4 jaar geleden presenteerde Luca de Meo zijn stappenplan om het falende Renault te transformeren tot een schitterende diamant. In dit artikel wordt teruggeblikt op de verschillende onderdelen van de ‘Renaulution’ met als doel te controleren of de in 2021 gestelde doelen zijn gehaald.
Wat is de beoordeling na 4 jaar Renaulution?
Ik weet niet zeker of de datum in het rood in zijn dagboek staat. Hoe dan ook, 14 januari 2021 zal ongetwijfeld als een mooie dag in het geheugen van Luca de Meo blijven hangen. Het is alweer 4 jaar geleden dat de nieuwe baas van de Renault Groep zijn routekaart presenteerde, zijn ‘Renaulution’, die bedoeld was om het diamantmerk uit het slop te trekken waarin het was beland na de arrestatie en afzetting van Carlos Ghosn. Maar eigenlijk draaide daarvoor de motor bij Renault al niet lekker meer.

Van de op 14 januari 2021 aangekondigde maatregelen zijn sommige doorgevoerd, andere niet. En er zijn ook dingen bijgekomen die niet in het oorspronkelijke plan stonden. Feit blijft dat datgene wat De Meo beloofd had, over het geheel genomen is uitgekomen. Tegenwoordig gaat het goed met de autofabrikant. Vanuit Billancourt richt De Meo nu wellicht meewarig zijn blik op Poissy waar het hoofdkantoor van Stellantis is gevestigd; een directe concurrent die door een bedrijfseconomisch verslechterde gezondheid aan het wankelen is geraakt. Ook al bevindt het hele sterrenstelsel van 14 merken zich niet in het rood.
Een doodgeboren Lada-Dacia fusie
Wat kondigde de nieuwe CEO van Renault begin 2021 aan? Menigeen zal het vergeten zijn, maar die dag benadrukte De Meo zijn wens om zijn budgetmerken Dacia en Lada te hergroeperen, aangezien Avtovaz, het Russische bedrijf dat de betreffende Lada’s produceerde, eigendom was van Renault. Het uiteindelijke doel was een fusie.
De deal ging duidelijk niet door. De Meo kan echter niet verantwoordelijk worden gehouden voor de oorlog in Oekraïne, de daaruit voortvloeiende economische sancties tegen Rusland en de overname van Avtovaz door Moskou zonder enige compensatie. Resultaat: een nettoverlies van 2,3 miljard voor Renault.

Alpine: het huiswerk is nog niet af
In 2021 zette De Meo zwaar in op Alpine. 4 jaar later kan niet worden gezegd dat al zijn ambitieuze doelen zijn bereikt. De rentree van het merk in de Formule 1, dat tot doel had om de internationale reputatie van het merk meer glans te geven, is op zijn zachtst gezegd geen groot succes. De Meo voorspelde 4 jaar geleden dat Alpine in 2026 wereldkampioen Formule 1 zal worden.
We kunnen gerust stellen dat het raceteam, ondanks de motorwissel, volgend jaar niet tot kampioen zal worden gekroond. De andere ambities van het sportmerk van Alpine zijn wel waargemaakt: de A290 is in productie en de A390 komt eraan. Er is nog steeds sprake van een tekort aan winstgevendheid en de doelstelling om jaarlijks 150.000 auto’s te verkopen zal moeilijk te behalen zijn. Ook kan de geplande betreding van de automarkt van de Verenigde Staten in gevaar kan komen door de douaneheffingen die aangekondigd is door de regering-Trump.

Een compleet vernieuwd assortiment
Luca de Meo had daarentegen tijdens de presentatie van zijn Renaulution beloofd het modellengamma van Renault op te schonen. In die missie is de CEO met vlag en wimpel geslaagd. Sinds 2021 gaan tussen de geboorten van de Symbioz, de Mégane E-Tech, de Scénic E-Tech, de Austral, de Espace, de 5 E-Tech en de nieuwe Master geen 3 maanden voorbij zonder dat er een nieuw model of facelift wordt gelanceerd.

Op de rol voor 2025 staan een facelift voor de Austral en Espace. Daarnaast krijgen wij wellicht aan het eind van het jaar de eerste foto’s van de ingrijpend vernieuwde Clio te zien. De Mégane E-Tech, die momenteel in eigen land slechter verkoopt dan de MG ZS EV (!), kan ook wel een opfrisbeurt verkopen. Daarnaast wordt het spannend om te zien of de 4 E-Tech net zo’n vliegende verkoopstart zal hebben als de 5 E-Tech. In 2026 mag de nieuwe Twingo zich in dit opzicht gaan bewijzen.

