De oorlog tegen de verbrandingsmotor gaat door. Groot-Brittannië was aanvankelijk van plan om pas in 2040 een verbod op de verkoop van auto’s met een benzine- of dieselmotor af te kondigen, maar nadat die datum eerder al met 5 jaar werd vervroegd naar 2035, treedt de ban al in 2030 in werking.
Groot-Brittannië mikt op nul netto CO2 uitstoot in 2050. Mobiliteit maakt in Europa ongeveer 12 procent van die emissie uit dus daar valt veel te ‘halen’. Al kan men zich afvragen of een elektrische auto wel zo milieuvriendelijk is als voor de stroomvoorziening gebruik wordt gemaakt van fossiele brandstoffen. Maar dat maakt politici in Europa niet uit. Zij buitelen over elkaar heen om in een soort opbod auto’s met een verbrandingsmotor zo snel mogelijk uit te bannen. Ondanks dat er nog geen wetenschappelijke consensus is over de mondiale milieueffecten van dergelijk beleid. De omschakeling naar elektrische mobiliteit zorgt onmiskenbaar voor een daling van de lokale uitstoot, maar vanuit breder perspectief blijven er echter grote vraagstukken op ecologisch vlak.

Zwaait benzine- en dieselauto’s uit: Britse premier Boris Johnson
Zelfs fabrikanten van elektrische auto’s geven toe dat hun voertuigen pas milieuvriendelijker wanneer zij opgeladen worden met groene stroom, de eigenaar véél kilometers rijdt en de batterijrecycling op een ecologisch verantwoorde wijze plaatsvindt. Dat laatste aspect is op dit moment nog louter theorie. Andere grote pijnpunten zijn de kostprijs (een kleine elektrische auto kost algauw 30.000 euro) en de ontoereikende infrastructuur voor het opwekken en leveren van elektriciteit. Maar net als in de Nederlandse toeslagenaffaire zijn ook politici Oost-Indisch doof indien hen dat goed uitkomt. De Britse premier Boris Johnson toont zich daarom onverzettelijk bij het uitbannen van de auto met een verbrandingsmotor.
Net als in de rest van Europa staat de aankondiging van de Britse regering haaks op het aankoopgedrag (en de wensen?) van de autoconsument. Benzine- en dieselvoertuigen (zonder elektrische ondersteuning) zijn dit jaar in het Verenigd Koninkrijk goed voor 73,6 procent van de verkoop van nieuwe personenwagens. Elektrische auto’s hebben een marktaandeel van slechts 5,5 procent oftewel 75.946 stuks. Dat komt niet in de laatste plaats door de tekortschietende laadinfrastructuur. Als pleister op de wond heeft Johnson daarom een investeringsplan van meer dan 2,8 miljard pond (3,1 miljard euro) aangekondigd. Daarmee moet het aantal laadpalen flink worden uitgebreid. Het is echter onduidelijk of die investering veel verschil zal uitmaken.
Het verkoopverbod dat in 2030 ingaat heeft betrekking op modellen die alleen gebruik maken van een verbrandingsmotor voor de aandrijving. Er is nog een overgangsperiode van 5 jaar voor stekker hybride auto’s. Althans, voor modellen die “een aanzienlijke afstand kunnen afleggen zonder enige uitstoot”. Johnson noemt hiervoor evenwel nog geen concreet actieradius cijfer. En met haar huidige gamma gaat Toyota een serieus probleem krijgen, want zelf opladende hybride auto’s (zoals de Prius) worden al in 2030 in de ban gedaan. Dat geldt ook voor mild hybride personenwagens zoals de Fiat Panda. Het Verenigd Koninkrijk wil de komende 10 jaar twaalf miljard pond (zo’n 13,4 miljoen euro) in groene projecten investeren.
De 3,1 miljard euro die de Britse overheid vrijmaakt, zal worden gebruikt voor uitbreiding van de laadinfrastructuur; een absolute voorwaarde voor het kunnen verbieden van de verkoop van auto’s met een verbrandingsmotor. Van dit bedrag zal 500 miljoen Britse pond worden gebruikt om de bouw van grote fabrieken voor duurzame batterijen te subsidiëren, een belangrijk element, zeker als de Brexit doorgaat zonder een ‘deal’. Het idee is dat met name Jaguar Land Rover een belangrijke klant gaat worden van die fabrieken. Volkswagen heeft echter besloten om de eerste elektrische SUV van Bentley in Duitsland te gaan bouwen, dus op die batterij klandizie kan niet worden gerekend. Johnson zegt dat er ook 600 miljoen Britse pond subsidie komt voor de aanschaf van een elektrische auto. Dat is namelijk een must. Het marktaandeel van elektrische auto’s bedraagt nu immers zoals gezegd slechts 5,5 procent. Al is dit wel een toename van 168,7 procent ten opzichte van vorig jaar. Noorwegen zit inmiddels al op een marktaandeel van 50 procent voor elektrische auto’s.
Andere Europese landen willen uiterlijk 2050 ook volledig koolstof neutraal zijn. Noorwegen, dat de verkoop van auto’s met een verbrandingsmotor al in 2025 aan banden legt, loopt daarbij voorop. Ierland, Duitsland en Nederland nemen bij deze milieuagenda een middenpositie in. Frankrijk en Spanje volgen in 2040. Voor PSA, eigenaar van het lokale automerk Vauxhall, komt het streven van de Britse regering “eerder dan gepland”, maar zij stelt op schema te liggen om aan die eis te voldoen. Net als elders in Europa is de elektrische versie van de Corsa momenteel ook in het Verenigd Koninkrijk een grote verkoop hit. Jaguar Land Rover zegt “de plannen van de regering te omarmen”, al kan het nog steeds zo zijn dat het vrijwel productierijpe ontwerp voor een elektrische XJ (met in diens kielzog een eveneens emissievrije J-Pace en Road Rover) op de valreep wordt afgeschoten. Dat heeft te maken met twijfels over het wereldwijde verkoop potentieel. De auto-industrie zou daarom veel liever zien dat er één lijn wordt getrokken bij de uitbanning van auto’s met een verbrandingsmotor. Maar elk land heeft dus zijn eigen agenda, zo blijkt.
“Ook nu dit jaar anders is verlopen dan aanvankelijk was verwacht, ben ik onze ambitieuze plannen niet uit het oog verloren”, aldus Johnson. De kern van het Britse verduurzamingsplan draait om elektrisch vervoer en de bouw van windmolenparken in zee. De investeringen moeten in verschillende branches tot een kwart miljoen extra ‘groene’ banen leiden, vooral ver buiten Londen. De Britse regering wil zo de regionale verschillen in levensstandaard rechttrekken. Het welvaartsniveau is in het noorden van het Verenigd Koninkrijk beduidend lager dan in het zuiden.
