Staat de Westerse auto-industrie aan de vooravond van een revolutie? de autofabrikanten JLR en Stellantis hebben namelijk voor de Verenigde Staten een strategische alliantie aangekondigd. De krachtenbundeling kan beide partijen in technologisch opzicht veel sterker maken terwijl tegelijkertijd de ontwikkelingskosten kunnen delen. Verder kan de samenwerking beide autofabrikanten helpen om de hoge Amerikaanse importheffingen te omzeilen.
Dat Stellantis en JLR (Jaguar Land Rover) zouden gaan samenwerken, was iets wat de meeste mensen in de branche dit jaar niet hadden verwacht. Het ene bedrijf verkoopt alle soorten auto’s, van Jeeps en Ram-trucks tot Peugeots en Fiats. Het andere bouwt luxe SUV’s en premium auto’s onder de merken Jaguar, Range Rover, Defender en Discovery. Toch hebben beide bedrijven nu bevestigd dat ze een Memorandum of Understanding (MOU) hebben getekend en samenwerkingsmogelijkheden onderzoeken voor de ontwikkeling van nieuwe modellen en technologieën voor de Amerikaanse markt.
Er is nog geen concrete auto aangekondigd. Er is ook nog geen overeenkomst bereikt over het delen van een platform. Maar de gesprekken zelf illustreren dat de ontwikkeling van nieuwe auto’s is enorm duur geworden, zelfs voor grote fabrikanten.
10 jaar geleden gaven de meeste autofabrikanten er nog de voorkeur aan om alles zelf te doen. Nu is de situatie heel anders. Het bouwen van een nieuwe auto draait tegenwoordig niet meer alleen om motoren, ophanging en design. Autofabrikanten hebben ook batterijtechnologie, softwaresystemen, rijhulpsystemen, connectiviteitsfuncties en een steeds complexere elektronische architectuur nodig. Dat kost allemaal miljarden euro’s.
Dat is waar partnerschappen zinvol worden. Voor Stellantis is de uitdaging schaalvergroting. Het bedrijf beheert wereldwijd 14 merken, waaronder Jeep, Dodge, Chrysler, Fiat en Peugeot. Het financieren van de volgende generatie platforms voor elektrische modellen en software-ecosystemen voor zoveel merken legt een enorme druk op de ontwikkelingsbudgetten. Dit speelt met name in het premium segment. Maserati is daar op dood spoort beland. Het merk genereert te weinig verkopen om zelfstandig nieuwe modellen te kunnen ontwikkelen. Tegelijkertijd zijn er geen synergie-effecten realiseerbaar met bijvoorbeeld de pick-up trucks van RAM. Alfa Romeo moet het momenteel van een B-segment cross-over en een verouderde SUV voor het C-segment hebben; een absolute aanfluiting. De rentree van Lancia op de automarkt is op een fiasco uitgelopen.
Voor Jaguar Land Rover is de situatie iets anders. JLR is veel kleiner qua volume, maar probeert zichzelf ook opnieuw uit te vinden met meer elektrische en technologisch geavanceerde producten. Die transitie is duur voor elke premium fabrikant. Daarbij komt dat voor de doorstart van Jaguar alle kaarten ingezet worden op volledig elektrische modellen. De tijd zal moeten leren of dat verstandig is.
Hoewel deze twee bedrijven op het eerste gezicht totaal verschillende problemen lijken te hebben, kunnen er door samenwerking wel degelijk synergievoordelen ontstaan. Vanuit dat perspectief is het eigenlijk verrassend dat JLR en Stellantis nog niet samenwerken. Dat dit nu wel gebeurt, illustreert dat er in de auto-industrie andere tijden zijn aangebroken. Meer dan voorheen gaat het om het verlagen van de kosten en het versnellen van het tempo waarin nieuwe modellen op de markt gebracht kunnen worden.
De auto-industrie bereikt langzaam een punt waarop zelfs concurrenten bereid zijn kosten te delen als dat hen helpt de overgang naar elektrificatie sneller te doorstaan. Daarom zien we nu dat fabrikanten openlijker dan voorheen platforms, accu’s en softwaresystemen delen. Alles zelfstandig ontwikkelen is voor veel bedrijven simpelweg financieel niet meer haalbaar. Dit probleem speelt vooral op de Amerikaanse markt. Daar kampen fabrikanten momenteel met een (tijdelijke?) stagnatie in de vraag naar elektrische auto’s. Dat vergroot de noodzaak om snel hybride modellen op de markt te brengen. Maar het budget daarvoor is beperkt aangezien Chinese fabrikanten bereid zijn om agressief op prijs te concurreren. Zij kunnen dat ook doen vanwege de steun die zij vanuit Peking ontvangen.
Op dit moment verkennen Stellantis en JLR alleen nog de mogelijkheden. Er zijn nog geen nieuwe modellen bevestig, laat staan lanceringsdata of technische details. Maar zelfs in dit stadium zijn de gesprekken belangrijk omdat ze laten zien hoe snel de auto-industrie achter de schermen verandert. Een paar jaar geleden zouden dergelijke partnerschappen vreemd hebben geleken. Nu beginnen ze onmisbaar te lijken.
