Het is nu een kleine 3,5 jaar geleden dat Smart een doorstart maakte op de Europese automarkt. Dat gebeurde met de in China geproduceerde #1, een compacte elektrische cross-over. Dit betekende dat de dagen van de Fortwo, die in het Franse Hambach het levenslicht zag, geteld waren (de Forfour was al eerder van het toneel verdwenen).
Het Duitse Daimler concern, vooral bekend van Mercedes-Benz, vond dat niet erg: de auto’s van Smart hadden nog nooit een eurocent opgeleverd. Daarom werd de helft van de aandelen overgedaan aan het Chinese Geely Auto in de hoop dat die partner van het merk wel een commercieel succes zou kunnen maken. Helaas: de #1 wist verkoop technisch in Europa amper een deuk in een pakje boter te slaan. De komst, een jaar later, van de #3, een wat groter en hoger model, bracht geen verandering in de situatie. Een jaar geleden opende Smart de orderboeken voor de #5. Dat is een kloeke SUV die met zijn uiterlijk helder communiceert dat hij niet met zich laat spotten, maar de Europese autoconsument wordt niet koud of warm van deze vaandeldrager. Smart is nu zo desperaat dat zij in eigen land haar modellengamma gaat uitbreiden met de #6, een bijna 5 meter lange sedan. Let wel: we hebben het hier dus over een merk dat ooit zijn bestaansrecht ontleende aan ultracompacte stadsauto’s. De constatering dat Smart zich momenteel in een identiteitscrisis bevindt, zou dus kunnen kloppen als een bus. Als mensen of winkels zich in een dergelijke situatie bevinden, dan gaan zij terug naar hun oorsprong. Smart lijkt nu hetzelfde te doen, want zij heeft besloten om nu te kiezen voor reïncarnatie van een model waar het allemaal mee begon: de Fortwo.

De moderne, Chinese interpretatie van dit kleine stadswagentje heet #2. Het getal in de modelnaam is klip en klaar een verwijzing naar de Fortwo. Op de Beijing Auto Show toont Smart een conceptversie van de #2. Het ontwerp is overduidelijk een eerbetoon aan zijn stamvader: de door het Mercedes designteam ontworpen carrosserie met slechts 2 zitplaatsen (de Duitsers zijn nog steeds voor de helft eigenaar van Smart; de in de koplampen geïntegreerde coördinaten verwijzen niet toevallig naar het hoofdkantoor in Singelfingen), de wielen in de uithoeken van het koetswerk, het in een contrasterende kleur uitgevoerde dak en een lengte van slechts 2,79 meter: dat zijn allemaal elementen die verwijzen naar het originele model uit 1998. Dat de tijd sindsdien niet heeft stilgestaan, kunnen we zien aan onder andere de led pixels. De verbrandingsmotoren hadden aan het eind van de carrière van de laatste (derde) generatie Fortwo al afgedaan, dus ook de #2 is volledig elektrisch.

Veel meer informatie geeft Smart nog niet prijs, alleen dat voor de #2 gebruik wordt gemaakt van het zelf ontwikkelde ECA platform (Electric Compact Architecture) en dat de actieradius zo’n 300 km bedraagt. De batterij die dit bereik mogelijk maakt, kan in minder dan 20 minuten van 10 procent naar 80 procent worden opgeladen. Daarnaast beschikt de #2 over V2L functionaliteit. Verder impliceert een draaicirkel van 6,95 meter een uitstekende wendbaarheid in drukke stadscentra met smalle straten.

Het is denkbaar dat er later een Brabus variant volgt. Van de andere Chinese Smart modellen is er immers ook een dergelijke uitvoering. Een Cabrio versie (met canvas dak) ligt minder voor de hand. De meeste Chinezen houden er namelijk niet van om tijdens het rijden deelgenoot te worden van klamme en vieze buitenlucht.

De productieversie, die minder breed zal zijn dan de conceptstudie en die minder grote wielen krijgt, wordt in oktober voorgesteld op de autosalon van Parijs. Dan is de comeback van de Fortwo een feit. Maar hoeveel Europeanen kijken daar hals reikend naar uit? Ten tijde van de Fortwo te weinig om van het model een commercieel succes te maken. Anders dan de Fiat 500, de Mini of de Renault 5 was de originele Smart geen million seller. Het lijkt er meer op dat Smart nog steeds desperaat is en weemoed heeft naar een tijd die nooit bestaan heeft …

Bedacht moet worden dat niet elke comeback succesvol is. Momenteel is de reïncarnatie van Lancia een gênante vertoning. Aan de andere kant van het spectrum maakt de comeback van Hummer geen enkele indruk. En bij de buitensporig grote auto’s is ook Maybach een voorbeeld van hoe het niet moet. Verder ligt het Britse autokerkhof vol met merken die een comeback hebben proberen te maken.
