Stellantis sluit tijdelijk fabrieken in Frankrijk en Italië. Het moederbedrijf van onder andere Citroën, DS, Peugeot, Alfa Romeo, Jeep en Fiat verkoopt steeds minder auto’s, zo laat het bedrijf in een verklaring weten.
De productie van de Fiat Panda in het Italiaanse Pomigliano d’Arco stopt van 29 september tot en met 6 oktober. Dit model is inmiddels bijna 16 jaar oud, maar de opvolger is nog niet klaar. Wel ondervindt de Panda concurrentie van de Grande Panda, maar dat model wordt niet in Italië gebouwd. Niet alleen de consument lijkt het gehad te hebben met de Panda, ook autoverhuurbedrijven bestellen veel minder exemplaren.
De productie van de Alfa Romeo Tonale, vanaf de introductie al een flop, staat in dezelfde fabriek tot en met 10 oktober stil. In juli liet Europees topman Jean-Phillippe Imparato, die eindverantwoordelijk is voor het Tonale debacle (maar niet ontslagen werd omdat de voorzitter van de Raad van Bestuur, landgenoot John Elkann hem een hand boven het hoofd houdt), al weten dat de fabrieken tijdelijk gesloten konden worden als Stellantis in korte tijd niet veel meer auto’s zou verkopen
De fabriek in het Franse Poissy sluit haar deuren van 13 oktober tot en met 6 november. In deze fabriek dicht bij Parijs worden onder meer de DS 3 geproduceerd. Dat model is vanwege de te hoge prijsstelling feitelijk onverkoopbaar. Stellantis zegt ervoor te zorgen dat alle autovoorraden in deze fabriek voor de rest van het jaar op peil blijven.
Alle 3.800 medewerkers van de Italiaanse fabriek krijgen deels onbetaald verlof. Voor de 2.000 Franse medewerkers zouden trainingen en andere werkzaamheden in fabrieken beschikbaar komen.
De verkopen van Stellantis vallen al langer tegen en niet alleen dit jaar. De nieuwe invoerrechten van de Verenigde Staten kunnen niet als excuus worden gebruikt omdat het bedrijf amper auto’s vanuit Europa naar dit land exporteert.
