De Amerikaanse invoerheffing op Britse auto’s gaat sterk omlaag. Dat heeft premier Keir Starmer van het Verenigd Koninkrijk voor elkaar weten te krijgen tijdens de onderhandelingen met de Amerikaanse president Donald Trump over een handelsdeal.
Starmer maakte de details van de overeenkomst bekend op een zeer gepaste locatie, namelijk in de grootste autofabriek van het Verenigd Koninkrijk, die van Jaguar Land Rover. De belasting op Britse auto’s die naar de Verenigde Staten worden geëxporteerd, wordt voor de eerste 100.000 exemplaren per jaar verlaagd van 27,5 procent naar 10 procent. Dit is overigens nog steeds een verhoging, want voor de handelsoorlog-verklaring van Trump was de importheffing 2,5 procent.
De Amerikaanse markt is belangrijk voor Britse autofabrikanten. Niet alleen voor Jaguar Land Rover, maar ook voor Aston Martin, Bentley, McLaren, Mini en Rolls-Royce. Het Verenigd Koninkrijk exporteerde vorig jaar voor 9 miljard pond aan auto’s naar de Verenigde Staten, waarmee het na de Europese Unie de belangrijkste afzetmarkt is voor de Britse auto-industrie. Vorige maand pauzeerde Jaguar Land Rover de export in reactie op de Amerikaanse importheffing op auto’s, die 3 april inging.
Of het voor Amerikaanse autofabrikanten nu ook makkelijker wordt om hun waar op de Britse markt te verkopen, meldt Starmer niet. Dat ligt overigens wel voor de hand want het is Trump een gruwel dat wij in Europa te weinig Amerikaanse auto’s afnemen. Pikant: Mini’s moederbedrijf BMW zei van de week al dat de soep voor wat betreft de aangekondigde hogere importheffingen niet zo heet gegeten zou gaan worden als hij in maart werd opgediend. Dat lijkt nu, voor Groot-Brittannië althans, uit te komen.
