De Duitse federale regering wil proberen om de boetes voor fabrikanten die te veel auto’s met een hoge CO₂ uitstoot verkopen te reduceren. Daartoe vraagt Duitsland de Europese Unie eerder dan gepland haar emissiereductie-eisen voor auto’s te evalueren.
Die evaluatie staat nu gepland voor 2026. Duitsland wil echter dat dit al volgend jaar gebeurt. De Duitse auto-industrie heeft hiervoor stevig gelobbyd bij Robert Habeck (Groenen), de minister van Economische Zaken. De vervroegde evaluatie wil niet zeggen dat de strenge emissienormen afgezwakt gaan worden. Het enige wat Habeck hierover op dit moment kwijt wil, is: “De eisen zijn sinds 2019 bekend. Sommige autofabrikanten kunnen daar prima aan voldoen. Maar anderen hebben er meer moeite mee, al geven sommige studies aan dat de emissienormen voor iedereen haalbaar zijn”.
De Europese autolobby wees er vorige week op dat de CO₂-eisen autofabrikanten mogelijk miljarden euro’s aan boetes gaan kosten. Per 2025 zouden sommige bedrijven (met name de Volkswagen Groep en Ford) een strafheffing moeten betalen van 95 euro per gram die ze boven de norm zitten. Die houdt in dat de CO2-uitstoot van alle door een fabrikant verkochte auto’s niet hoger mag zijn dan gemiddeld 94 gram per kilometer.
Diverse autofabrikanten hebben moeite om bovenstaande norm te halen omdat de verkoop van elektrische personenwagens tegenvalt. Daardoor is het aandeel van nul-emissie voertuigen in hun verkoopmix lager dan verwacht. Maar net als Nederland in Brussel niet alles kan regelen voor ‘de boeren’ en minister Marjolein Faber, zo zal ook Habeck aldaar geen ijzer met handen kunnen breken. Het wisselgeld dat Duitsland in Brussel had, is besteed aan een uitzonderingspositie voor synthetische brandstoffen. Nu is het een keer klaar, zo is de houding van de Europese Unie.
Habeck wil zich nog niet uitlaten over een eventuele terugkeer van de aankoopsubsidie voor elektrische auto’s. Eigenaren van een dergelijke personenwagen worden nu al financieel in de watten gelegd omdat zij geen wegenbelasting hoeven te betalen. Bovendien is de verwachting dat fossiele brandstoffen in de toekomst duurder zullen worden. Eigenaren van zowel een elektrische auto als van zonnepanelen zijn dan veel voordeliger uit. Volgens de bewindsman is extra financieel voordeel in de vorm van een aankoopsubsidie niet nodig. Bovendien profiteren buitenlandse (lees: Chinese) autofabrikanten net zo sterk van een dergelijke regeling als hun Duitse branchegenoten.
De SPD van premier Olaf Scholz stelde als alternatief een schrootpremie voor diegenen die hun oude personenwagen met een verbrandingsmotor inruilen voor. Maar de praktijk leert dat daar vooral mensen met een smalle beurs mee geholpen zijn. Voor BMW of Mercedes heeft een slooppremie amper een verkoopstimulerend effect. Zij willen dat het huidige EU-doel om in 2035 geen auto’s met verbrandingsmotor meer op de markt toe te laten, van tafel moet.
