BMW is van plan om in 2028 in samenwerking met Toyota zijn eerste serieproductie-waterstofauto te lanceren. De voorbereidingen zijn inmiddels in de fabriek in het Oostenrijkse Steyr gaande.
BMW blijft vasthouden aan een waterstofaandrijving. Volgens de Beierse autofabrikant worden er momenteel in de fabriek in Steyr voorbereidingen getroffen voor de serieproductie van een nieuw brandstofcelsysteem van de derde generatie, dat vanaf 2028 in de eerste brandstofcel productieauto van het merk zal worden gebruikt. Prototypes worden parallel ontwikkeld in München en Steyr. De huidige pilotvloot van de iX5 Hydrogen maakt gebruik van de tweede generatie van het systeem, dat samen met Toyota is ontwikkeld.

De samenwerking met Toyota loopt al ruim 10 jaar. Waar de Japanners in de beginfase nog complete systemen leverden, neemt BMW nu steeds meer ontwikkeling zelf in handen. Voor deze derde generatie bundelen beide merken hun krachten opnieuw, waarbij kennis, inkoop en productie worden gedeeld, maar elke partner zijn eigen modellen bouwt.
Compactere motoren
“Met de lancering van het eerste BMW-productiemodel met brandstofcel in 2028 breiden wij onze CO2-neutrale productfamilie uit met een ander krachtig, zeer efficiënt en emissievrij aanbod. Door te kiezen voor Steyr als locatie, zetten wij ons duidelijk in voor de Europese innovatievoetafdruk”, aldus Joachim Post, bestuurslid Research & Ontwikkeling bij BMW. “De BMW Competence Centers in München en Steyr spelen een sleutelrol in de ontwikkeling van baanbrekende brandstofcelsystemen”.
Een tweede belangrijke locatie is Landshut, waar vanaf 2026 onderdelen als de waterstof-specifieke ‘BMW Energy Master’ van de band zullen rollen. Deze unit regelt de energiestroom in het voertuig en vormt straks het kloppende hart van BMW’s waterstofmodellen
De nieuwe generatie brandstofcel, die samen met Toyota wordt ontwikkeld, zal naar verwachting compacter, efficiënter en krachtiger zijn, ongeveer een kwart minder inbouwruimte nodig hebben en flexibeler kunnen worden geïntegreerd in de architectuur van personenauto’s en bedrijfswagens. Dankzij de hogere efficiëntie moet de actieradius vergelijkbaar worden met die van de nieuwste elektrische auto’s met een accupakket, maar dan met het grote voordeel van sneller tanken. Voor BMW past dit volledig in de strategie om technologie-open te blijven: niet alles hoeft via een laadpaal.
25 procent kleinere ruimte
De benodigde inbouwruimte van het brandstofcelsysteem alleen al zal naar verwachting met ongeveer 25 procent afnemen. Met de productie, waarvan de start gepland is voor 2028, wil BMW zijn aanbod van emissievrije aandrijflijnen uitbreiden en de brandstofcel technologie in Europa verder ontwikkelen.
Tot nu toe zijn alle pogingen van autofabrikanten om brandstofcellen te integreren als energieleveranciers in auto’s voor de massamarkt mislukt vanwege de hoge kosten van de technologie en de beperkte beschikbaarheid van waterstof. Onlangs heeft de Stellantis Group de verdere ontwikkeling van brandstofcellen voor haar bedrijfswagenpark stopgezet. Als redenen werden de hoge kosten en het gebrekkige netwerk van tankstations genoemd.
BMW denkt het tij echter te kunnen keren. De Duitse autofabrikant ziet waterstof niet als vervanger, maar als aanvulling op elektrische auto’s met een accupakket. Vooral voor lange ritten, zware voertuigen of regio’s waar laadpalen schaars zijn, kan de brandstofcel volgens BMW het verschil maken. En daarmee de koers van de hele autobranche veranderen.
