Nissan meldt dat zij wereldwijd 9.000 banen gaat schrappen. Daarmee wil het Japanse autoconcern geld besparen. De laatste tijd staat de winst namelijk sterk onder druk door oplopende kosten.
De nettowinst daalde bij Nissan in de eerste helft van het op 1 april begonnen boekjaar met 457 miljoen euro naar 170 miljoen euro. Dat is reden voor topman Makoto Uchida om flink te gaan bezuinigen. In dit kader zal het personeelsbestand van Nissan met ongeveer 7 procent worden ingekrompen. Daarnaast verlaagt het bedrijf haar wereldwijde productiecapaciteit met 20 procent. Onder de streep moeten deze ingrepen leiden tot 300 miljard yen (omgerekend zo’n 1,8 miljard euro) aan lagere vaste kosten.
Nissan kampte in de eerste helft van haar lopende boekjaar met een lagere vraag naar haar auto’s. Dat de winst veel sterker daalde, komt doordat er veel marketingkosten werden gemaakt. Dat is een net woord voor ‘korting’. Nissan heeft op dit vlak een berucht imago op de Noord-Amerikaanse markt sinds voormalig topman Carlos Ghosn de verkoopdoelstelling steeds hoger legde. Doordat de winst in de periode april t/m september veel harder daalde dan de verkopen, is het bedrijf somberder over de resultaten in het hele boekjaar dat op 31 maart 2025 afloopt.
De reorganisatie is volgens Uchida nodig om concurrerender te worden en om sneller in te kunnen spelen op marktveranderingen. Om in een hoger tempo nieuwe modellen op de markt te kunnen brengen, wil het Japanse concern inniger samenwerken met Renault en met Mitsubishi. Zo zal Nissan met hulp van de Franse alliantiepartner niet alleen een nieuwe editie van de Micra lanceren (dit keer volledig elektrisch; als donormodel zal de 5 E-Tech fungeren), maar ook een rentree in het A-segment maken met een eigen versie van de nieuwe Twingo E-Tech. Dat er ook met Mitsubishi inniger samengewerkt gaat worden is opvallend, want Nissan is juist van plan om een deel van haar belang in deze branchegenoot te verkopen (doel is om zo meer “financiële flexibiliteit” te creëren).
In Europa gaan de zaken overigens helemaal niet zo slecht. Het marktaandeel was in september weliswaar iets lager dan in dezelfde maand van 2023 (2,6 procent versus 2,8 procent), maar nog altijd hoger dan begin 2023 (2,3 procent). Dat komt doordat de Qashqai in Europa een behoorlijk populaire auto is. In Noord-Amerika heeft Nissan echter de plug-in hybride boot gemist. De in eigen beheer ontwikkelde e-Power techniek blijkt geen alternatief te zijn. Ook in China staan de zaken onder druk, al kampen zo’n beetje alle buitenlandse fabrikanten daar met soortgelijke verkoopproblemen.
Op korte termijn (i.c. dit decennium) kan een intensievere samenwerking met Renault en Mitsubishi (deze collega heeft panklare plug-in hybride techniek) de problemen verlichten, maar voor de langere termijn is een sterkere partner nodig. Die lijkt het bedrijf in de vorm van Honda gevonden te hebben. Echter, bij een eventueel huwelijk tussen beide Japanse autofabrikanten wordt niet Nissan de bovenliggende partij, maar Honda. Dat bedrijf is op strategische markten een maatje groter en veel winstgevender.
