Bij Stellantis, het moederbedrijf van onder meer Fiat, Alfa Romeo, Lancia, Maserati en Jeep, is de productie in zijn Italiaanse fabrieken in het eerste kwartaal van dit jaar gedaald tot het laagste niveau in bijna 70 jaar.
Vakbonden verwachten dit jaar geen herstel, ondanks dat in Melfi onlangs gestart is met de fabricage van de nieuwe DS Numéro 8. De zware importheffingen van de Amerikaanse president Donald Trump zullen de export van in Italië vervaardigde auto’s namelijk kunnen belemmeren. Verder valt dit kwartaal het doek voor de Alfa Romeo modellen Giulia en Stelvio.
Stellantis heeft überhaupt last van een algeheel zwakkere vraag, mede doordat de elektrische uitvoering van de Fiat 500e technisch niet meer voldoende bij de tijd is. Daarnaast presteren relatief jonge modellen verkoop technisch zwak. Het gaat hierbij met name om de Alfa Romeo Tonale en de Maserati Grecale. De Italiaanse vakbond FIM-CISL meldt dat door al deze ellende de productie van auto’s in het afgelopen kwartaal met 36 procent is gekelderd tot 109.900 stuks; het laagste aantal voor deze jaarperiode sinds 1956.
Voorzitter John Elkann, die Stellantis tijdelijk leidt na het vertrek van voormalig topman Carlos Tavares, heeft als zware taak de productie weer op te voeren. Hij deed onlangs de belofte om dit jaar 2 miljard euro in Italië te investeren, maar waarschuwde dat de handelsbarrières van de Verenigde Staten de productie kunnen afremmen. Voor Alfa Romeo en Maserati is dit land een belangrijke afzetmarkt.
Nu de auto’s van deze merken door een extra invoerbelasting van 25 procent nog minder competitief worden, lijkt Stellantis de moed op te geven dat het ooit nog wat gaat worden met Maserati. Aan adviesbureau McKinsey is gevraagd wat de marktwaarde van dit merk is als het wordt afgesplitst. En of er in de branche belangstelling bestaat om met Alfa Romeo samen te gaan werken. Blijkbaar beschouwt Stellantis zich ook niet in staat om dit merk weer verkoop technisch vlot te trekken.
