand van zaken kunnen omschrijven met betrekking tot de carrosserievormen die momenteel wereldwijd populair zijn. Concreet gaat het daarbij om de sedan versus de SUV. Vanwege hun koetswerkhoogte verschil zou je die kunnen bestempelen als ‘aarde’ respectievelijk ‘hemel’. Maar autofabrikanten vermoeden dus dat er meer mogelijk is. Citroën, dat traditioneel vaak voorop loopt bij nieuwe ontwikkelingen, heeft daar reeds uiting aan gegeven in de vorm van de C5 X. Is dat model nou een hoge sedan (liftback)? Of eerder een lage SUV (cross-over).
De komende jaren zullen veel meer autofabrikanten het (veilige) midden van de diverse carrosseriestijlen gaan opzoeken. Die ontwikkeling is vooral opportunistisch omdat zij enerzijds door het ophogen van een sedan of liftback ruimte in de wagen bodem kunnen creëren voor een accupakket en anderzijds door het zo laag mogelijk houden van een SUV of cross-over de luchtweerstand kunnen minimaliseren met als doel nog een paar kilometer rij bereik extra uit het ontwerp te persen. De eerder genoemde Citroën C5 X mag dan geen volledig elektrische auto zijn, diens stekker hybride variant kan natuurlijk op deze manier ook aan een paar kilometer extra actieradius worden geholpen.
Audi volgt deze ontwikkelingen op de voet en heeft reeds bij de Q3 Sportback en de Q8 versus de Q7 gemerkt dat een handvol centimeters lagere carrosserie niet leidt tot het afhaken van de SUV fan, integendeel. De verleiding is dus groot om er nog een schepje bovenop te doen, al moet deze handeling puur figuurlijk worden genomen want er wordt mee bedoeld dat de carrosserie van de aanstaande Q9 best nóg wel wat lager mag zijn. Want dat is de auto die jij hier in computertekening vorm ziet.

De Q9 is het aanstaande topmodel van Audi en de productievertaling van het Artemis project. In Ingolstadt wordt weliswaar ook gewerkt aan een nieuwe editie van de A8, maar hoe hightech dat model ook wordt, zijn lage en klassieke carrosserievorm zou wel eens een blok aan het been kunnen blijken te zijn bij het aantrekken van klanten. Nee, de sedan is ook in traditionele vorm neus nog niet dood (dat bewijst het verkoopsucces van de Mercedes S klasse), maar onder de schaduw van deze dominant aanwezige rivaal uit Stuttgart komen maar weinig concurrenten tot bloei. Voor Jaguar was dit reden om het vrijwel productierijpe ontwerp voor een nieuwe XJ maar in de prullenbak te gooien. BMW denkt zich met een grote bek op de 7-serie staande te kunnen houden, maar bij Maserati zijn de 4-deurs modellen al wel duidelijk op weg naar de uitgang. Nog niet de naamgever van dit genre, maar wel de Ghibli.
Audi moet dus kansen pakken die Mercedes laat liggen. Die concurrent gaat haar meest welvarende klanten voor een elektrische auto bedienen met de EQS en de EQS SUV, maar in Ingolstadt denkt men dat er ruimte moet zijn voor een tussenvorm. Een auto waarin je minstens zo gerieflijk zit als in de A8, maar ver weg weet te blijven bij diens ‘oude mannen imago’. Een auto die vanwege zijn grote achterklep communiceert dat hij past bij een actieve, veelzijdige leefstijl. Een auto ook die met zijn enorme wielen laat zien dat hij zich niet het kaas van het brood laat eten door de SUV meute.
De laatste jaren heeft de merkslogan van Audi (‘voorsprong door techniek’) enigszins aan kracht verloren. Dat komt niet in de laatste plaats doordat het motorenaanbod niet altijd weet te overtuigen. Maar de nieuwe, volledig elektrische Q9 maakt daar korte metten mee. Die draagt geen TDI (zit er sjoemelsoftware in?) of TFSI (betekent dit dat overmatig olieverbruik bij de prijs is inbegrepen?) ellende met zich mee. Met emissievrije elektromotoren begint Audi met een schone lei. Voeg daarbij techniek waarmee op niveau 4 grotendeels autonoom kan worden gereden, en er is maar één conclusie mogelijk: met de Q9 vindt Audi haar voorsprong door techniek opnieuw uit.
