De opvolger van de Opel Insignia gaat in Italië gemaakt worden. In de Melfi fabriek van Fiat zullen ook cross-over annex SUV modellen van DS, Jeep en Lancia van de band rollen.
Stellantis nam vorig jaar afscheid van de Insignia toen de productie van de grote middenklasser in de Opel fabriek in Rüsselsheim stopte. Er is een vervanging voor de Volkswagen Passat rivaal gepland, maar deze zal niet in Duitsland worden gebouwd. In plaats hiervan heeft Stellantis besloten dat het model van de volgende generatie in Italië het levenslicht zal zien. Dit nieuws is inmiddels door vakbonden bevestigd. In de Melfi fabriek lopen momenteel de Fiat 500X en de Jeep modellen Renegade plus Compass van de band.
Behalve de Insignia opvolger is Stellantis van plan om 3 extra modellen te gaan produceren in de fabriek in Zuid-Italië. Het gaat daarbij om de nieuwe DS 7, een grote liftback van hetzelfde merk die het stokje over moet gaan nemen van de ‘9’, de volgende editie van de Jeep Compass (die gaat waarschijnlijk fors groeien) en een cross-over annex SUV model voor Lancia. Alle modellen zullen alleen in volledig elektrische vorm worden aangeboden, al kan het zijn dat er voor de nieuwe Compass op de valreep een uitzondering wordt gemaakt nu de Euro 7 emissienormen voor auto’s met een verbrandingsmotor worden versoepeld. Wat de reeks huidige modellen uit de Melfi fabriek betreft: de Fiat 500X, Jeep Compass en Renegade zullen volgens de vakbonden tussen 2024 en 2025 uit productie worden genomen.
Net als de opvolger van de DS 9 wordt de nieuwe Insignia een 5-deurs liftback (zie afbeelding). Opel heeft al laten doorschemeren welke richting het wil inslaan met de conceptstudie Manta-e en Experimental. Daarmee werd een voorproefje gegeven van een volledig elektrische toekomst met een frisse designtaal. De verwachting dat de hiervoor genoemde 5 nieuwe modellen zullen worden gebaseerd op het zogeheten STLA Medium platform waar Stellantis enkele jaren aan gewerkt heeft. Deze bodemplaat debuteert onder de kakelverse Peugeot E-3008.
Het kan zijn dat Opel de modelnaam Insignia inruilt voor een typeaanduiding met een sportievere connotatie. ‘Manta’ werd in dit kader al vaak genoemd, maar gezien het feit dat de geboortegrond voor de liftback Italiaans zal zijn, is ‘Monza’ een meer passende keuze. Dat is immers de naam van een beroemd circuit in Italië. Opel gebruikte ‘Monza’ tussen 1978 en 1987 voor een 3-deurs coupé versie van de Senator. Dit model kreeg bij leven niet al te veel waardering, maar heeft zich met name in GSE uitvoering inmiddels ontpopt tot een gewilde klassieker.
Wat de naam van de Insignia opvolger ook wordt, in Duitsland zal met gemengde gevoelens worden gereageerd op dit nieuws. Op zich is het een goede zaak dat Opel terugkeert naar het D segment, maar het vlaggenschip hoort natuurlijk eigenlijk op nationale bodem het levenslicht te zien. Dat luistert vooral voor de chauvinistische Duitsers nauw. Maar misschien hebben zij emotioneel al lang afscheid genomen van Opel en maken zij zich niet meer druk om de capriolen van Stellantis.
Toch moet de keuze om de ‘Insignia opvolger’ in Italië te gaan bouwen als zeer verontrustend nieuws worden beschouwd. Immers, het betekent dat Stellantis niet investeert in ombouw van de fabriek in het Duitse Rüsselsheim (de historische hoofdvestiging van Opel) voor productie van auto’s op het bovengenoemde STLA Medium platform. Deze bodemplaat is ook nodig voor de volgende generatie Astra en de nieuwe DS 4. Beide modellen lopen momenteel in Rüsselsheim van de band, maar het ziet er naar uit dat hun opvolgers elders het levenslicht gaan zien. Dat kan sluiting van de historische hoofdvestiging van Opel betekenen.
Lancia
Menigeen is overigens verheugd om te vernemen dat het autoconglomeraat Stellantis zijn belofte waarmaakt om Lancia een export comeback te laten maken nadat het legendarische merk zich had teruggetrokken op haar Italiaanse thuismarkt met één enkel model: de verouderde Ypsilon. De in Melfi te produceren cross-over annex SUV gaat mogelijk ‘Gamma’ heten. In navolging van Alfa Romeo, dat al eerder heeft geprofiteerd van een geldinjectie van het moederbedrijf, is dus nu ook een redding voor Lancia nabij. Ook Abarth, DS en Fiat worden door Stellantis niet verwaarloosd, want voor alle drie zijn er verse modellen onderweg.
Het in leven houden van al deze merken is een dure onderneming, maar Stellantis probeert de kosten te spreiden door zusterauto’s te maken die vergelijkbaar zijn met wat de Volkswagen Groep al tientallen jaren met opmerkelijk succes doet. Het D-segment modellen offensief met ontwerpen van de volgende generatie zal beginnen in 2024 en zal duren tot 2026. De nieuwe DS 7 bijt daarbij de spits af. De fabriek in Melfi beschikt over de nodige productiecapaciteit, aangezien er in 2015 (tijdens het beste jaar voor de site) 393.000 auto’s werden geproduceerd. In 2021 viel de output evenwel terug tot slechts 163.646 auto’s.e Lancia Gamma.
Overigens komen er straks meer elektrische auto’s van Stellantis uit het zuiden van Italië. Begin dit jaar maakte het concern bekend dat het in Cassino modellen op het STLA Large platform gaat bouwen. Het gaat daarbij om auto’s voor de merken Alfa Romeo en Maserati.
