Stijgende nieuwprijzen en het ‘afschrikbeleid’ van de regering-Schoof ten aanzien van elektrisch rijden komen de restwaarden van auto’s met een verbrandingsmotor ten goede. Dat stelt restwaardebepaler Autotelex. Tegelijkertijd is de afschrijving van elektrische auto’s nog steeds sterker dan gemiddeld.
Dat er bij elektrische auto’s nog steeds een sterker dan gemiddelde afschrijving aan de orde is, komt vooral door dalende nieuwprijzen. De Tesla Model 3 is daar een goed voorbeeld van, maar ook andere autofabrikanten verlagen regelmatig de tarieven van hun elektrische auto’s. Overigens betekent de algehele prijsdaling niet dat er weinig vraag is naar tweedehands exemplaren van de Model 3. Van deze elektrische auto is de restwaarde juist stabiel omdat hij op de occassionmarkt goed geld oplevert. In de handel is er wel sprake van een prijsdaling bij andere elektrische modellen.
Bij auto’s met een verbrandingsmotor (en dat zijn in de praktijk vaan benzinemodellen) geldt door stijgende nieuwprijzen (ook als gevolg van de BPM) en door het afschrikbeleid van de regering-Schoof ten aanzien van elektrische auto’s restwaarden gunstig zijn. Ook over PHEV modellen is Autotelex positief. Door het vervallen van de speciale BPM-tabel blijft een PHEV een aantrekkelijk alternatief en dus ook tweedehands interessant. Toch zijn er ook minpunten. De complexe techniek, de hoge brandstofkosten als er niet geladen wordt en de MRB die in 2025 stijgt naar 75 procent en vanaf 2026 100 procent is, kunnen de restwaarde in de toekomst onder druk zetten.
