BMW en Toyota gaan samen nieuwe brandstofcelsystemen ontwikkelen. Verder zullen de krachten op inkoopvlak worden gebundeld. Dat moet tot een kostenverlaging op het gebied van aandrijfsystemen met een brandstofcel leiden. Ook gaan beide autofabrikanten zich inzetten voor de verbetering van de infrastructuur van waterstof tanklocaties. BMW en Toyota hebben hiertoe een overeenkomst getekend.
Toyota maakt en verkoopt al geruime tijd personenauto’s met een brandstofcel. De in 2021 geïntroduceerde tweede generatie Mirai ziet er niet verkeerd uit en heeft zeker kwaliteiten, maar zijn rol op de automarkt omschrijven als ‘marginaal’ is al te veel eer. Dat moet in de toekomst dus anders. Wat ook anders moet, is dat BMW af moet van haar koudwatervrees (sic) voor wat betreft de lancering van waterstofauto’s. Tot nu toe blijft het bij experimenteren, studiemodellen en prototypes. Maar in 2018 wil BMW eindelijk een auto met een brandstofcel op de markt brengen.

Koji Sato, de president van Toyota (al handenschuddend links op bovenstaande foto), zegt een gedeelde visie met BMW te hebben. “Wij delen het geloof in ‘open technologie’ en in een ‘multi-pathway’ benadering van koolstofneutraliteit. Op basis van deze gedeelde waarden zullen wij onze samenwerking verdiepen. Onze inspanningen betreffen de gezamenlijke ontwikkeling van brandstofcel systemen van de volgende generatie en de uitbreiding van de infrastructuur, met als doel een waterstof maatschappij”. Oliver Zipse, de voorzitter van de Raad van Bestuur van de BMW Groep (al handen schuddend rechts op de foto), vult aan: “Dit is een mijlpaal in de geschiedenis van de auto-industrie: wij gaan eindelijk onze allereerste brandstofcelauto in serie produceren. Daarmee zijn wij als premium fabrikant uniek in de wereld”.
BMW en Toyota werken reeds samen op allerlei gebieden. Dat is het beste zichtbaar in het sportwagen duo Z4 en Supra. Verder is de iX5 Hydrogen van BMW (die niet kan worden gekocht, maar enkel worden geleased) voorzien van een brandstofcel die afkomstig is van Toyota. De uitbreiding van de samenwerking leidt er toe dat de Duitsers hun eerste waterstofauto in 2028 op de markt kunnen brengen. Dat is weliswaar 3 jaar later dan eerder werd aangekondigd, maar het is goed nieuws dat de kogel voor wat betreft de productieplannen nu eindelijk door de kerk lijkt te zijn. BMW en Toyota gaan samen een zogeheten derde generatie brandstofcel ontwikkelen. Die zal door beide partners gebruikt gaan worden.

BMW en Toyota geloven niet dat waterstof dé oplossing voor het klimaatprobleem is, maar wel dat implementatie een handje kan helpen om de aarde (minder snel) te laten opwarmen. Beide bedrijven geloven in de Power-of-Choice benadering, waarbij de klant kan kiezen uit waterstofmodellen, batterij-elektrische auto’s, (plug-in) hybride personenwagens en voertuigen met enkel een benzine- of dieselmotor. De brandstofcel wordt zo een volwaardig alternatief. Door op meerdere paarden tegelijkertijd te wedden, zijn BMW en Toyota minder kwetsbaar als de vraag naar auto’s van één specifiek aandrijftype tegenvalt. Zoals nu bij elektrische personenwagens het geval is.
Van de eerste waterstofauto van BMW is inmiddels bekend dat die zal worden afgeleid van een bestaand model. Waarschijnlijk een SUV waarbij de kans groot is dat de volgende generatie X5 de donor wordt. Toyota kiest tot nu toe voor een compleet uniek model, de Mirai. Dat zorgt er voor dat de ontwikkelingskosten niet gedeeld kunnen worden met modellen die een andere aandrijfvorm hebben. De keuze zal ingegeven zijn door de Prius, aanvankelijk de enige hybride auto in het Toyota assortiment. Maar inmiddels is deze aandrijfvorm beschikbaar voor een groot aantal andere modellen, zoals de Corolla en de RAV4. Waarschijnlijk zal de Mirai in de toekomst daarom gezelschap krijgen van waterstof derivaten van bestaand repertoire. Bijvoorbeeld de Land Cruiser.
