Toyota Prius: zijn taak zit er in Duitsland op

0

De Toyota Prius maakte de weg vrij voor hybride aandrijftechnologie. Nu haalt de Japanse autofabrikant het model na ongeveer 2 decennia in Duitsland van de markt .

Alleen de optisch onderscheidende PHEV variant met een extern oplaadbare batterij blijft in het gamma. Ook in andere landen blijft de voorvader van de dubbele aandrijving gewoon te koop. Het einde voor de pionier komt op een moment waarin hybride techniek zich definitief in Duitsland heeft gevestigd. Alleen al in juni rolden ongeveer 20.000 auto’s met deze aandrijfvorm de weg op. Dat betekent een marktaandeel van ongeveer 9 procent, de stekker hybride modellen niet meegerekend. Maar de Prius kon daar niet van profiteren: slechts 24 klanten kozen in juni voor dit Toyota model, terwijl er sinds het begin van het jaar niet meer dan 268 orders genoteerd konden worden.

De belangrijkste reden voor het gebrek aan populariteit van de Prius is de grote concurrentie in eigen huis. Met de in 2019 geïntroduceerde Corolla, de SUV modellen RAV4 en C-HR en de Yaris, waarvan zojuist een nieuwe generatie is gelanceerd, heeft Toyota 4 hybride auto’s in het gamma waar veel meer vraag naar is. Samen zorgden zij alleen al in juni voor bijna 2.700 nieuwe kopers en sinds het begin van het jaar hebben zij bijna 18.000 klanten gevonden. Een belangrijke reden waarom de andere hybride modellen van Toyota de veteraan Prius hebben ingehaald in de verkoopstatistieken, is dat de gestroomlijnde carrosserie van de vierde generatie bij menig autoconsument te zwaar op de maag ligt. Duitse autokopers in dit segment geven traditioneel de voorkeur aan een meer klassiek gelijnd hatchback model zoals de Golf, Focus of Astra, of recentelijk de Corolla.

Over het algemeen heeft de Prius het in Duitsland altijd moeilijk gehad sinds hij in 2000 vanuit Japan werd geïmporteerd. Het publiek moest niet alleen aan zijn uiterlijk wennen, maar ook aan de manier van rijden: in ieder geval leden de eerste generaties onder een sterk ‘elastiek effect’ in de aandrijflijn. Bij ons gunde menig zakelijk rijder de tweede en derde generatie Prius het voordeel van de twijfel nadat er fiscaal voordeel te behalen was, maar is het door chauvinisme gekenmerkte Duitsland had men geen behoefte om de ‘2 motoren technologie’ te promoten. Het dieselschandaal openbaarde zich immers pas in 2015 en daarvoor waren onze oosterburen smoorverliefd op de eveneens zuinige, maar aanzienlijk krachtigere dieselmotoren van de Duitse fabrikanten. Die beschouwde men toen nog als ‘milieuvriendelijk’ vanwege de lage CO2 uitstoot. Onterecht, zoals het emissieschandaal heeft aangetoond.

In andere Europese landen waren de voorbehouden minder uitgesproken. In goede jaren wist Toyota voor de Prius meer dan 40.000 orders te noteren. En zelfs sinds de concurrentie van eigen en andere merken is gegroeid, zijn dat er nog steeds zo’n 10.000. In veel landen is dat niet in de laatste plaats te danken aan de taximarkt, waar de hybride zich als zuinige en betrouwbare auto wist te profileren. In Duitsland zie je de Japanner echter zelden tussen alle modellen van Mercedes en Volkswagen. Dat verandert ook niet meer.

Reageren is niet mogelijk.