Medio 2027 zal menigeen opnieuw zijn adem even inhouden, want dan is de start van de lancering van een nieuwe generatie elektrische modellen door Renault. Daarmee wil het merk hogerop. Niet perse een deel van de automarkt waar Renault traditioneel succesvol is. Om het zachtjes uit te drukken. Maar je weet maar nooit. Wie weet lukt het Renault om de zakenman (m/v) in 2027 net zo te bekoren als indertijd met de 16 (1965) of de 25 (1985) …
5 E-Tech: Renault levert opnieuw de Auto van het Jaar
Het modellenoffensief van De Meo bestond niet uit losse flodders. Van het grote aantal gelanceerde modellen, waren er 2 goed genoeg om uitgeroepen te worden tot ‘Auto van het Jaar’ (de Scénic E-Tech en de 5 E-Tech). Dit soort applaus is altijd welkom. Maar terwijl de verkoop van thermische modellen goed verloopt, gaat het niet goed met de volledig elektrische modellen. Na een snelle start stagneert de belangstelling voor de Mégane E-Tech. Voor de Scénic E-Tech geldt hetzelfde, ondanks dat dit model kan pronken met een Auto van het Jaar bokaal. De eerste tekenen van verkoopsucces van de 5 E-Tech zijn zeker bemoedigend, maar de auto is nog maar net op de markt. Zal deze Renault ook als warme croissants over de toonbank blijven gaan als de media-aandacht verflauwt? En zal de 5 E-Tech ook op markten waar het origineel uit 1972 niet dezelfde cultstatus heeft als bijvoorbeeld in Frankrijk, als ‘woest aantrekkelijke’ worden beschouwd.

Mobilize komt vrijwel tot stilstand
Er zijn nog steeds een aantal mislukkingen en omissies in de lange routekaart die in 2021 werd aangekondigd. Wat de mislukkingen betreft, hebben de nieuwe mobiliteitsopties, gegroepeerd onder het merk Mobilize, het moeilijk. Het doel was om verschillende voertuigen van verschillende afmetingen samen te brengen. Helaas is de Limo, bedoeld voor taxibedrijven, een flop en is er nu alleen nog de Duo, een vernieuwde versie van de Twizy, in het assortiment. De Meo hoopte 20 procent van de Renault-omzet te realiseren met de Mobilize divisie. Het bedrijf is nog ver van die doelstelling verwijderd.
Een nieuwe alliantie die niet zal plaatsvinden
Nog een opvallende mislukking: de nieuwe, flexibelere alliantie met Nissan, die de oude, rigide verhoudingen tussen Renault en Nissan moest vervangen, loopt waarschijnlijk ten einde. Onder druk van de Japanse regering stuurt Nissan nu aan op een huwelijk met Honda. De afspraken uit 2021 voor een door Renault te bouwen, nieuwe Micra die grote overeenkomsten zal vertonen met de 5 E-Tech, staan niet op de tocht. Daarvoor bevindt dit samenwerkingsproject zich in een te ver gevorderd stadium. Maar de Nissan versie van de Twingo zou wel eens kunnen mislukken.

Hetzelfde geldt voor de geplande toetreding van de voormalige alliantiepartner tot de Ampère entiteit, die door Renault is opgericht om haar elektrische modellen te bundelen. De Meo wil nu de 35 procent van de aandelen die Renault in Nissan heeft, verkopen. Een transactie die het einde van de alliantie zal bezegelen. Direct nadat de banden met Nissan zijn doorgeknipt, zal de vraag gesteld worden: wie wordt dan de nieuwe partner van Renault? Een vrijwel onmogelijk te beantwoorden vraag. Qua bedrijfscultuur ligt een fusie met Stellantis het meest voor de hand, maar dat zullen de mededingingsautoriteiten nooit toestaan. Volkswagen denkt zich op eigen kracht weer gezond en fit te kunnen maken. Een fusie met BMW of Mercedes ligt niet voor de hand wegens het ontbreken van voldoende synergie-effecten. Hyundai en Kia hebben genoeg aan elkaar. In Japan zijn de kaarten geschud (Toyota/Mazda/Subaru/Suzuki versus Honda/Mitsubishi/Nissan) en controle verwerving door een Chinese autofabrikant zal voor de Franse regering onbespreekbaar zijn. Advies aan De Meo: probeer in het vizier te komen bij Jim Farley, de baas van Ford, en overtuig hem er van dat jij, namens de Renault Groep, de enige bent die van zijn Europese divisie weer gezond kan maken.

Conclusie
Zoals we kunnen zien, heeft De Meo, ook al zijn nog niet alle hoofdstukken van zijn Renault-reorganisatieplan uit 2021 afgerond, toch een revolutie teweeggebracht bij Renault. Hij heeft zich niet strikt gehouden aan zijn ‘Renaulution’, maar het is het resultaat dat telt. En dat zondermeer indrukwekkend.
