Seat maakt van Spanje belangrijk productieland elektrische auto’s

0

Seat, de Spaanse no-nonsense dochter van Volkswagen, gaat door met het megaproject voor het creëren van infrastructuur voor de productie van elektrische voertuigen en batterijen in Spanje. Om dat op poten te zetten, had de regering van het Iberische schiereiland al eerder een dergelijk verzoek gedaan aan de nationale autofabrikant. Seat reageerde toen afwijzend omdat het aangeboden subsidie bedrag te laag zou zijn. Maar nu is er alsnog een akkoord.

Het door Seat geleide project, waaraan ook 60 andere met Volkswagen verbonden bedrijven zullen deelnemen, omvat een totale investering van 10 miljard euro. Van dit bedrag zal de Spaanse auto-industrie geëlektrificeerd worden. Doel is om van het land een belangrijkere Europese speler te maken op het gebied van de productie van emissievrije voertuigen en de hiervoor benodigde batterijen.

De Spaanse regering haalt in totaal 877 miljoen euro uit haar knip, waarvan het grootste gedeelte (397,4 miljoen euro) overgemaakt gaat worden naar Seat. In Madrid heeft men dit bedrag beschikbaar dankzij de coronaherstelhulp die de Europese Unie beschikbaar gesteld heeft. Seat liet zich aanvankelijk niet lijmen met deze miljoenen, maar heeft zich nu bedacht. Dat er enige tijd radiostilte is geweest omtrent dit project, heeft mogelijk te maken met het feit dat men bij moederbedrijf Volkswagen niet goed weet wat men met dit merk aan moet. Maar nu is er dus alsnog een knoop doorgehakt.

“Vandaag is een historische dag voor ons allemaal, nu wij een strategische stap zetten: Seat S.A., de Volkswagen Groep, PowerCo en de Future:Fast Forward partners hebben de Strategic Project for Economic Recovery and Transformation program for the Electric and Connected Vehicle (Petre Vec) resolutie aanvaard. Samen zullen wij 10 miljard euro investeren in Spanje”, aldus de merk chef van Seat, Wayne Griffiths. Hij vulde aan: “70 jaar geleden zette Seat Spanje op wielen en nu zetten wij Spanje op elektrisch aangedreven wielen”.

Dankzij het miljardenproject is er voor Seat een leidende rol weggelegd bij de ontwikkeling van de in 2025 te introduceren kleine elektrische auto’s van de Volkswagen Groep. Het Spaanse automerk zal een dergelijk model overigens niet onder eigen naam gaan verkopen, maar als Cupra. Daarmee kan een hogere prijsstelling worden gehanteerd en vloeit er meer winst richting de bankrekening van de Volkswagen Groep.

Na Duitsland is Spanje de grootste speler van de Europese auto-industrie. Het land wil graag dat dit zo blijft, nu steeds meer consumenten hun personenwagen met een verbrandingsmotor inruilen voor een elektrisch exemplaar. Van de bijna 400 miljoen euro die Seat krijgt zal onder meer een nieuwe accufabriek in Sagunto (nabij Valencia) worden gebouwd. Daarnaast zullen de productiefaciliteiten van Volkswagen in Pamplona en Martorell aangepast gaan worden zodat daar vanaf 2025 elektrische auto’s van de band kunnen rollen.

De in de 5de alinea genoemde kleine elektrische auto’s zullen in Martorell het levenslicht gaan zien. Het gaat daarbij, naast een Cupra, ook om een model voor Volkswagen en eentje voor Skoda en Cupra. Zij krijgen een ingekorte versie van het MEB platform als basis. De fabriek in Pamplona produceert momenteel nog de Volkswagen types Taigo, T-Cross en Polo. Zoals de kaarten nu liggen, krijgt Seat zelf geen eigen versie van de kleine elektrische auto van de Volkswagen Groep. Mogelijk moet dit merk zich van Wolfsburg gaan profileren als een aanbieder van mobiliteitsdiensten. Dat kan ook met 2-wielers.

 

Reageren is niet mogelijk.