Het Amerikaanse ministerie van Handel heeft het Chinees-Zweedse merk Polestar geen vergunning verleend om vanaf modeljaar 2027 elektrische auto’s te verkopen in de Verenigde Staten. De Trump-regering baseert zich voor deze beslissing op de Connected Vehicle Rule; een wet die de import en verkoop van voertuigen verbiedt als deze software of hardware bevatten die afkomstig zijn uit China.
De Connected Vehicle Rule is bedoeld om de nationale veiligheid te beschermen en cyberdreigingen tegen te gaan. De regelgeving is een initiatief van de vorige president van de Amerikaanse president, Joe Biden, maar wordt (ook) gehandhaafd door de regering-Trump.
Polestar bouwt al haar modellen, op de ‘3’ na, in China. Het merk is eigendom van het aldaar gevestigde Geely concern. Dat is Volvo, van waaruit Polestar is gepromoveerd van huistuner tot zelfstandig merk, ook maar dat merk bedient de Amerikaanse markt vanuit een eigen fabriek in het land en vanuit Europa. Daarom kreeg Volvo, ondanks dat het eveneens een dochtermerk is van het Chinese autoconcern, in mei wél toestemming om auto’s in de Verenigde Staten te verkopen.
Polestar maakt voor de productie van de ‘3’ weliswaar gebruik van de Amerikaanse Volvo fabriek die in de stad Ridgeville (in de staat South Carolina) is gevestigd, maar veel onderdelen komen uit China. Daarmee wordt volgens de Amerikaanse overheid een rode lijn overschreden. Vorig jaar ging het om meer dan 8.000 stuks van de Polestar 3. Het merk heeft 32 dealers in de Verenigde Staten. Die blijven operationeel als servicedealers voor bestaande klanten. Ook zullen zij Polestars uit de resterende voorraad aan modeljaar-2026 exemplaren blijven verkopen.
De beslissing van de Trump-regering heeft verder geen gevolgen voor de Polestar-verkoop elders in Noord-Amerika. “Canada wordt niet getroffen”, aldus een woordvoerder. “In dat land kunnen wij onze activiteiten gewoon voortzetten”.
Nicholas Long, managing partner van meerdere Polestar dealers in de VS, zegt dat dealers volledig verrast zijn door de beslissing. Hij uit zijn bezorgdheid over de manier waarop het merk de situatie heeft aangepakt. “De Zweden moeten weten dat wij miljoenen hebben geïnvesteerd. Het kan niet zo zijn dat Polestar nu zomaar zijn spullen pakt en vertrekt”. “Ons is jarenlang beloofd dat het merk aan de Amerikaanse regels zou voldoen”.
Niet dus. Polestar gaat nu haar wonden likken, maar het Amerikaanse verkoopverbod hoeft niet fataal te zijn voor het merk. Polestar heeft 78 procent van haar klanten in Europa zitten. De Verenigde Staten zijn goed voor slechts 6 procent. Dit neemt niet weg dat het Amerikaanse verkoopverbod een tegenslag is en niet helpt om uit de rode cijfers te komen.
