De Europese Commissie heeft 15 autofabrikanten en de Europese branchevereniging ACEA een boete van in totaal 458 miljoen euro opgelegd. Dit vanwege verboden prijsafspraken (oftewel kartelvorming) rond de recycling van afgedankte voertuigen.
Het kartel liep van mei 2002 tot september 2017 en betrof onder meer afspraken om demontagebedrijven niet te betalen voor het verwerken van end-of-life vehicles (ELV’s). Ze spraken bijvoorbeeld af dat ze autosloperijen niet betaalden voor het verwerken van afgedankte voertuigen. Oude of beschadigde auto’s die niet meer geschikt waren om te rijden, werden uit elkaar gehaald. Onderdelen werden verwerkt voor recycling, omdat het metaal, het plastic en het glas nog erg waardevol kunnen zijn. Dat geldt ook voor individuele onderdelen zoals deurpanelen, motorkappen en lichtunits.
Volgens de Commissie spraken de autofabrikanten onderling af dat de verwerking voor demontagebedrijven winstgevend genoeg was om zonder vergoeding te werken. Tegelijkertijd deelden zij concurrentiegevoelige informatie en spraken zij af consumenten niet actief te informeren over hoeveel gerecycled materiaal in hun voertuigen werd verwerkt. Kopers konden daardoor minder goed afwegen welke auto duurzamer voor het milieu was. Het voordeel voor de autobouwers was dat ze hun voertuigen door de onderlinge afspraken niet recycle-vriendelijker hoefden te maken dan wettelijk vereist was.
Volgens de Europese regelgeving moeten fabrikanten de kosten voor verwerking van ELV’s dragen als de laatste eigenaar het voertuig kosteloos wil afstaan. Ook zijn zij verplicht informatie te verstrekken over het hergebruik en recyclingpercentage van hun voertuigen.
Mercedes-Benz ontving volledige immuniteit omdat het concern als klokkenluider de kartelvorming bij de Commissie meldde. Ford, Mitsubishi en Stellantis kregen een boetevermindering van respectievelijk 20, 30 en 50 procent voor hun medewerking. Renault kreeg een extra verlaging omdat het had aangedrongen op een uitzondering voor het stilzwijgen over recyclingprestaties.
De zwaarste individuele boete werd opgelegd aan Volkswagen: 127,7 miljoen euro. Renault/Nissan volgt met 81,5 miljoen euro. Acea kreeg een aparte boete van 500.000 euro voor haar faciliterende rol in het kartel.
De Commissie voerde het onderzoek in samenwerking met de Britse mededingingsautoriteit CMA. Volgens Eurocommissaris Teresa Ribera toont de zaak aan dat de Commissie ook ingrijpt wanneer concurrentieverstorende afspraken de ontwikkeling van duurzamere producten belemmeren. “Wij tolereren geen kartels. Zeker niet als ze consumenten weerhouden van milieuvriendelijke keuzes”, aldus Ribera in de verklaring.
Consumenten en bedrijven die schade hebben geleden, kunnen op basis van het besluit schadevergoeding eisen bij nationale rechters. De uitspraak geldt als juridisch bewijs dat er sprake was van een inbreuk op het mededingingsrecht.
