Sinds vorig jaar is de Nederlandse automarkt een nieuwe exoot rijker: de Microlino: een volledig elektrisch, zeer compacte 2-zitter met een op de BMW Isetta gebaseerd design. Het voertuig heeft vanwege zijn ontwapende uiterlijk veel publiciteit gekregen, maar schijn bedriegt: de Microlino is ondanks zijn hoge knuffelfactor gevaarlijker dan je denkt.
De in Zwitserland ontworpen, maar in Italië gebouwde, Microlino viel tijdens een test van een Duits automagazine namelijk lelijk door de mand. In 10,5 kWh uitvoering heeft dit vehikel officieel een topsnelheid van 90 km/u, maar als jouw leven jou lief is, dan blijf je daar ver vandaan.

Het begint eigenlijk al bij het instappen. De enige deur bevindt zich à la de originele Isetta aan de voorkant. Om de Microlino aan de huidige veiligheidseisen te laten voldoen, doet het exemplaar van de Microlino denken aan een zware kluisdeur. Je moet je dus echt even concentreren als je wilt in/uitstappen; een handeling die bij de meeste andere auto’s gedachteloos kan worden uitgevoerd. Zit je eenmaal in de Microlino, dan valt op dat de voorste wielkasten best veel ruimte in beslag nemen. Daardoor is er tegenvallend weinig plek voor de voeten.
Voor een Microline van het tweede uitrustingsniveau en een midden formaat batterij (10,5 kWh; goed voor een actieradius van circa 100 kilometer) ben je ruim meer dan 20 mille kwijt. Voor zo’n minuscuul wagentje is dat beslist een premium tarief. Helaas is de goedkope en fragiele buitenspiegel allesbehalve premium. Dat is extra jammer omdat het zicht door de zeer kleine achterruit zeer slecht is.
Ga je rijden in de Microlino, dan wordt de stemming er niet beter op. De elektromotor blijkt namelijk irritant veel lawaai te produceren. Niet alleen tijdens het accelereren, maar ook wanneer er al remmend energie wordt teruggewonnen. Hoofdpijn krijg je door al dat gedreun gegarandeerd. Behelpen is ook de onharmonische vering. Oneffenheden in het wegdek doen de Microlino omhoog springen om vervolgens nog lang met duikbewegingen door te gaan. Het gevolg: de carrosserie is eigenlijk altijd in beweging.
Gelukkig accelereert de kleine retro-charmeur vlot. In de stad ben je de andere verkeersdeelnemers vaak te vlot af. Pas bij 70 km/u gaat accelereren merkbaar langzamer. Maar sneller wil je ook eigenlijk niet in de Microlino, want al na een paar bochten wordt duidelijk dat de gewichtsverdeling over de voor- en achterwielen een drama is. De in Italië gebouwde Zwitser leunt daardoor veel te sterk op zijn voorkant. Het gevolg is dat onderstuur dominant aanwezig is en stuurcommando’s (waar trouwens tegenvallend veel kracht voor nodig is) de Microlino sterk om zijn lengteas doen rollen.
Maar wat de testploeg van het Duitse magazine tot nu toe hebben ervaren, is slechts kinderspel vergeleken bij de schrik die hen om het hart sloeg toen er geremd moest worden. Als er bij 90 km/u voluit geremd wordt, dan verliezen de wielen het contact met het wegdek en dreigt hij om te kieperen. Volgens de testploeg is de veiligheid van de Microlino “absoluut onacceptabel”. Dit is dus beslist geen auto die je voor jouw kinderen wilt kopen.
Al met al komt de Microlino schokkend slecht uit de test. Niet alleen vanwege zijn bouwkwaliteit, het lawaai aan boord, maar vooral vanwege de onveilige rijeigenschappen. Vanuit dit perspectief is de pris van de Microlino absurd hoog. Je kan beter 12 mille in je zak houden door voor de Fiat Topolino te gaan. Die scoort op geen enkel onderdeel slechter, heeft wel een aanvaardbaar veiligheidsniveau en charmeert eveneens met een retro uiterlijk.
