Volkswagen zet de ID.Golf in de ijskast. Door toenemende financiële druk ziet de autofabrikant zich genoodzaakt de investeringsprioriteiten te heroverwegen.
Volkswagen schort de ontwikkeling van de elektrische ID.Golf op om de uitgaven te beperken. De Duitse autofabrikant maakte dit besluit vandaag bekend in een financieel overzicht en erkent dat er voorzichtiger moet worden omgegaan met de toewijzing van financiële middelen, gezien het uitdagende economische klimaat.

David Powels, de financieel directeur van het merk Volkswagen en de ‘Brand Group Core’ *waartoe ook Cupra, Seat en Skoda behoren), bevestigt dit besluit tijdens een toelichting op de financiële prestaties van de groep over de eerste 9 maanden van het jaar. “Een specifieke maatregel is het tijdelijk pauzeren van de ontwikkeling van de toekomstige ID.Golf, totdat wij de noodzakelijke investeringen op een verantwoorde manier kunnen onderbrengen”, aldus Powels.
Het is een opvallende stap voor een fabrikant die herhaaldelijk het belang van elektrificatie heeft benadrukt, zeker omdat het hier gaat om een modelnaam die tot de bekendste in de hele auto-industrie behoort. Volkswagen kiest echter duidelijk voor financiële discipline in plaats van door te gaan met een kostbaar nieuw elektrisch model waarvoor op dit moment nog geen budget beschikbaar is.
Voor alle duidelijkheid: dit bericht betekent niet dat de ID.Golf is geschrapt. Powels omschrijft de opschorting als “tijdelijk” en houdt daarmee de deur open om de ontwikkeling te hervatten zodra de Volkswagen Groep de benodigde financiering rond heeft. Er is echter nog geen indicatie wanneer de ingenieurs het werk zullen hervatten, noch in hoeverre deze nieuwe vertraging gevolgen zal hebben voor de geplande marktintroductie.
De verwachting was dat de ID.Golf pas later dit decennium zou verschijnen, maar vertragingen rond het toekomstige ‘Scalable Systems Platform’ (SSP) van de Volkswagen Groep hebben de ontwikkeling bemoeilijkt. Deze architectuur van de volgende generatie was oorspronkelijk bedoeld als basis voor een breed scala aan elektrische voertuigen binnen het autoconcern, maar softwareproblemen en oplopende ontwikkelingskosten hebben de uitrol ervan vertraagd.
CEO Thomas Schäfer liet eerder al weten dat het bedrijf in 2028 nog geen elektrische Golf nodig had; een marktintroductie rond 2030 zou realistischer zijn. De eerste modellen op basis van het SSP-platform worden nu verwacht bij Audi en Porsche, nog voordat het hoofdmerk Volkswagen aan de beurt komt. Of de pauzering ook gevolgen heeft voor toekomstige modellen van Cupra en Skoda op basis van het SSP-platform, is niet duidelijk.
Het feit dat de ontwikkeling van een elektrische Golf in de ijskast is gezet, voegt een extra complicatie toe aan een toch al langdurig ontwikkelingsproces. Het herinnert ons er bovendien aan dat de elektrische transitie van Volkswagen niet alleen wordt gedreven door technische ambities, maar in gelijke mate door financiële realiteit. Het is nog maar kort geleden dat het bedrijf toegaf dat zijn elektrische modellen minder winstgevend zijn dan vergelijkbare auto’s met een verbrandingsmotor.
Voorlopig zullen de versies van de Golf met verbrandingsmotor, evenals de full-hybride en plug-in hybride varianten, de modelnaam moeten voortdragen, terwijl de elektrische tegenhanger wacht op gunstigere financiële omstandigheden.
Het idee van een elektrische Golf is voor de fabrikant uit Wolfsburg natuurlijk niet nieuw. Voordat het bedrijf overstapte op een specifiek EV-gamma, verkocht het de e-Golf: een volledig elektrische versie van de zevende generatie van de hatchback. Deze kwam in 2014 op de markt en bleef tot 2020 in het aanbod, waarna de productie werd beëindigd om plaats te maken voor de ID.3.
In tegenstelling tot de e-Golf werd de ID.3 vanaf de basis ontwikkeld als elektrische auto, in plaats van een bestaand model met verbrandingsmotor aan te passen. De hatchback (die na een facelift eerder dit jaar nu ‘ID.3 Neo’ heet) moest eigenlijk de weg vrijmaken voor de terugkeer van een elektrische Golf. Dat proces verloopt echter trager dan verwacht.
Kijkend naar de toekomst: de huidige Golf zou in 2027 een nieuwe facelift kunnen krijgen, op het moment dat de productie verhuist van Wolfsburg naar Puebla, in Mexico. Volkswagen heeft deze verplaatsing bevestigd als onderdeel van een bredere herstructurering van zijn Europese productieactiviteiten, gericht op het besparen van kosten. De Mexicaanse fabriek bereidt zich voor om de productie van zowel de Golf als de Golf Variant over te nemen.
Het is aannemelijk dat deze verhuizing gepaard zal gaan met een nieuwe reeks updates, om de 8ste generatie op die manier nog een aantal jaren concurrerend te houden. Dat is nu extra belangrijk geworden aangezien een ‘ID.Golf’ dus nog wel even op zich laat wachten.
De gevolgen kunnen verder reiken dan alleen het merk Volkswagen. Omdat de Skoda Octavia en de Cupra Leon veel techniek delen met de Golf, zou een verlenging van de levenscyclus van de huidige generatie ook invloed kunnen hebben op hoe lang deze nauw verwante modellen op de markt blijven. Aangezien de groep ernaar streeft de ontwikkelingskosten te verlagen en dubbele investeringen te schrappen, zullen deze compacte modellen met verbrandingsmotor waarschijnlijk langer in het aanbod blijven dan oorspronkelijk gepland. Het is immers financieel weinig zinvol om overhaast diverse verwante modellen te vervangen, terwijl hun elektrische opvolgers nog wachten op de architectuur van de volgende generatie van de groep.
Ander Volkswagen nieuws
Volkswagen is van plan om in het kader van zijn nieuwe strategie Chinese modellen van het merk in Turkije te gaan assembleren. Hiervoor worden nu reeds de eerste voorbereidingen getroffen. Het is de bedoeling dat er vanuit China grote aantallen CKD-kits (Completely Knocked Down) naar de productiefaciliteit in Turkije verzonden gaan worden. Deze stap is niet zozeer bedoeld om het Europese gamma te versterken, maar laat zien hoe het in Wolfsburg gevestigde bedrijf reageert op de verkoopcrisis in de Volksrepubliek. Fabrikanten zetten hun productiecapaciteit aldaar steeds meer inzet voor markten buiten China.
